Met de voorgenomen aanschaf van een een heel nieuw tankbataljon, extra F-35-straaljagers, onderzeebootjagers en nieuwe gevechtshelikopters treedt defensie een nieuw tijdperk tegemoet. De tijd dat de krijgsmacht onder aan de politieke prioriteitenlijst bungelde, is definitief voorbij.
Het ministerie kondigt investeringen aan in alle krijgsmachtonderdelen. Zo komt er ook extra geld voor de aanschaf van drones, mobiele antidronekanonsystemen en een lasersysteem. Ook wordt de marechaussee versterkt en wordt structureel 260 miljoen euro extra uitgetrokken om personeel te behouden en binnen te halen.
Minister Ruben Brekelmans (VVD) en staatssecretaris Gijs Tuinman (BBB) maakten de plannen donderdag bekend in hun Defensienota, die zij presenteerden op een kazerne in Amersfoort. ‘De beste manier om oorlog te voorkomen is mogelijke tegenstanders op afstand houden. Dat vraagt om een geloofwaardige, sterke en innoverende krijgsmacht’, zo verklaarde Brekelmans zijn strategie.
Brekelmans en Tuinman zijn de eerste bewindslieden van het kabinet-Schoof die hun opdrachten uit het hoofdlijnenakkoord hebben uitgewerkt. Coalitiepartijen PVV, VVD, NSC en BBB spraken daarin af om 2,4 miljard euro extra per jaar in defensie te investeren. Dat moet ervoor zorgen dat Nederland gaat voldoen aan de norm van het Navo-bondgenootschap: militaire uitgaven dienen minimaal 2 procent van het bruto binnenlands product (bbp) uit te maken.
Over de auteur Raoul du Pré is chef van de politieke redactie van de Volkskrant.
Alles over politiek vindt u hier.
Nederland voldeed in de voorgaande decennia bij lange na niet aan die norm. De geopolitieke ontwikkelingen - de Russische inval in Oekraïne voorop - maakten dat Nederland in de afgelopen jaren snel meer is gaan investeren, zoals vrijwel alle Europese landen.
‘De nietsontziende Russische agressie in Oekraïne laat zien dat een aanval op het Navo-bondgenootschap niet meer ondenkbaar is’, aldus Brekelmans donderdag. ‘Dat zou vergaande consequenties hebben voor de Nederlandse
veiligheid en welvaart. Met onze bondgenoten moeten we ons daarom maximaal inzetten om dit te voorkomen.’
Met de terugkeer van een Nederlands tankbataljon gaat een langgekoesterde wens van een meerderheid van de Tweede Kamer in vervulling. De laatste tanks verlieten dertien jaar geleden het land, toen als gevolg van de bezuinigingen van het eerste kabinet-Rutte en vanuit de gedachte dat tanks niet langer nodig waren.
Daar kwam defensie na de annexatie van de Krim door Rusland in 2014 op terug. Inmiddels worden daarom alweer achttien tanks geleased van Duitsland, als onderdeel van een Nederlands-Duits tankbataljon. Voor een eigen bataljon heeft Nederland volgens de Navo-standaard in elk geval 44 tanks nodig, plus acht stuks voor onder meer opleiding en logistieke reserve.
Met de investering hoopt het kabinet tegemoet te komen aan de aanhoudende kritiek vanuit het Navo-hoofdkwartier en vanuit de Verenigde Staten dat Nederland achterblijft. Vorig maand nog rapporteerde het bondgenootschap dat het ‘significante kwalitatieve en kwantitatieve tekortkomingen’ ziet in de Nederlandse krijgsmacht: ‘Na decennia van onderbesteding zijn aanvullende investeringen nodig. Voor alle oplossingen is het noodzakelijk dat Nederland zowel de financiële als de personele middelen opvoert.’
Een groter probleem dan het tekortschietende materieel is waarschijnlijk het personeelstekort waarmee defensie, zoals vrijwel alle publieke sectoren, al jaren kampt. Er staan duizenden vacatures open, terwijl het ministerie de personeelscapaciteit ook nog wil uitbreiden. De Algemene Rekenkamer waarschuwde eerder dit jaar dat de ‘operationele gereedheid’ van de krijgsmacht in hoge mate afhangt van de personele bezetting.
Onder meer met het dienjaar hoopt defensie in de komende jaren meer jongeren aan te trekken, maar het departement denkt dat dat niet voldoende is. Brekelmans schrijft in zijn nota dat hij ‘niet direct terug wil naar de dienstplicht van vroeger’, maar hij wil wel toe naar een ‘dienmodel dat gradueel vrijblijvendheid kan afbouwen’.
Dat is in het landsbelang, denkt hij. ‘In geval van een grootschalig conflict zullen substanstiële aantallen troepen voor de Navo moeten worden geleverd, aangevuld of vervangen en is een substantiële hoeveelheid eenheden op het eigen grondgebied nodig. Dit vergroot de behoefte aan mobilisabele eenheden en militairen, waarvoor het vrijwilig dienjaar en de reservisten niet volstaan.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant