Home

Opslag radioactief afval vraagt om meer actie van kabinet: 'Anders te laat'

Met de plannen van het kabinet om de komende jaren in te zetten op kernenergie, rijst ook de vraag hoe en waar radioactief afval straks veilig kan worden opgeslagen. Denk daar nu alvast over na, drukken onderzoekers het nieuwe kabinet op het hart.

Op dit moment wordt radioactief afval tijdelijk boven de grond opgeslagen bij de Centrale Organisatie Voor Radioactief Afval (COVRA), vlak bij kerncentrale Borssele in Zeeland. Het afval komt voor het grootste gedeelte vrij bij het opwekken van kernenergie, maar ook uit ziekenhuizen, onderzoekslaboratoria en de industrie.

Per jaar wordt er in Nederland zo'n 114 kubieke meter radioactief afval geproduceerd. 1 procent daarvan, het afval met de hoogste straling, belandt bij COVRA. Bij dat soort radioactief afval duurt het honderdduizenden jaren duren voordat de straling vergaat. Bij COVRA kan het afval voorlopig blijven liggen, maar ook daar zit het op een gegeven moment vol.

Daarom wil de overheid in 2100 een beslissing nemen over een veilige, permanente bestemming voor het afval. De voorkeur ligt bij eindberging diep onder de grond, maar het organiseren daarvan is wel een uitdaging. De zogenoemde geologische berging zou pas rond het jaar 2130 kunnen beginnen.

Het lijkt voorbarig om nu al na te denken over plannen die pas rond 2130 uitgevoerd zullen worden. Toch is er haast bij geboden, staat in een advies van het Rathenau Instituut aan het nieuwe kabinet. Zeker nu dat kabinet plannen heeft om vier nieuwe kerncentrales te bouwen in Nederland en de kansen van kleine reactoren te onderzoeken. Als die plannen doorgaan, komt er meer radioactief afval vrij dan nu.

In het advies dat vandaag uitkomt, staat dat het zaak is om meteen te beginnen met het bekijken van de mogelijkheden en de samenleving daar nauw bij te betrekken. Met wachten worden toekomstige generaties belast, zijn bergingslocaties mogelijk al vol en lopen we kansen mis om met andere landen samen te werken.

Het huidige beleid bevat te weinig richting en urgentie en loopt bovendien achter op andere landen, concluderen de onderzoekers. Die landen zijn bijvoorbeeld al decennialang bezig met het vinden van een locatie. "Wij adviseren om dat jaar 2100 los te laten en nu aan de slag te gaan, anders is het te laat", zegt Romy Dekker, een van de onderzoekers van Rathenau. "Redeneer vooruit en niet achteruit."

Zij deden ruim vijf jaar lang onderzoek naar het proces rondom het beheer van radioactief afval. Het Rathenau Instituut publiceerde eerder een uitgebreid onderzoek naar de geschiedenis van radioactief afval en hoe daar vroeger in Nederland mee om werd gegaan.

Radioactieve stoffen werden bijvoorbeeld nog tot 1984 in de Atlantische Oceaan gedumpt. Daartegen kwam steeds meer protest vanuit de samenleving. Toen is COVRA begonnen met de bovengrondse opslag als tijdelijke oplossing.

"Eigenlijk is er de afgelopen veertig jaar nauwelijks meer iets veranderd in dat beleid", benadrukt Dekker. Dat heeft deels te maken met dat er al die tijd weinig plannen voor nucleaire groei waren, tot het vorige kabinet.

Staatssecretaris Chris Jansen (Openbaar Vervoer en Milieu) reageert dat hij met de aanbevelingen aan de slag gaat. Hij wil de knoop over eindberging het liefst al voor 2100 doorhakken. "Het zal een project worden dat meerdere generaties zal beslaan", schrijft Jansen in een Kamerbrief. "Des te belangrijker dat we daar nu mee starten."

Van alle landen is Finland het verst met eindberging diep onder de grond. De bouw van de berging is daar zo goed als klaar en ook is er al een vergunning afgegeven om het radioactieve afval op 400 meter diepte in tunnels te plaatsen.

Naar verwachting begint het land daar volgend jaar mee. Een eeuw later wordt de berging in Onkalo voor eeuwig afgesloten.

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next