Per Johansson stapt onverwachts op als bondscoach van de handbalsters. De Zweed pakte geen prijzen en het handbalverbond vraagt zich af of medailles voorlopig realistisch zijn. ‘Misschien moeten we daar echt even een pas op de plaats maken.’
Ruim een jaar voor het WK in eigen land moeten de Nederlandse handbalsters plotseling op zoek naar een nieuwe bondscoach. De Zweed Per Johansson had een contract tot en met dat toernooi, maar ziet het niet meer zitten om verder te gaan. Verrassend, want in het voorjaar hintte hij juist nog op een langer verblijf.
‘Dit is GEEN drama’, relativeert de Zweed via WhatsApp. ‘Het leven gaat door.’ Zijn besluit komt niettemin op een bijzonder moment, want over een jaar organiseert Nederland, samen met Duitsland, zelf het WK. De ploeg droomt al jaren van nieuwe medailles, zeker voor een uitzinnig thuispubliek, maar de Zweed ziet die missie voor zichzelf niet zitten. ‘Ik ben niet de coach om dit voort te zetten.’
Over de auteur
Dirk Jacob Nieuwboer is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft over voetbal en handbal.
Het besluit komt ook voor het Nederlands Handbalverbond (NHV) uit de lucht vallen. ‘Ik had verwacht dat we gewoon door zouden gaan’, zegt technisch directeur Jeroen Bijl. In ieder geval tot en met het WK in 2025, wellicht nog langer. Maar na de Olympische Spelen deze zomer trok Johansson zelf de conclusie dat het beter was om te stoppen.
Nederland strandde in Frankrijk in de kwartfinales en haalde voor de zesde keer op rij geen medaille op een groot toernooi. Sinds het WK in 2019 viel de ploeg steeds buiten de prijzen, met Johansson kwamen de handbalsters niet verder dan een zesde plek (EK 2022) en twee vijfde plaatsen (WK 2023 en Spelen).
Nog voor zijn vierde (EK dit jaar) en vijfde (WK 2025) poging verscheurt de Zweed nu zijn contract. Terwijl hij zelf in het voorjaar juist nog hengelde naar een langer verblijf. Op een persbijeenkomst kwam hij toen zelf – zonder dat er direct naar werd gevraagd – met de mededeling dat hij best langer wilde blijven, tot aan de Spelen van Los Angeles in 2028.
Johansson was toen optimistisch over de kansen van het team om ook op lange termijn te blijven behoren tot de wereldtop. Ook zonder wereldkampioenen als Lois Abbingh, Estavana Polman en Laura van der Heijden, die waarschijnlijk na het WK volgend jaar afscheid nemen.
‘Er komen weer vier of vijf goede speelsters aan’, zei hij toen. ‘Ik denk dat we de transitie kunnen maken, dat het kan lukken om in de top zes van de wereld te blijven. Als de bond het wil, kan ik verder kijken dan alleen deze Spelen in Parijs.’
Wat is er in de tussentijd veranderd? De Zweed, die ook werkt als coach van de Hongaarse topclub Györ, wil zijn besluit niet mondeling toelichten. ‘In mijn baan kunnen dingen snel veranderen’, zegt hij na enig aandringen via WhatsApp. ‘Ik geloof nog steeds dat Nederland een fantastische toekomst heeft. Maar ik voel niet dat ik de juiste coach ben om ze verder te leiden.’ In de Zweedse krant Sportbladet verwoordt hij het zo: ‘Ik heb de kracht niet meer.’
Het besluit komt niet lang na de uitschakeling in de kwartfinale op de Olympische Spelen, waar Johansson en zijn ploeg vooraf op meer hadden gehoopt. De handbalsters haalden tussen 2015 en 2019 op alle EK’s en WK’s medailles, met het wereldkampioenschap in 2019 als hoogtepunt. Daarna volgde een onrustige periode, maar onder de Zweed groeide sinds 2022 de hoop dat Nederland weer mee kon doen om de prijzen. Maar ook met hem langs de lijn verloor de ploeg de cruciale wedstrijden tegen toplanden als Frankrijk, Noorwegen en Denemarken.
‘Johansson vindt dat er iemand anders nodig is om dat niveau weer omhoog te krikken’, zegt technisch directeur Bijl. Maar medailles zijn al vijf jaar buiten bereik en een coach gooit niet voor niets voortijdig de handdoek in de ring, nota bene met een WK in eigen land aan de horizon. Is meedoen om de prijzen wel realistisch de komende jaren?
‘Misschien moeten we daar echt even een pas op de plaats maken’, antwoordt Bijl. De technisch directeur zegt het met enige slagen om de arm. De evaluatie van de Spelen is nog niet afgerond en er komt natuurlijk een nieuwe bondscoach, met nieuwe plannen. Op lange termijn is er bovendien zeker perspectief. In juni pakte de Onder-20 nog brons op het WK, maar het zal nog jaren duren voordat die talenten volop mee kunnen draaien.
‘We blijven er altijd naar streven om bij de top acht te horen’, legt de technisch directeur uit. ‘Daar mag je nooit onder komen, maar de vraag is terecht: hoe haalbaar zijn medailles de komende tijd?’
Dat is op zichzelf al een ontnuchterende constatering. Een jaar voor het handbalfeest voor eigen publiek los zou moeten barsten, trapt hij voorzichtig op de rem. ‘Dat zeg ik inderdaad een jaar voor het WK in eigen land. Ik wil het ook nog niet uitvlakken, maar ik denk wel dat het realistisch is om daar in ieder geval goed over na te denken.’
Geselecteerd door de redactie
Een overzicht van alle berichten en analyses over dit thema
Source: Volkskrant