Home

‘Alle hoesfoto’s van The Beatles zijn iconisch, maar deze is makkelijk na te bootsen’

55 jaar geleden maakte de Schotse fotograaf Iain Macmillan een foto van The Beatles voor hun album Abbey Road en creëerde daarmee het beroemdste zebrapad ter wereld.

Piet Schreuders heeft geluk. Twintig jaar nadat een Schotse fotograaf een foto heeft gemaakt van vier muzikanten op een zebrapad in Londen schijnt de zon en is de hemel onbewolkt, net zoals destijds. Het is begin augustus 1989, zondagmorgen vroeg.

Abbey Road, heet de straat in het welvarende St John’s Wood, Westminster. Nog geen kilometer verderop ligt Lord’s Cricket Ground. Schreuders, grafisch ontwerper, schrijver en Beatles-archeoloog, is naar het beroemdste zebrapad ter wereld gekomen om het exacte moment vast te stellen waarop de hoesfoto Abbey Road is gemaakt. The Beatles namen hun elfde studioalbum in 1969 in juli en augustus op in dezelfde straat, in hun huisstudio EMI op nummer 3, iets ten noorden van de oversteekplaats.

Over de auteur
Paul Onkenhout is verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over media, muziek en populaire cultuur.

Schreuders werkt op dat moment aan een boek waarin het Londense decor van de grootste band uit de geschiedenis (1960-1970) gedetailleerd wordt beschreven, The Beatles’ London. Een van de coauteurs, Adam Smith, is deze zondagochtend ook ter plekke.

Keukentrap

In zijn auto, een Jaguar E-type ‘net zoals George Harrison had’, heeft Smith een keukentrap meegenomen – een noodzakelijk attribuut. Ook de Schotse fotograaf Iain Macmillan had op vrijdag 8 augustus 1969 tijdens de fotoshoot gebruik gemaakt van een verhoging om George Harrison, Paul McCartney, Ringo Starr en John Lennon (vlnr) in ganzenpas op het zebrapad te fotograferen.

Schreuders wil drie vragen beantwoorden. Waar stond Macmillan met zijn Hasselblad-camera? Hoe hoog? En vooral: hoe laat is de foto gemaakt? Met behulp van de keukentrap is de exacte positie van Macmillan eenvoudig te bepalen. Een lantaarnpaal, rechts van Lennon te zien, wordt als zonnewijzer gebruikt.

Smith en Schreuders wachten tot de schaduw van de lantaarnpaal op dezelfde plek valt als op de hoesfoto. Hun kleine, maar uiterst waardevolle ontdekking: de hoesfoto van Abbey Road, het laatste album dat The Beatles opnamen, is gemaakt om ongeveer 11.35 uur.

Onverminderd populair

De impact van de meest vermaarde platenhoes uit de geschiedenis van de popmuziek is nog steeds goed te zien, ook vanuit huis. Op een webcam van het platform ‘Earth Cam’ zijn de hele dag beelden te bekijken van mensen die het drukke verkeer op Abbey Road trotseren (en hinderen) en bij het zebrapad gehaast foto’s maken, van elkaar of zichzelf. Anderen kiezen, een stuk veiliger, positie op de treden van het herdenkingsbeeld van beeldhouwer Edward Onslow Ford op de kruising met Grove End Road.

De iconische plek uit de Beatlesgeschiedenis is onverminderd populair, ook na 55 jaar nog. Volgens een schatting van een Londense toeristengids wordt het zebrapad jaarlijks door 150 duizend mensen bezocht.

Een van hen, getrouwd met de jongste zoon (prins Edward) van koningin Elizabeth II, kon het eerder dit jaar ook niet laten. Voor een liefdadigheidsbijeenkomst liet Sophie, de hertogin van Edinburgh, zich uitgebreid fotograferen op het zebrapad, zeer tot genoegen van de pers. De makers van het vijftiende seizoen van de Britse tv-serie Doctor Who kondigden aan dat de hoofdpersoon een avontuur gaat beleven op Abbey Road, samen met The Beatles zelfs.

Talloze details

Het verhaal van de foto, het maken ervan en van fotograaf Macmillan is stukje bij beetje uitgebreid gedocumenteerd, het best (en het gedetailleerdst) op weblog The Daily Beatle. Auteur Roger Stormo graaft onophoudelijk door. In zijn in de loop der jaren voortdurend aangevulde stuk met de toepasselijke titel Abbey Road – The road that goes on forever is, net zoals in talloze andere artikelen en boeken, de ontdekking van Schreuders ook verwerkt: 11.35 uur.

Talloze andere details kleuren het verhaal dat 55 jaar geleden begon. The Beatles kozen ervoor om op de hoesfoto van het album dat ze als laatste opnamen – Let it Be verscheen later, maar was al in januari van dat jaar afgerond – weg te lopen van de EMI Studio’s.

Ze keerden hun veilige huis letterlijk de rug toe, de studio waar ze duizenden uren hadden doorgebracht en van waaruit ze sinds 1962 (Love Me Do, de eerste single) eendrachtig de wereld hadden veroverd. Vrijwel hun hele oeuvre was hier opgenomen, vooral in Studio 2.

Hun looprichting op het zebrapad was een teken aan de wand. Een ommekeer was onafwendbaar, de eenheid was in de zomer van 1969 gebroken. De band kraakte, vooral door toegenomen fricties tussen de twee meestercomponisten en -tekstschrijvers, John Lennon en Paul McCartney. Zakelijke besognes borrelden op, jaloezie speelde de band parten en Lennons heroïnegebruik – de lsd was ingewisseld – maakte hem wispelturig en onvoorspelbaar.

Geruchten over een breuk gingen al een tijd rond. De sfeer tijdens de opnamen van Abbey Road was beroerd. Ergernissen waren er over de aanwezigheid van de vrouw van John Lennon in de studio, Yoko Ono. En dan toch die foto, met vier Beatles die elkaar precies in de pas, eendrachtig zelfs, volgen op een zebrapad, gedecideerd op weg naar een nieuw begin.

De hemel is blauw, bomen staan vol in het blad en de rijbaan is, op één auto in de verte na, verlaten. Lennon, voorop, draagt een wit pak en heeft de handen in de zakken. Starr (zwart pak) volgt hem, achter de drummer lopen McCartney (donker pak) en, in een blauw spijkerpak, Harrison. McCartney heeft een sigaret in zijn rechterhand en is blootsvoets.

Van de geparkeerde auto’s trekt vooral een witte VW-Kever aandacht. De auto met kenteken LMW 281F is half op de linkerstoep geparkeerd. In de verte zijn drie mannen zichtbaar. Naast een zwarte politieauto, aan de andere kant van de weg, staat nog een man.

Idee van Paul

De fotograaf, Iain Macmillan (1938-2006), was een kennis van John Lennon en Yoko Ono. Hij had met zijn fotoboek The Book of London de aandacht getrokken van Yoko Ono.

Het idee voor de hoesfoto van Abbey Road was van Paul McCartney. Hij gaf Macmillan een paar dagen voor de fotoshoot een tekening met de enscenering: vier mannen op een zebrapad, achter elkaar lopend en van bovenaf bekeken. Op hetzelfde papier tekende de fotograaf de gewenste scène later iets gedetailleerder.

Met een groothoeklens van 50 milimeter, diafragma f22 en een sluitertijd van 1/500 seconde maakte Macmillan met zijn Hasselblad in tien minuten zes foto’s. De klus moest snel worden geklaard, vanwege de drukte op Abbey Road. Een toevallig aanwezige politieman hield het verkeer tegen.

Op de niet gebruikte foto’s zijn onder meer een meisje en een jonge vrouw te zien, een taxi, een witte Mercedes en een dubbeldekker. Op de derde foto heeft McCartney zijn sandalen uitgetrokken. Ze zaten te strak, zou ontwerper John Kosh later verklaren. Alleen op de vijfde foto hadden The Beatles hun benen in een ‘perfecte V-formatie’, aldus Macmillan. ‘Precies wat ik wilde.’

Noviteit

Over de keuze van de foto voor de hoes was geen twijfel mogelijk. Kosh was de creatief directeur van Apple Records, de platenmaatschappij die in 1968 door The Beatles was opgericht. Voor de achterzijde koos hij een foto die Macmillan maakte van een stenen straatnaambord – inmiddels vervangen door een metalen bord – van Abbey Road, op de kruising met Alexandra Road.

Kosh, destijds pas 23 jaar, kwam met een noviteit op de proppen die moedermaatschappij EMI schokte: zowel de titel van het album als de bandnaam ontbrak. Nadat hij de hoes had ontworpen, werd hij ’s nachts gebeld door EMI-topman Sir Joseph Lockwood, vertelde Kosh in een interview met tijdschrift Forbes. Hij werd ervan beschuldigd de carrière van The Beatles te ruïneren. ‘Mijn knieën begonnen te knikken.’

Na een zware nacht meldde hij zich ’s morgens bij Apple Records, waar hij tot zijn verbazing – The Beatles kwamen hoogst zelden vóór 3 uur ’s middags opdagen – George Harrison tegenkwam. ‘Ik vertelde hem het verhaal. George keek me aan en zei dat ik me er niets van moest aantrekken. ‘We’re The Beatles.’ Daarmee was het klaar.’

Waardering

Abbey Road werd op 26 september uitgebracht in Engeland en op 1 oktober in de Verenigde Staten. De ontvangst was gemengd, de oordelen varieerden van matig tot meesterwerk. In de afgelopen decennia groeide de waardering. In een top 500 van de beste platen aller tijden zette het Amerikaanse tijdschrift Rolling Stone de plaat in 2023 op de vijfde plaats. Revolver (11), Sgt. Pepper (24) en Rubber Soul (35) volgden op gepaste afstand.

Het was volgens Rolling Stone naast ‘het meest geliefde Beatles-album aller tijden’ hun ‘meest gepolijste’ plaat, ‘een verzameling van fantastische nummers, doorspekt met verfijnde details en vervolgens (vooral op kant twee) met conceptuele kracht aan elkaar gekoppeld.’ Het was óók de opstanding van George Harrison als componist, dankzij twee nummers van zijn hand die zouden uitgroeien tot Beatles-klassiekers: Something en Here Comes the Sun.

Als producer was George Martin teruggekeerd, de man die het meeste aanspraak maakt op de eretitel ‘vijfde Beatle’. Na de opnamen van Let It Be, grotendeels in januari 1969, had Martin er genoeg van, vanwege de onderlinge ruzies en hatelijkheden die de sfeer in de studio domineerden.

Toen McCartney hem vroeg voor Abbey Road, eiste Martin een werksfeer ‘zoals vroeger’. Dat lukte, min of meer. A happy record, noemde Martin de plaat jaren later. ‘Ik denk dat het blije plaat is geworden omdat iedereen dacht dat dit de laatste zou zijn.’

Abbey Road zou in Amerika het meestverkochte Beatles-album worden, het ging twaalf miljoen keer over de toonbank – misschien wel mede dankzij de veelbesproken hoesfoto. In de loop der jaren kwamen steeds meer details aan het licht over de fotoshoot op het zebrapad, ook visuele. Linda Eastman, fotograaf en sinds 12 maart 1969 de vrouw van Paul, was eveneens ter plekke.

Ook een man die jarenlang hand- en spandiensten aan The Beatles verleende, Mal Evans, maakte foto’s. Het leverde prachtige beelden op, onder meer van een vrouw in een paarse jas die met The Beatles keuvelt en van de Fab Four op de stoep, wachtend en rokend totdat Macmillan klaar is voor de volgende foto.

Paul is dood

In een curieus subplot van het omvangrijke verhaal over de foto op het zebrapad speelt McCartney de hoofdrol, zeer tegen zijn zin overigens. Wat begonnen was als een onzinbericht in het studentenblad van de Amerikaanse Drake Universiteit, groeide uit tot een complottheorie die door velen serieus werd genomen: Paul was dood.

In 1966 zou hij zijn omgekomen bij een auto-ongeluk. In de band was hij, volgens de complottheorie, vervangen door een dubbelganger, acteur William Campbell. De hoesfoto leidde tot een enorme impuls van het gerucht. In zijn witte pak werd Lennon, de leider van de korte stoet op de oversteekplaats, de rol van Jezusfiguur toebedeeld. Starr was de begrafenisondernemer, Harrison de grafdelver en McCartney, vanwege zijn blote voeten, de overledene.

Ook het kenteken van de Volkswagen Kever werd als een aanwijzing beschouwd, vanwege het begin: 28 IF (‘als’) – de leeftijd van McCartney als hij nog zou hebben geleefd. Dat de rekensom niet klopte – hij was in de herfst van 1969 nog steeds 27 jaar – en dat het kentekendeel niet 28IF was, maar 281F, dempte de geruchtenstroom geenszins.

Jaren later zou McCartney zelf knipogend de draak steken met de complottheorie. Voor de hoes van zijn soloalbum met de dubbelzinnige titel Paul Is Live, een livealbum inderdaad, werd de foto uit 1969 van Iain Macmillan aangepast. De VW-Kever kreeg een aangepast kenteken. Het eindigde deze keer op 51 IS – de leeftijd van McCartney op dat moment. McCartney droeg schoenen en had op de zebra alleen gezelschap van zijn hond, Arrow.

Nabootsing

McCartney was niet de eerste imitator. Tientallen bands en artiesten hebben de scène op het zebrapad nagebootst, op Abbey Road of elders. De Amerikaanse zanggroep New York City bracht in 1974 een plaat uit, Soulful Road, met een hoesfoto waarop de vier leden de straat oversteken, lopend van rechts naar links. Als basis was een foto gebruikt die Macmillan van het zebrapad had gemaakt zonder The Beatles.

In de loop der jaren wandelden daarna onder anderen George Benson, Kanye West, The Simpsons, Paul Young, The Muppets, kloosterbroeders uit Jeruzalem (Franciscan Road), Charlie Brown en vier bewoners van Sesamstraat in Beatles-stijl. De scène werd nagebootst in films (The Parent Trap) en tv-series (The Benny Hill Show). Voor de hoesfoto van The Abbey Road E.P. paradeerden Red Hot Chili Peppers in 1988 naakt op het zebrapad, hun geslachtsdelen weggestopt in witte sokken.

Mysterie

Elke denkbare vraag over de hoesfoto van Abbey Road is gesteld, de meeste raadsels zijn opgelost. De drie mannen bijvoorbeeld op de foto, een meter of 20 achter de VW-Kever, waren drie schilders en behangers, Alan Flanagan, Steve Millwood en Derek Seagrove. Onbeantwoord bleef de vraag wie de keurig geklede man met de bril is die op de rechterstoep staat, naast de politieauto.

Als ‘The Mystery Man’ is hij de geschiedenis ingegaan. Diverse mannen deden claims, maar bewijzen en verklaringen waren niet overtuigend. Het internet maakte een man groot die zei dat hij The Mystery Man was, een Amerikaanse toerist. Paul Cole uit Florida verklaarde dat zijn vrouw ten tijde van de fotosessie een museum bezocht en dat hij, om de tijd te doden, was gestopt om de gebeurtenis op het zebrapad gade te slaan.

Het nieuws werd na zijn dood in 2008 op het internet rondgepompt. Vier jaar eerder had hij in The Daily Mirror het verhaal over zijn rol als getuige verteld. Hij had destijds geen idee wie The Beatles waren, zei hij, maar was blijven staan vanwege hun opvallende uiterlijk en kleding. Een stelletje mafketels, oordeelde hij. Op The Daily Beatle schildert Roger Stormo hem af als een fantast. Het definitieve bewijs levert Stormo niet, maar zijn argumenten zijn overtuigend.

Erfgoed

Vanwege het ‘culturele en historische belang’ staat de oversteekplaats op Abbey Road sinds 2012 als monument op de lijst van Brits nationaal erfgoed. Al in 1970 was de klank van de straat zo sterk dat EMI de naam van de studio veranderde in Abbey Road. Piet Schreuders was een van de miljoenen bezoekers, ook in 2019 nog, toen hij ter plekke meewerkte aan een documentaire van Marcel de Vré over Beatles-coverband The Analogues. De keukentrap was deze keer geleend van het hotel.

De vaststelling van het exacte tijdstip waarop de hoesfoto van Abbey Road op vrijdag 8 augustus 1969 werd gemaakt, is slechts een van de vele ontdekkingen van Schreuders tijdens zijn dwaaltochten in het Beatlesuniversum. Het is niet zijn favoriet: ‘Als je een boek zoals The Beatles’ London maakt, staat het automatisch vol mooie vondsten. Ik heb daar geen rangorde in aangebracht.’

Mythische status

Ook in het tijdschrift dat hij sinds 1976 uitgeeft, Furore, manifesteert hij zich als een gedreven archeoloog en triviaexpert. Dat het zebrapad op Abbey Road een mythische status heeft gekregen, verbaast Schreuders niet. ‘Alle hoesfoto’s van The Beatles zijn iconisch, maar deze is makkelijk na te bootsen. De plek is bijna onveranderd en het kost niets. Je hoeft alleen maar op het zebrapad te gaan staan en het verkeer tegen te houden.’

Heel geslaagd, noemt hij de foto. ‘De diagonalen van het vierkant werken samen met de perspectieflijnen van het zebrapad en de huizen eromheen. Waar al die lijnen samenkomen ligt de horizon, met de hoofden van de Beatles daar net onder.’

Anders dan nu, met de digitale fotografie, had Macmillan op zijn ladder maar een paar kansen. ‘Nu kan een fotograaf in korte tijd pakweg tweehonderd foto’s maken. Hij maakte er maar zes en hij kon pas later zien of ze gelukt waren. Alleen op die ene foto lopen The Beatles precies in de pas. Macmillan heeft een prachtige foto gemaakt, maar hij had een grote dosis geluk.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next