Home

Internationale markt voor voetbaltransfers iets ingezakt, Engeland nog altijd aan kop

Voetbalclubs hebben de afgelopen maanden minder geld uitgegeven aan internationale transfers dan het jaar ervoor. Dat blijkt uit cijfers die wereldvoetbalbond Fifa heeft gepubliceerd. Het is voor het eerst sinds de coronacrisis dat de transfermarkt inzakt.

De sluiting van de transferperiode bezorgde menig voetbalclub de laatste dagen kopzorgen. Inclusief enkele lastminuteaankopen spendeerden voetbalclubs van over de hele wereld van juni tot en met september 6,46 miljard dollar (5,84 miljard euro) om hun selecties te versterken. Dat is ruim 13 procent minder dan in de zomer van vorig jaar. Voetballers die binnenlands van club veranderen, zijn niet in de cijfers meegerekend.

De Engelse Premier League, door velen beschouwd als de sterkste competitie ter wereld, staat in allerlei transferlijstjes bovenaan. Zo kochten en verkochten Engelse clubs de meeste spelers. Ook ging daarbij het meeste geld om. In totaal maakten de Engelsen bijna 1,7 miljard dollar aan clubs uit andere landen over, tegenover 1,25 miljard dollar aan inkomsten.

Voor clubs uit kleinere competities, zoals de Nederlandse eredivisie, is de transferperiode belangrijk om extra inkomsten te genereren. Belgische clubs slaagden daar de afgelopen maanden het beste in. Onder meer door drie grote verkopen door kampioen Club Brugge (Igor Thiago, Charles De Ketelaere en Antonio Nusa, samen bijna 100 miljoen euro) maakten de Belgen veel winst.

De Nederlandse competitie bleek afgelopen zomer eveneens een tamelijk succesvol handelshuis. In totaal maakten clubs volgens de Fifa 93 miljoen euro winst via spelersverkopen. Feyenoord noteerde met de verkoop van middenvelder Mats Wieffer aan de Engelse club Brighton de hoogste uitgaande transfer (32 miljoen). Ook Ajacied Steven Bergwijn (21 miljoen) en Feyenoorder Lutsharel Geertruida (20 miljoen) brachten veel op.

De afgelopen transferperiode maakte daarnaast opnieuw duidelijk dat de kapitaalkrachtigste clubs niet in Nederland spelen. Onder meer door hogere televisie-inkomsten hebben buitenlandse clubs veel meer te besteden. Zo was regerend landskampioen PSV lange tijd in de race om de Nederlandse verdediger Sepp van den Berg van Liverpool te kopen, maar de vraagprijs bleek te hoog gegrepen. Uiteindelijk legde Brentford, de nummer 16 uit de Premier League van vorig seizoen, wel voldoende geld op tafel.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next