De Nieuw-Zeelandse Maori-koning was een verbinder die onvermoeibaar streed voor de rechten en tradities van de inheemse Maori. Vrijdag overleed Kiingi Tuheitia onverwacht op 69-jarige leeftijd, juist nu de positie van de Maori weer onder druk staat.
Meer dan tienduizend inheemse Maori kwamen afgelopen januari bijeen op een van de belangrijkste traditionele ontmoetingsplaatsen, Turangawaewae Marae, op het Noordereiland. Zij beantwoorden de oproep van Maori-koning Tuheitia aan alle stammen voor overleg over een zeer zorgelijke ontwikkeling: de plannen van de rechtse regering om het pro-Maori beleid te schrappen.
Iedereen mocht zich uitspreken, van jonge stedelingen tot traditionele stamhoofden. Kiingi Tuheitia benadrukte dat alle stemmen ertoe doen, maar dat alleen praten niet genoeg is. ‘De beste manier waarop we ons nu kunnen verzetten is door Maori te zijn. Zijn wie we zijn, naar onze waarden leven, onze reo (taal) spreken, voor onze mokopuna (kleinkinderen) zorgen, voor onze awa (rivieren), voor onze maunga (bergen), gewoon Maori zijn. We moeten eerst verenigd zijn, en dan bepalen we onze toekomst.’
Over de auteur Carlijn van Esch is buitenlandredacteur van de Volkskrant.
Kiingi Tuheitia Pootatau Te Wherowhero VII kwam in 1955 ter wereld als Tuheitia Paki in een plaatsje bij Huntly, op het Noordereiland. Hoewel zijn moeder in 1966 werd verkozen tot koningin van de Maori, leidde Tuheitia Paki geen luxe leven. Hij studeerde aan het Huntly College, waarna hij werkte als vleesbewerker en als boerenknecht. Na drie jaar in het leger te hebben gediend, werkte hij mee aan de bouw van de elektriciteitscentrale van Huntly.
Paki had nooit gedacht dat hij koning zou worden. Hij had vijf broertjes en een oudere zus, in wie hij de logische opvolgster zag. Pas vlak voor het overlijden van Maori-koningin Dame Te Ata in 2006, ontdekte Paki dat hij in zijn moeders voetsporen zou treden en de zevende Maori-koning zou worden.
De positie van Maori-koning ontstond in 1958 uit verzet tegen de voornamelijk Britse kolonisten die steeds meer land innamen ten koste van de inheemse bevolking. De Kiingitanga, de Maori-koningsbeweging, wilde het verzet versterken door zoveel mogelijk stammen achter één leider te verenigen. De Maori-koning heeft geen juridische status in Nieuw-Zeeland, maar is van groot symbolisch en politiek belang.
Er wonen naar schatting 900 duizend Maori in Nieuw-Zeeland, bijna eenvijfde van de totale bevolking. Na decennia van onderdrukking maakte de Maori-gemeenschap vanaf de jaren zeventig een opvallende bloeiperiode door, waardoor hun cultuur en rechten beter beschermd zijn dan bijvoorbeeld die van de inheemse bevolking in Australië. Zo kregen de Maori vier (en later zeven) zetels in het parlement, werd de Maori-taal als officiële taal op school toegestaan en werd het Waitangi tribunaal opgericht om koloniale onrechtvaardigheden recht te zetten.
Toch is de sociaal-economische positie van de Maori achtergebleven. Maori hebben gemiddeld een lager opleidingsniveau, minder vermogen, een slechtere gezondheid en meer kans om in de gevangenis te komen dan een gemiddelde Nieuw-Zeelander.
Kingii Tuheitia bleef zich inzetten om het leven van de Maori te verbeteren. Hij probeerde daartoe niet alleen de Maori te verenigen, maar zocht ook samenwerking met niet-Maori. Geprezen om zijn rustige en compassievolle houding vond hij veel medestanders onder de Nieuw-Zeelandse bevolking, zoals oud-premier Jacinda Ardern die haar dochter tweetalig wilde opvoeden. De populariteit van de Maori-taal nam zelfs zo snel toe dat er een groot tekort aan docenten ontstond.
Tuheitia maakte zich grote zorgen over de rechts-conservatieve regering die eind 2023 aantrad. Met als doel ‘gelijke rechten voor alle burgers’ wil de regering de Maori gezondheidsinstantie opheffen, overheidsinstanties opdragen de Maori-taal niet meer te gebruiken en andere regelingen schrappen die de emancipatie van de Maori moeten bevorderen.
Het meest controversieel is het voorstel om een referendum over het Waitangi verdrag te houden. Dit verdrag, in 1840 gesloten tussen de Britse regering en honderden Maori stamhoofden, wordt gezien als het oprichtingsdocument van Nieuw-Zeeland en gaf Maori dezelfde rechten als Britse onderdanen.
Tijdens zijn laatste publieke optreden waarschuwde Tuheitia de regering in Wellington nog tegen het aanpassen van het verdrag. ‘Samen groeien is cruciaal. We hebben als land een lange weg afgelegd en we kunnen nog verder gaan – laten we nu niet opgeven!’, zei hij. ‘Luister je, Wellington? Er is een betere manier.’
Kingii Tuheitia overleed vrijdagochtend (lokale tijd) in bijzijn van zijn familie. Hij herstelde in het ziekenhuis van een kleine ingreep aan zijn hart. Hij ligt opgebaard op de Turangawaewae Marae voor een vijfdaagse afscheidsceremonie en wordt waarschijnlijk donderdag begraven op de heilige Taupiriberg bij de andere Maori-koningen. Voor de daadwerkelijke begrafenis kiezen de leiders van de Kiingitanga zijn opvolger.
Tuheitia laat veel Maori en niet-Maori achter in rouw. ‘Hij was het baken van hoop voor Maori in dit land, in het aangezicht van een vijandige regering’, zei Tukoroirangi Morgan, voorzitter van een van de Maori-stammen. ‘Het is een enorm wanhopige dag, hij heeft een enorm vacuüm achtergelaten.’ De verwachting is dat de opkomst bij zijn afscheid hoger zal zijn dan bij de verzetsbijeenkomst in januari.
3x Kiingi Tuheitia
Kiingi Tuheitia zette zich ook in voor natuurbehoud. In maart pleitte hij samen met leiders van Pacifische staten ervoor om walvissen dezelfde rechten te geven als mensen, om hun leefomgeving beter te kunnen beschermen.
Na zijn troonsbestijging verhuisde Kiingi Tuheitia niet naar de koninklijke residentie in Ngaruawahia. Hij bleef liever met zijn vrouw en drie kinderen in hun zelfgebouwde huis naast de elektriciteitscentrale van Huntly wonen.
Kiingi Tuheitia en de Britse koning Charles ontwikkelden tijdens hun vele ontmoetingen een bijzondere band. Charles zei in een reactie ‘geschokt’ en ‘diep bedroefd’ te zijn over het overlijden van Tuheitia, die hij recent nog aan de telefoon had gesproken.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant