Hockeyer Gijs van Merriënboer van Oranje-Rood is getroffen door een tumor in zijn onderbeen. Zijn ploeggenoten steunen hem waar ze kunnen. De een gaat mee naar de kapper, een ander geeft hem zijn gouden olympisch tenue.
In de hal van het clubhuis van Oranje-Rood staat een grote postbus in de kleuren van de Eindhovense hockeyvereniging. ‘Post voor Gijs’, staat er aan de bovenkant van de brievenbus die versierd is met hartjes, hockeysticks en smileys. De postbus is een initiatief van jeugdleden van Oranje-Rood om Gijs van Merriënboer van het eerste een hart onder de riem te steken.
De 26-jarige verdediger is deze zomer getroffen door afschuwelijk nieuws. Bij Van Merriënboer is een tumor in zijn scheenbeen aangetroffen waardoor hem een intensief behandeltraject wacht. De gezondheidsproblemen van het ‘kind van de club’ zijn bij Oranje-Rood hard aangekomen.
Over de auteur Natasja Weber schrijft voor de Volkskrant over olympische sporten als hockey, zwemmen en paardensport.
‘Dit zie je natuurlijk totaal niet aankomen’, zegt Harry van Hout, bestuurslid tophockey van de Eindhovense hoofdklasser. ‘Gijs zat in de flow van zijn leven, zowel op het veld als erbuiten. En dan hoor je dit…’
Van Hout heeft veel contact met de hockeyer, die inmiddels aan zijn behandeltraject is begonnen. ‘Gijs is vol goede moed en strijdbaar om weer helemaal gezond te worden. Het goede nieuws is dat er gelukkig geen uitzaaiingen zijn.’
Volgens Van Hout had Van Merriënboer in de tweede seizoenshelft na een klap op zijn scheenbeen last gekregen. Hij kon er wel mee doorspelen, maar de pijn bleef. Toen de klachten na de competitie, na drie weken rust, nog niet waren verdwenen trok de medische staf van Oranje-Rood aan de bel en belandde de hockeyer in de medische molen.
Ploeggenoot en aanvoerder Joep de Mol noemt Gijs van Merriënboer ‘een van mijn beste vrienden, zo niet m’n beste’. Voordat de international van het Nederlands team naar Parijs afreisde voor de Olympische Spelen dronk hij nog koffie met hem. ‘Het was toen al duidelijk dat Gijs een tumor in zijn been had, maar over de ernst ervan verkeerde hij nog in onzekerheid’, zegt De Mol.
Op de ochtend van de olympische finale tussen Nederland en Duitsland appte De Mol zijn vriend met de vraag of er al meer duidelijkheid was. ‘Ik bel je morgen even’, liet Van Merriënboer weten.
‘Toen wist ik dat het niet goed zat’, zegt De Mol. ‘Het tekent hem ook dat hij het niet op de dag van de finale wilde vertellen. De volgende dag hoorde ik dat het foute boel was en dat er sprake was van een agressieve tumor. Echt heel heftig.’
De Mol, die al tien jaar samenspeelt met Van Merriënboer, zocht hem na zijn eerste chemokuur direct op in het ziekenhuis. ‘We hebben bijgepraat. Ik liet hem mijn gouden olympische medaille zien en ik heb mijn olympisch tenue, waarin ik in Parijs mijn 150ste interland heb gespeeld, aan hem gegeven. Dat vond-ie hartstikke mooi.’
Een andere ploeggenoot van Oranje-Rood, Jelle Galema, vergezelde Van Merriënboer onlangs bij een beladen bezoek aan de kapper. Daar liet hij zijn blonde lokken verwijderen. De Mol: ‘Ik moet zeggen dat het korte koppie Gijs heel goed staat. Zo proberen we hem in deze moeilijke tijd allemaal te steunen. ‘Gijs is een van de liefste jongens die ik ken en staat altijd voor iedereen klaar. Nu zijn we er voor hem.’
Voorzitter Pieter Janssen van Oranje-Rood noemt het hartverwarmend hoe de Eindhovense club meeleeft. ‘Het is een enorme klap, natuurlijk in de eerste plaats voor Gijs en voor zijn familie. Maar het raakt me ook als ik hoor wat Joep, Jelle en vele anderen allemaal doen. Ik merk dat zoveel mensen meeleven. Niet alleen onze leden en het bestuur maar ook oud-leden, vrijwilligers en sponsoren. We ontvangen zelfs post van hockeyclubs uit het land.’
Van Merriënboer zou volgende maand beginnen aan zijn negende seizoen in het eerste team van Oranje-Rood. En eindelijk zou de sterke verdediger de onbetwiste strafcornerspecialist van het team zijn. Vorig jaar moest hij deze positie nog delen met de Nieuw-Zeelander Sam Lane.
In de jeugd van Oranje Zwart (voorloper van Oranje-Rood) beschikte Van Merriënboer al over een goede corner. ‘Ik weet nog dat hij zo’n tenger mannetje was’, blikt Janssen terug. ‘Ik heb hem zien uitgroeien tot een gespierde vent, een op-en-top sportman.’
Die op-en-top sportman moet nu een gevecht buiten het hockeyveld aangaan. De Mol heeft veel respect voor de wijze waarop Van Merriënboer, samen met zijn ouders en twee zussen, met zijn ziekte omgaat. ‘Hij straalt heel veel kracht uit en is superpositief, met af en toe een lach. Voor een jongen van 26 die zoiets overkomt, vind ik het heel inspirerend en bewonderenswaardig hoe hij het allemaal doet.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant