Home

Wat de PVV ook zegt, Rutger Groot Wassink blijft in Amsterdam voor asielzoekers opkomen

Wethouder van Amsterdam Rutger Groot Wassink besloot te stoppen als voorzitter van de VNG-asielcommissie en zou ‘de telefoon niet opnemen’ voor minister Faber. Hij denkt met het ‘Amsterdamse model’ meer te kunnen betekenen voor asielzoekers.

Er huist een kneiterlinkse idealist in Rutger Groot Wassink, maar als wethouder in Amsterdam heeft hij naar eigen zeggen ‘zijn toon gematigd’. Besturen is immers compromissen sluiten, pragmatische oplossingen zoeken en daarbij samenwerken met politieke tegenstanders.

Eind juni nam de idealist in hem weer even de overhand, uit weerzin tegen de PVV en het hoofdlijnenakkoord. Als PVV-minister Marjolein Faber (Asiel en Migratie) hem zou bellen, zou hij de telefoon niet opnemen, zo zei Groot Wassink tegen Het Parool. Ook samenwerking met de rest van het kabinet zag hij niet zitten. ‘Ik wil niet normaal maken wat ik niet normaal vind.’

Over de auteur
Marjolein van de Water is verslaggever van de Volkskrant en schrijft over asiel, migratie, religie en de multiculturele samenleving. Eerder was ze correspondent in Latijns-Amerika.

Groot Wassink (GroenLinks) zei dit niet zomaar, de kans dat Faber hem zou bellen, was aanzienlijk. De wethouder onderhandelde de afgelopen jaren namens de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) met het kabinet over de opvang van vluchtelingen, huisvesting voor statushouders en opvang voor ongedocumenteerden. In de koortsachtige zoektocht naar opvangplaatsen was hij de belangrijkste schakel tussen gemeenten en kabinet.

Eerst deed hij dat binnen de Landelijke Regietafel, een overlegorgaan tussen Rijk, provincies en gemeenten, en begin 2023 werd hij de eerste voorzitter van de Tijdelijke Commissie Asiel en Migratie van de VNG. Hij hing voortdurend aan de lijn met staatssecretaris Eric van der Burg (Asiel, VVD) en diens voorgangers Mark Harbers (VVD) en Ankie Broekers-Knol (VVD), leidde de opvang van Oekraïners in goede banen en was een van de drijvende krachten achter de spreidingswet.

‘Iets te stevig’

Een aantrekkelijke positie voor iemand als Groot Wassink, die vindt dat ‘politiek gaat over het opkomen voor mensen die in de verdrukking zitten’, en zich als wethouder in Amsterdam ruimhartig inzet voor asielzoekers en mensen zonder verblijfsvergunning. Desondanks liet hij eind juni, in hetzelfde interview in Het Parool, weten zijn voorzitterschap van de VNG-asielcommissie aan de wilgen te hangen.

Dat interview maakte een hoop los. Femke Halsema, partijgenoot en burgemeester van Amsterdam, had er begrip voor dat Groot Wassink zijn voorzitterschap opgaf, maar vond de uitspraken dat hij als hoofdstedelijke wethouder niet met het kabinet zou willen samenwerken ‘iets te stevig’. Ze benadrukte in een interview met AT5 dat Amsterdam het kabinet nodig heeft.

In een debat in de raad oordeelde de rechtse oppositie hard. De Amsterdamse JA21-fractievoorzitter Kevin Kreuger noemde het ‘ontiegelijk sneu’ dat Groot Wassink niet wilde samenwerken. VVD-fractievoorzitter Daan Wijnants uitte zijn zorgen over de 10 procent van de Amsterdammers die PVV heeft gestemd. ‘Wat moeten zij hiervan vinden?’

Uiteindelijk gaf Groot Wassink tijdens het debat toe dat hij bestuurlijk verantwoordelijk is voor het Amsterdamse asieldossier, zich ‘linksom of rechtsom tot dit kabinet moet verhouden’, en bij nader inzien dus toch de telefoon zal opnemen als Faber belt.

En? Heeft ze al gebeld?

Groot Wassink lacht en kijkt op zijn telefoon. ‘Nog niet, al zie ik nu een gemiste oproep van een onbekend nummer.’

Heeft u er spijt van dat u zei de telefoon niet op te nemen? Het maakte nogal wat reacties los.

‘Nee hoor, daar heb ik helemaal geen spijt van. Ik heb ook duidelijk gemaakt dat ik het Amsterdamse belang blijf dienen en me als wethouder tot het kabinet zal verhouden.

‘Die reacties doen me weinig. De dag dat rechts Nederland iets positiefs over mij zegt, is de dag dat ik me serieus zorgen ga maken.’

Het is de tweede week van augustus, de Amsterdamse wethouder komt iets later dan afgesproken binnen bij een Amsterdams café, een stijlvol industrieel pand pal naast het Westerpark. Hij neemt deze week als locoburgemeester de zaken waar voor de vakantievierende Femke Halsema. Hij bestelt een dubbele espresso en loopt naar het zonovergoten terras. ‘Ik rook nog even een sigaretje.’

U nam uw besluit om op te stappen als voorzitter van de asielcommissie nog voordat het nieuwe kabinet op het bordes stond. Waarom heeft u niet eerst gewacht hoe de samenwerking zou uitpakken?

‘Dat had gekund, maar ik heb besloten mijn hart te volgen. Uiteindelijk is dit een heel persoonlijke en principiële afweging: ik kan niet samenwerken met de PVV.’

Waarom niet?

‘Het is een extreemrechtse partij die tot voor kort dweepte met Poetin. Wilders noemt ons parlement een nepparlement, hij spreekt over de media en rechters als vijanden. Het is afgrijselijk dat hij de verkiezingen heeft gewonnen.’

Wat stuit u het meest tegen de borst?

‘Het hele hoofdlijnenakkoord is afgrijselijk, maar met name het gedeelte over asiel en migratie. De rechtsbescherming van asielzoekers wordt verminderd, statushouders mogen geen voorrang meer krijgen bij het toewijzen van woningen en de spreidingswet wordt teruggedraaid. Dat betekent dat er nog minder opvangplekken komen en mensen nog langer in de procedure zullen zitten.

‘Er komt een gure wind aan voor asielzoekers en ongedocumenteerden. Maar ik blijf in Amsterdam zoeken naar wat wél kan.’

En waar denkt u dan aan?

‘Met het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) blijven we goed samenwerken. Begin deze maand bijvoorbeeld hadden ze in Assen de voormalige TT Hall nodig. Toen hebben we in Amsterdam de asielzoekers die daar verblijven, tijdelijk opgevangen.

‘In het hoofdlijnenakkoord staat dat de financiering van de opvang voor ongedocumenteerden stopt, dus hebben wij besloten dat volgend jaar zelf te gaan bekostigen. In Amsterdam bieden we voedsel, onderwijs en medische ondersteuning aan ongedocumenteerden, ook daar gaan we mee door.

‘Verder willen we asielzoekers zo snel mogelijk de kans geven onderdeel te worden van Amsterdam. We hebben de afgelopen tijd zevenhonderd mensen versneld aan een BSN geholpen, zodat ze aan het werk kunnen. Het liefst zouden we die pilot uitbreiden om ook asielzoekers buiten Amsterdam aan een BSN te helpen.

‘En juristen onderzoeken de plannen van het kabinet om de voorrang van statushouders bij het toekennen van woningen te verbieden. De vraag is of het Rijk daar wel iets over te zeggen heeft.’

Groot Wassink werkte bij de Landelijke Regietafel en binnen de VNG zij aan zij met Theo Weterings, burgemeester van Tilburg. Weterings is een VVD’er, Groot Wassink bevindt zich op de uiterste linkerflank van GroenLinks. De twee mopperden eensgezind over ‘het ontbrekende gevoel van urgentie’ in Den Haag, en lobbyden samen voor de spreidingswet, die eind augustus 2022 het licht zag.

Ter voorbereiding van dit gesprek sprak ik met Weterings, die vol lof was over jullie samenwerking. Hij noemde u oplossingsgericht, iemand die altijd bereid is compromissen te sluiten.

‘Als je oprecht problemen wilt oplossen, worden ideologische verschillen minder relevant. Theo en ik denken over veel zaken anders, maar omdat we praktische problemen wilden aanpakken, lagen onze oplossingen altijd heel dicht bij elkaar.’

Waarom zou een dergelijke pragmatische samenwerking niet mogelijk zijn met de PVV?

‘De VVD is een fatsoenlijke partij met goede bestuurders.’ Hij lacht: ‘Ze hebben soms wat wonderlijke opvattingen, maar dat zullen ze van mij ook wel vinden.

‘Waar het om gaat, is dat er een gedeelde bandbreedte is waarbinnen we ons tot elkaar verhouden. En de PVV ligt ver buiten die bandbreedte. Met de PVV in het centrum van de macht worden de rechtsstaat en de democratische rechtsorde geweld aangedaan. Dat de coalitiepartijen in de onderhandelingen eerst een grondwettelijke basislijn met elkaar moesten afspreken, is natuurlijk krankzinnig.

‘De PVV wil niets oplossen, maar heeft juist belang bij het in stand houden van het asielprobleem en de zondebokpolitiek.’

Hoe zou u het asielprobleem oplossen?

‘We hebben in Nederland de structurele opvangcapaciteit voor asielzoekers verkleind, daardoor blijven we nu hangen in tijdelijke oplossingen en rennen we de hele tijd achter de feiten aan. Laten we nou eens zorgen voor voldoende structurele plekken, plus tijdelijke voorraad en noodopvang. Als we die goed over het land verspreiden, is de opvang kleinschalig en blijft het voor gemeenten dus draaglijk.

‘Daarnaast moeten we mensen perspectief geven zodra ze hier zijn. Laat ze werken of een opleiding volgen, in plaats van hen twee jaar of langer te laten verpieteren in een asielzoekerscentrum. Nu is het beleid om asielzoekers zo ver mogelijk van de bewoonde wereld te houden, ik denk juist dat we moeten kijken hoe ze vanaf het begin deel kunnen uitmaken van onze samenleving.’

Volgens tegenstanders heeft een dergelijk beleid een aanzuigende werking.

‘Die aanzuigende werking is onlangs onderzocht (door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum, red.) en die blijkt niet te bestaan. De conclusie van dat onderzoek was dat het asielbeleid van een land nauwelijks een rol speelt in de afwegingen van asielzoekers.’

Hoe dan ook, een groot deel van de Nederlanders wil dat er minder asielzoekers hierheen komen. En als het COA ergens een opvanglocatie opent, stuit dit regelmatig op fel verzet van de lokale bevolking.

‘Ik begrijp best dat er verzet is. Neem Tubbergen (waar inwoners in 2022 brand stichtten bij een hotel waar asielzoekers zouden worden gehuisvest, red.), daar zou een grote groep asielzoekers komen in een relatief kleine gemeenschap. Dat is niet verantwoord.

‘Theo Weterings en ik hebben in de zomer van 2022 met het kabinet gesproken over het enorme belang van een eerlijkere verdeling van opvang over Nederland, ook omdat we zagen dat minder draagkrachtige gemeenten meer deden dan rijkere gemeenten. Uiteindelijk kwamen we tot een akkoord met daarin ook de spreidingswet, waarmee opvangplaatsen worden verdeeld naar inwoneraantal en ses-score (sociaaleconomische draagkracht, red.) van de gemeente.’

Die spreidingswet, waar u zo hard voor heeft gevochten, moet volgens het nieuwe kabinet juist van tafel. Ook in Ter Apel, een van de plaatsen die het meest gebaat zou zijn bij de spreidingswet, kreeg de PVV de meeste stemmen.

‘Bij de afgelopen verkiezingen is het verhaal dat alle problemen de schuld zijn van asielzoekers heel goed aangeslagen. Politieke partijen gebruiken vluchtelingen stelselmatig om mensen angst aan te jagen. Ook de VVD wakkert dat vuurtje aan voor politiek gewin.

‘Ik vind het echt kwaadaardig dat asielzoekers tot zondebok zijn gemaakt. Neem de woningnood. Er zijn veel partijen die zeggen dat vluchtelingen de huizen inpikken, terwijl de woningnood een gevolg is van politieke besluiten. Voorgaande kabinetten hebben grote investeerders aangemoedigd om zo veel mogelijk sociale huurwoningen op te kopen en ze daarna duur te verhuren.’

Toch lukt het linkse partijen niet om Nederlanders van dat verhaal te overtuigen.

‘Ik denk inderdaad dat GroenLinks-PvdA een overtuigender verhaal moet hebben. Het kapitalisme heeft desastreuze gevolgen voor mens en milieu. Dat scherp benoemen en tegengaan, is voor mij de kern van linkse politiek. GroenLinks en PvdA hebben al sinds de jaren negentig te weinig fundamentele kritiek geuit op liberalisering en privatisering.’

U had een sleutelpositie als voorzitter van de asielcommissie. Door op te stappen kunt u voortaan een stuk minder betekenen voor asielzoekers en ongedocumenteerden. Had u niet beter kunnen aanblijven?

‘Natuurlijk heb ik daarover getwijfeld. Ik heb lang nagedacht of ik vanuit mijn positie als voorzitter iets zou kunnen doen voor deze groepen. Ik heb er ook veel met vrienden over gepraat. Besturen betekent per definitie dat je soms je eigen opvattingen geweld moet aandoen. Soms is dat nodig om iets groters te bereiken.

‘Maar in dit geval ben ik er, naast de principiële bezwaren, ook van overtuigd dat mijn voorzitterschap niets beter had gemaakt voor asielzoekers. Om goed te kunnen onderhandelen, moet er een gedeeld beeld of een gedeelde opvatting zijn, anders bereik je niets.

‘Overigens blijf ik lid van de commissie. Als voorzitter moest ik het geluid van de VNG vertegenwoordigen, en heb ik mijn eigen opvattingen dus enigszins onderdrukt. Ik ben nu vrijer om het Amsterdamse geluid te laten horen.’

Groot Wassink groeide op in Doetinchem, zijn ouders hadden een winkel in verpakkingsmaterialen. Na een wat hobbelige middelbareschooltijd (Groot Wassink bleef twee keer zitten), ging hij Ruslandkunde studeren. Na een jaar stapte hij over naar contemporaine geschiedenis, en schreef zijn scriptie over de ideologie van de extreemlinkse terreurgroep Rote Armee Fraktion (RAF).

Al tijdens zijn studie had hij een bijbaantje op het kantoor van GroenLinks, als avondportier. In 2006 kwam hij in de deelraad van het Amsterdamse stadsdeel Westerpark. Vijf jaar later ging hij aan de slag als medewerker van de Tweede Kamerfractie van GroenLinks, tot hij in 2014 fractievoorzitter werd in Amsterdam.

Waarom bent u de politiek ingegaan?

‘Ik ben niet zo van het psychologiseren, maar toen ik opgroeide zag ik al dat het verschil maakte waar je woonde, en dat een kind van een dokter anders werd behandeld op school dan het kind van de ijzerhandelaar. Tegen die ongelijkheid heb ik me altijd verzet.

‘Ik heb nooit gedroomd van een politieke carrière, ik ben er ingerold. Maar ik kan me als politicus wel inzetten voor mensen in de verdrukking, of dat nu mensen met een uitkering zijn of vluchtelingen. Dat is altijd mijn motivatie geweest. Ik wil dingen verbeteren en veranderen voor die mensen.

‘Ik geloof daarbij wel dat solidariteit ook toekomstige generaties moet omvatten, vandaar dat ik me verbonden voel met de klimaatbeweging. En solidariteit is per definitie internationaal, het kan niet stoppen bij landsgrenzen. Je kunt mooie waarden niet beperken tot je eigen groep.’

Toch is dat juist de belofte waarmee Geert Wilders de verkiezingen won. Nederland voor de Nederlanders. Solidariteit beperken tot de eigen groep spreekt kiezers aan.

‘De PVV verspreidt plaatjes van een etnisch Nederlandse eenheidsstaat vol blonde kindjes met blauwe ogen. Een fictief beeld van wat Nederland is, dat samenhangt met de omvolkingstheorie. Heel gevaarlijke flauwekul.

‘Máxima werd destijds enorm verketterd toen ze zei dat de Nederlandse cultuur niet bestaat, maar ze had wel gelijk. We zijn altijd een land van migranten en verschillende culturen geweest.’

Dat is voor u makkelijk praten, u bent wat sommige mensen een linkse elitaire stedeling noemen. U woont niet in een wijk waar de bevolkingssamenstelling in korte tijd volledig is veranderd, waar mensen het gevoel hebben de grip op hun omgeving te hebben verloren. Ze voelen angst.

‘Die angst wordt door de PVV met veel enthousiasme aangewakkerd.'

Dat neemt niet weg dat die angst er is.

‘Ik begrijp goed dat er mensen zijn die het lastig vinden dat in hun buurt veel mensen met een migratieachtergrond wonen. Maar de oorzaak daarvan ligt in de manier waarop we ons systeem hebben ingericht. We zetten praktisch opgeleide mensen met slechte arbeidsomstandigheden en een laag inkomen bij elkaar in dezelfde buurten. Dat is voor niemand goed. Het is een klasseprobleem.

‘Ik vind dat we de zorgen serieus moeten nemen. Maar ik kan me toch ook niet aan de indruk onttrekken dat er mensen zijn die aanstoot nemen aan anderen vanwege hun kleur. Die mensen zijn overduidelijk racisten, en daartegen zal ik me altijd verzetten.

‘De problemen die we hebben zijn niet de schuld van migranten. De overgrote meerderheid van de migranten probeert iets moois van hun leven te maken. En dat lukt de meesten heel aardig.’

In het verleden bent u beschreven als een kneiterlinkse politicus met een buitenparlementair randje.

‘Daar herken ik me helemaal niet in!’ Groot Wassink grinnikt. ‘Ik ben inderdaad heel links, ik ben voor radicale herverdeling van de welvaart. En ik ben wethouder, dus ik heb me aan de wet te houden.’

In de jaren tien is in Amsterdam veel gekraakt om ongedocumenteerden een dak boven het hoofd te bieden. Vindt u dat soort middelen geoorloofd?

‘Ik hoop dat het niet nodig is. Maar ik denk ook dat het buitengewoon onwenselijk zou zijn als een grote groep ongedocumenteerden op straat komt te staan. Voor de mensen zelf, maar ook voor Amsterdam en de openbare orde in de stad.’

U heeft uitgesproken ideeën over de landelijke politiek. Overweegt u een overstap naar Den Haag? Minister van Asiel en Migratie in een volgend kabinet?

‘Zeg nooit nooit, maar ik acht het onwaarschijnlijk.

‘Ik stop over twee jaar als wethouder. Dan ben ik vier jaar fractievoorzitter geweest en acht jaar wethouder, en is het tijd voor iets anders. Wat dat wordt, staat nog helemaal open, maar het zal in elk geval maatschappelijk betrokken zijn. Ik zie mezelf niet voor Shell werken.’

U werkte als fractiemedewerker in Den Haag voor Bram van Ojik. Hij beschrijft u als iemand die heel fel is op de inhoud, maar ook met politieke tegenstanders naar de kroeg gaat.

‘Ik vind dat je politieke tegenstanders te vuur en te zwaard moet kunnen bestrijden, maar dat je ook een verantwoordelijkheid hebt om de persoonlijke contacten goed te houden.’

Van Ojik ziet het zelfs gebeuren dat u op een dag met minister Faber een biertje drinkt.

‘Ik drink zelden bier, maar hoe dan ook zie ik mezelf niet gezellig keuvelen met Faber of andere PVV’ers. Zij vallen niet binnen het kader van wat ik acceptabel vind.’

Op 29 augustus, enkele weken na het interview, krijgen gemeenten te horen dat het COA een of twee extra asielzoekers per locatie moet opvangen. Het COA kreeg daartoe opdracht van minister Faber, om zo Ter Apel te ontlasten. Gemeenten zijn overvallen door dit besluit, er heeft geen overleg met de VNG plaatsgevonden. Dat is opvallend, de PVV is altijd fel gekant geweest tegen het verplichten tot opvang. ‘Bizar’, reageert Groot Wassink een dag later telefonisch. ‘Klaarblijkelijk wil Faber nu toch dwang toepassen.’

Hoeveel extra mensen moet Amsterdam opvangen?

‘Wij hebben het verzoek gekregen om vijftig extra asielzoekers voor een paar weken op te vangen.’

Heeft u al geantwoord?

‘Ik ben nog aan het nadenken.’

De minister zegt dat het voor 1 september rond moet zijn.

‘Amsterdam zal altijd kijken naar een verzoek, omdat wij ons bekommeren om het lot van mensen die gevlucht zijn voor oorlog en geweld. Dus ik ga erover nadenken, maar ik moet helemaal niks.’

CV Rutger Groot Wassink


1974 Geboren in Doetinchem

1996-2002 Contemporaine geschiedenis Universiteit Utrecht

2000-2004 Projectmedewerker Stichting Duurzame Solidariteit

2004-2011 Beleidsadviseur FNV

2006-2014 Fractie(voorzitter) Stadsdeel Westerpark en West Amsterdam

2011-2015 Fractiemedewerker GroenLinks

2014-2018 Fractievoorzitter GroenLinks Amsterdam

2015-2018 Adviseur Woonbond

2018-heden Wethouder Sociale Zaken, Asiel en Opvang Amsterdam

Groot Wassink woont samen met zijn vriendin, ze hebben twee kinderen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next