Als tegemoetkoming voor gemeenten die krap bij kas zitten, overweegt de Italiaanse overheid een forse verhoging van toeristenbelastingen. De plannen stuiten op weerstand in de sector en zijn tekenend voor de paradoxale relatie die Italië heeft met toeristen.
Het voorstel van de Italiaanse overheid, ingezien door de Britse zakenkrant Financial Times (FT), moet de financiële druk op Italiaanse gemeenten verlichten en toeristen ‘verantwoordelijker’ maken. Op kamers onder de 100 euro per nacht mogen gemeenten de belastingen verhogen met maximaal 5 euro per nacht, oplopend tot 25 euro voor kamers die meer dan 750 euro kosten.
De verantwoordelijke minister Daniela Santanchè zegt volgende maand in gesprek te gaan met belangrijke spelers uit de toerismesector. ‘In tijden van overtoerisme bespreken we dit, omdat het echt helpt om de dienstverlening te verbeteren en de toeristen verantwoordelijker te maken.’
Over de auteur
Jasper Daams is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.
Het voornemen stuit op weerstand bij de voor Italië zo belangrijke toerismesector. De vrees bestaat dat het verhogen van belastingen de toeristen zal wegjagen. ‘Als we reizigers die naar ons toe komen, afschrikken door de indruk te wekken dat we willen pakken wat we kunnen, bewijzen we het land geen dienst’, zei Barbara Casillo, directeur van de branchevereniging voor hotels en internationale ketens.
Dat voorzichtigheid is geboden, blijkt uit de sterke Italiaanse afhankelijkheid van toerisme. De sector is jaarlijks goed voor ruim 10 procent van het bbp, wat neerkomt op zo’n 215 miljard euro. Die angst lijkt echter ongegrond: ontmoedigingsmaatregelen uit het verleden hebben de toeristen niet weggejaagd.
Wat voor de Italiaanse overheid een rol speelt, is de enorme druk die op de begroting staat. Volgens voorspellingen van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) zal de totale Italiaanse overheidsschuld dit jaar oplopen tot naar schatting 140 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Dat is ruim het dubbele van de norm van 60 procent die de Europese Unie hanteert. De jaarlijkse kosten voor de aflossing van die schuld zijn volgens FT even hoog als het bedrag dat Italië uitgeeft aan openbaar onderwijs.
Hoewel het geld hard nodig is, zit Italië in zijn maag met de enorme jaarlijkse instroom van toeristen. Sinds de coronapandemie is het toerisme in het Zuid-Europese land onophoudelijk gegroeid. Vorig jaar werd Italië volgens het Italiaanse statistiekbureau Istat overspoeld met een recordaantal van meer dan 134 miljoen toeristen, van wie ongeveer de helft uit het buitenland kwam. Naar verwachting zullen dat er dit jaar nog meer zijn.
Exemplarisch voor de Italiaanse toeristenproblematiek is Venetië. De 50 duizend inwoners tellende stad trekt jaarlijks miljoenen toeristen. Om die enorme aantallen enigszins te beteugelen, kwam de stad al met een aantal maatregelen. Zo experimenteerde zij met een entreeprijs op de drukste dagen van het jaar, en kondigde ze een verbod aan op groepen groter dan 25 personen en luidsprekers voor gidsen.
Toch heeft de Italiaanse overheid zich als doel gesteld de toerismesector juist uit te breiden. Minister Santanchè, lid van premier Giorgia Meloni’s Fratelli d’Italia, vindt wel dat de sector beter moet worden ingericht. ‘In Italië zijn de dingen vaak gratis of heel, heel goedkoop’, zei ze eerder dit jaar tegen de BBC. ‘Het Colosseum verdient maar een kwart van wat het New York Museum of Natural History verdient.’
Mocht het nieuwe voorstel in de wet worden verankerd, zou dat de tweede belastingverhoging in de Italiaanse toerismesector betekenen in twee jaar tijd. Vorig jaar stond de overheid de populairste steden onder toeristen al toe de belastingen met 10 euro per persoon per nacht te verhogen. De extra belasting wist het massatoerisme niet terug te dringen, wel leverde het de staatskas ruim 300 miljoen euro op: van 470 miljoen euro in 2019 – vóór de coronacrisis – tot 775 miljoen vorig jaar.
Op dit moment zijn Italiaanse gemeenten verplicht de opbrengsten uit toeristenbelasting te investeren in de groeiende sector, bijvoorbeeld in onderhoud van toeristische trekpleisters. Maar het nieuwe voorstel omvat ook een versoepeling van die regel. Zo zouden gemeenten de extra inkomsten ook mogen uitgeven aan het inzamelen en wegwerken van afval.
Volgens voorzitter Marina Lalli van Federturismo, een organisatie die de belangen behartigt van bedrijven uit de toerismesector, gebruiken Italiaanse gemeenten die belasting nu al ‘illegaal’ om gaten in de begroting te dichten. ‘Als je straten gaat repareren die vol zitten met gaten en je betaalt dat met geld dat binnenkomt uit toeristenbelasting, is dit dan echt voor toeristen, of is dit iets normaals dat je in je stad zou moeten doen?’, vraagt zij zich af.
Lalli staat dan ook niet te springen om een versoepeling van de regels omtrent de toeristenbelastingen. ‘Het is belangrijk om een stad te hebben die er fatsoenlijk uitziet’, zegt ze. ‘Althans, in de toeristische gebieden. Maar het is niet zo dat we geld van de toeristen moeten gebruiken om dingen te repareren in gebieden waar toeristen niet eens komen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant