De SK6000 is de sterkste landhijskraan op aarde, volgens de ontwerper. De nieuwe kraan past in een trend van almaar groter wordende constructieprojecten, zoals windturbines van bijna 250 meter hoog. ‘En we werken al aan grotere kranen.’
‘Van de week stond hier een gepensioneerde man op een keukentrapje bij het hek. Hij probeerde foto’s te maken, terwijl zijn vrouw het trapje vasthield.’ Niet elke ingenieur trekt zoveel bekijks met zijn werk als Erik Visser van hijs- en transportbedrijf Mammoet. Sterker nog, de bijna tweehonderd jaar oude Nederlandse multinational verkoopt merchandise en heeft een heuse fanclub: de Mammoet Club.
Dat zich deze dagen bewonderaars rond het bedrijfsterrein in Westdorpe laten zien, in het uiterste zuiden van Zeeland, is begrijpelijk. Wat er hier boven het Zeeuwse landschap uittorent, is volgens Mammoet de sterkste landhijskraan op aarde: de SK6000. Een kolossale rood-zwarte spierbonk van dikke stalen balken, kabels en katrollen. Vrijdag werd hij officieel gepresenteerd. Visser was als hoofdingenieur vanaf de ontwerpfase erbij betrokken.
Over de auteur
Niels Waarlo is economieverslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft onder meer over duurzaamheid, de circulaire economie en de hightechsector.
Deze kraan kan maximaal zesduizend ton optillen. Richt hij zich helemaal op, dan is hij bijna tweehonderd meter hoog – al kan er nog een extra opzetstuk op om hem langer te maken. Alleen al de kabel die de twee masten bijeenhoudt, en die oogt als een uit de kluiten gewassen fietsketting, weegt 250 ton.
De SK6000 past in een trend van hijskranen die steeds groter worden. Dat heeft een voor de hand liggende reden: constructieprojecten nemen steeds grotere vormen aan, in het bijzonder rond zee. Neem windturbines. Waren nieuwe exemplaren twintig jaar geleden doorgaans rond de 100 meter hoog, inmiddels verrijzen er molens met een tiphoogte van bijna 250 meter in de Noordzee, met wieken van meer dan honderd meter lang. Nóg grotere molens liggen op de tekentafel.
Hoe groter de windturbines, hoe hoger de energieopbrengst, zegt Andrei Metrikine, hoogleraar offshore engineering aan de TU Delft. ‘De Noordzee begint behoorlijk vol te raken. Er is ook ruimte nodig voor schepen, visserij en natuurgebieden. Daarom hebben grotere windturbines de voorkeur, om zoveel mogelijk elektriciteit per vierkante kilometer op te kunnen wekken.’
Constructie van de molens gebeurt grotendeels op land, waarna de onderdelen op een schip worden getakeld om op zee te worden geïnstalleerd. De zee is de enige plek waar nóg krachtigere hijskranen te vinden zijn dan de SK6000. Ze varen rond op enorme kraanschepen.
Ook drijvende windmolens worden goeddeels op land in elkaar gezet met grote hijskranen. De verwachting is dat deze turbines een opmars zullen maken zodat er ook in diepe wateren windenergie kan worden opgewekt. Alleen al de stalen of betonnen drijvers waar ze op staan, en die met kabels aan de zeebodem zijn vastgeketend, kunnen duizenden tonnen wegen.
Overigens is de SK6000 lang niet alleen bedoeld voor de aanleg van wind op zee. Zo denkt Mammoet ook aan de bouw van drijvende terminals voor vloeibaar gas en kerncentrales. Hierbij wordt vaak modulair gewerkt: kranen tillen componenten die op de grond in elkaar zijn gezet – zoals een complete nucleaire reactor – omhoog om ze aan het bouwwerk toe te voegen. Kun je grotere componenten in één keer optillen met een grotere kraan, dan bespaart dat een boel tijd en energie, is het idee.
Hoogleraar Metrikine is enthousiast over de nieuwe kraan van Mammoet. ‘Misschien zijn er een of twee kranen in de wereld vergelijkbaar. Maar dit is een uitzonderlijk staaltje engineering.’
Wel waarschuwt de hoogleraar voor al te grote haast bij het plaatsen van de allernieuwste reusachtige windmolens. ‘Het aantal fabrieken dat ze kan bouwen is nog op één hand te tellen. Ik denk dat het bedrijfsleven de kosten nog flink kan terugbrengen door de productie van deze molens verder te standaardiseren. Dat dempt uiteindelijk de stroomprijzen voor consumenten.’
Ook verwacht hij dat groen staal, stillere technieken om windmolens te plaatsen en de ontwikkeling van wieken die fatsoenlijk te recyclen zijn nog zeker enkele jaren op zich laten wachten. ‘We moeten snelheid en zorgvuldigheid wel in balans houden.’
Toen de SK6000 deze week definitief stond, is er een feestje gevierd, zegt hoofdingenieur Visser. Natuurlijk, alles was van tevoren tot uit den treure getest en doorgerekend – maar er zou toch maar iets knappen... De komende maanden volgen nog tests, waarin de kraan tot het uiterste wordt gedreven, verder dan bij een bouwproject. Zo moet hij zoveel gewicht tillen dat hij nét niet omkiepert –het contragewicht van meer dan 4.000 ton zal een stukje van de grond komen. ‘Ik ga het niet doen, maar je zou je hand eronder kunnen houden.’
Begin 2025 volgt de eerste daadwerkelijke klus. Wat dat is, zegt Mammoet niet te mogen delen, maar het zal ergens in Azië zijn. De kraan is een soort reuzenbouwpakket, bedoeld om uit elkaar te halen zodat hij verdeeld over ongeveer driehonderd containers per schip de wereld over kan. Alleen al het weer in elkaar zetten kost vervolgens zo’n twaalf weken, aldus Visser. De projecten kunnen maanden tot enkele jaren duren.
Voorlopig blijft het bij één SK6000, maar het bedrijf sluit niet uit dat er nog een of twee exemplaren bijkomen. Mits er vraag is, zegt Jeremy Haylock, als technisch expert van Mammoet eveneens betrokken bij het ontwerp van de nieuwe hijskraan.
Hij verwacht dat de SK6000 de komende jaren aan de eisen van bouwers voldoet. ‘Maar alles blijft groeien. We werken achter de schermen al aan nog grotere kranen.’ Een landkraan die 10 duizend ton kan tillen? Technisch moet het kunnen, maar Mammoet begint er pas aan als klanten hem nodig hebben. ‘Het slaat nergens op om een kraan te bouwen waar niemand iets mee wil optillen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant