In Myanmar markeren jonge vrijheidsstrijders pijnlijke gebeurtenissen met tatoeages op hun lichaam, van speciale datums tot portretten van gesneuvelde collega’s. ‘Het is hun manier om een trauma te verwerken.’
Het valt op, als je er eenmaal op let: veel jongeren die in Myanmar tegen het leger vechten – sinds de militaire coup in 2021 – hebben nogal wat tatoeages op hun lichaam. Terwijl dat bepaald geen traditie is in het Zuidoost-Aziatische land.
Neem de 22-jarige Nan Dar Oo Khin, die meerijdt in een rammelende pick-uptruck vol gewapende rebellen: zij heeft een tatoeage van een geopende vogelkooi op haar bovenarm. ‘Ik zat twee jaar lang in een cel als politiek gevangene. Toen ik weer vrijkwam, liet ik dit kooitje zetten.’
Over de auteur
Noël van Bemmel is correspondent Zuidoost-Azië voor de Volkskrant. Hij woont op Bali.
Een heftig voorbeeld is de rugtatoeage van de 31-jarige Ko Thaike, een onder-commandant van de Karenni Nationalities Defence Force (KNDF). Hij verloor de afgelopen drie jaar veel strijders die onder zijn bevel stonden. Jaarlijks laat Thaike het aantal gesneuvelde jongens turven op zijn rug. ‘Natuurlijk weet ik hoeveel’, gromt hij terwijl de tatoeage net wordt geactualiseerd. ‘Drie, zes, acht... ja, dat is veel.’
De rebellenleider heeft even geen zin om te praten. Zwijgend luistert hij naar hiphop terwijl een medestrijder tientallen nieuwe streepjes op zijn brede rug zet.
Aan het front laten de jonge strijders met plezier hun lichaamsversieringen zien. Silhouetten van gelukkige gezinnen blijken populair – papa en mama met kleuters aan de hand – maar ook revolutionaire leuzen (Fight to survive, Sometimes you gotta fall before you fly) of portretten van gesneuvelde collega’s.
Zo wijst sluipschutter George (23) op zijn onderarm: ‘Kijk, dit is Sayar Kyaung, hij was als een vader voor onze eenheid en met afstand de dapperste.’ Voormalig docent Kyaung, afgebeeld in revolutionaire pose met baret op en sigaar in de mondhoek, kwam om door een vliegtuigbom tijdens de recente strijd om Loikaw, de hoofdstad van hun staat Karenni.
Opvallend afwezig in het menu van de geïmproviseerde tattooshops is Nobelprijswinnaar Aung San Suu Kyi. Die verloor veel populariteit in Myanmar toen zij tijdens haar premierschap (2016-2021) het genocidale bewind van de generaals besloot te verdedigen.
Een enkele oudere kunstenaar, zo blijkt, heeft The Lady nog wel op zijn bovenarm staan. ‘Vroeger zag je nauwelijks tatoeages in Myanmar’, zegt de 39-jarige shop-eigenaar Salai Lahtang (met krulsnor). Ouders hielden dat volgens hem streng tegen. ‘Maar nu vechten jongeren ver van huis, ze komen hier om een datum of een naam te laten zetten.’ Altijd om een pijnlijke gebeurtenis te markeren, stelt Lahtang; zoals het verlies van een vriend of een ernstige verwonding. ‘Het is hun manier om een trauma te verwerken.’
Typerend voorbeeld is de datum (19-11-2023) die de 15-jarige Than Naing Thu royaal op zijn onderarm liet noteren. Het was de dag waarop zijn leven veranderde. ‘Ik zat gewoon op school, toen de luchtmacht ons dorp bombardeerde. Geen idee waarom.’ Nu helpt Thu op een bevoorradingspost, niet ver van het front. Wat niet vanzelfsprekend is, want hij mist beide onderbenen. Wijzend op zijn twee glimmende prothesen van metaal: ‘Ze doen continu pijn, maar ik ben blij dat ik nog wat kan doen in onze strijd tegen het leger.’
Veel strijders hebben ook een gestileerd landkaartje van Karenni laten zetten. De hoogste commandant van de KNDF, de 28-jarige jongerenactivist Khun Reedu, koos voor een subtiele variant: een gestileerde kikkertrommel op zijn magere borst. Met dat heilige instrument roepen de Karen – het volk waartoe hij behoort – al eeuwenlang regen op. Zo lijken zij allemaal te willen zeggen: we vechten voor een onafhankelijk Karenni, en dus niet voor het land Myanmar.
Source: Volkskrant