Voor de verfilming van Arthur Japins roman toog regisseur Michiel van Erp met zijn crew naar Venetië. De Volkskrant woonde de opnamen in een eeuwenoud palazzo bij. ‘Ik kreeg bijna een hartverzakking toen ik zag hoe weinig licht die kaarsen gaven.’
Arthur Japin staat met zijn rug tegen een eeuwenoude spiegel, een imposant barok gevaarte dat hoog uittorent boven het wandpaneel van de Venetiaanse balzaal.
Ho, wacht... hij staat bijna met zijn rug tegen de spiegel; de schrijver (67) houdt steeds keurig voldoende afstand. Al ziet de nerveuze Italiaan die naast hem opduikt dat anders: ‘Meneer, u staat te dicht bij het glaswerk. Dat is uit de 16de eeuw. Als het breekt, dondert alles naar beneden. Dit is nu al de tweede keer dat we u waarschuwen!’
Over de auteur
Bor Beekman is filmredacteur van de Volkskrant.
Verderop staat zijn meerdere, een gezette man met pronte snor. Samen letten ze erop dat het in originele staat bewaarde Palazzo Pisani Moretta in Venetië geen schade oploopt.
Vorige week vierde zanger Andrea Bocelli hier nog zijn verjaardag. Morgenavond zal een gezelschap oliesjeiks aanschuiven voor een banket. En nu, vanavond en vannacht, is het privépaleis afgehuurd voor de opnamen van de internationale, Engels gesproken speelfilm A Beautiful Imperfection, naar Arthur Japins roman Een schitterend gebrek uit 2003.
‘Oké’, reageert de schrijver op de interruptie van de beveiliger, niet onvriendelijk. ‘Maar dit is pas de eerste keer dat iemand dit tegen mij zegt.’
‘Nee, nee. Mijn baas heeft u dat net ook al eens medegedeeld.’
Nu verandert er iets in de blik van Japin. ‘U noemt mij een leugenaar?’
‘It’s okay’, mompelt de Italiaan, die plots aanstalten maakt om door te lopen.
‘Nee, het is niet oké. U noemt mij een leugenaar. En dat ben ik niet.’
Beveiliger af, de schrijver handhaaft zijn plekje bij de spiegel. Soeverein. Regisseur Michiel van Erp zette hem eerder daar neer. En dat is ook de enige aanwezige die Japin zomaar weg zou krijgen.
De schrijver is vandaag, behalve coscenarist, ook een volledig gekostumeerd figurant, een van de 75 op de set. Hij oogt alsof hij zo komt aangelopen uit zijn boek: lange kousen, sjaaltje, pruik met fijne krulletjes.
Japins historische roman ontsproot ooit aan een summiere passage in de memoires van Giacomo Casanova. Over Lucia ging het: de jeugdliefde van de latere Venetiaanse vrouwenverschalker extraordinaire. In Japins vertelling een slim en belezen meisje van eenvoudige komaf, dat haar verloofde Casanova niet meer onder ogen durft te komen nadat haar gezicht verminkt is geraakt door de pokken. Ze werkt zich op van straatprostituee tot veelgevraagd en immer gemaskerd courtisane.
Het boek werd een bestseller, met vertalingen over heel de wereld. Stephen Fry kocht al vlot de rechten, maar zijn verfilming kwam niet van de grond. Fotograaf Erwin Olaf (die in 2023 overleed aan de gevolgen van longemfyseem) ondernam vervolgens een serieuze poging, die stokte toen hij fysiek niet meer in staat bleek zo’n omvangrijke productie aan te sturen. En zo erfde Michiel van Erp Een schitterend gebrek.
Verderop in de zaal is de regisseur van onder meer Ramses en Niemand in de stad druk met de repetities van het dansgezelschap, de brandduur van de honderden echte kaarsen en het kalmeren van de besnorde beveiliger als de microfoonhengel rakelings langs antieke muranoglazen kroonluchters zwiept. ‘We have insurance!’
Kort voor de camera aangaat, loopt Van Erp nog een laatste controlerondje over de paleisvloer. Tegen Japin: ‘Je ziet er fantastisch uit.’ De schrijver en figurant staat exact waar hij hoort te staan.
‘O wat leuk: je maakt een kostuumdrama! Dat zegt iedereen, en dan zie je ze zo verheerlijkt kijken. Nou, ik heb zelf nog nóóit verheerlijkt naar een kostuumdrama gekeken.’ Michiel van Erp grijnslacht. ‘Het is ook helemaal niet mijn ding.’
Maarten Swart, van productiemaatschappij Kaap Holland Film: ‘En dat zeg je nu?’
De regisseur en de producent zitten op een Venetiaans plein, op enige afstand van de toeristenstroom. Het is de middag voor de nachtopnamen in het palazzo.
Van Erp: ‘Maarten heeft het altijd over referentiefilms, ik niet. Oké, Barry Lyndon (uitsluitend met natuurlijk licht gefilmd kostuumdrama van Stanley Kubrick uit 1975, red.) vond ik zeer inspirerend, die heb ik teruggekeken. Die film heeft alles overleefd. Portrait of a Lady on Fire (van Céline Sciamma, uit 2019, red.) vond ik ook goed. Zo mooi sober gemaakt. Daar waren de kostuums en locaties ook niet zo overheersend, het ging echt om het verhaal. En daar gaat het mij ook om.’
Swart knikt. ‘Een episch liefdesverhaal.’
‘Het moet straks geen etalage worden van een Venetiaans bal’, bezweert Van Erp. ‘Dat is wel een dingetje. Ook met zo veel figuranten. Het mag iets romantisch hebben, maar niet suikerzoet romantisch. Het is vooral een opwindende film, snap je? Het gaat over erotiek, over de enorme magnetische aantrekkingskracht tussen de twee hoofdpersonages, Lucia en Giacomo Casanova.
‘Nu is het een soort kermis hier, maar in die tijd was een Venetiaans bal veel donkerder en mysterieuzer. Het was de plek waar men los ging. Alle vrouwen droegen zwarte maskertjes, soms ook met een pin in de mond, zodat ze niet konden praten. Het was niet zo clownesk, eerder sinister.’
Dat het Van Erp moest zijn, nadat Olaf noodgedwongen was afgehaakt, was voor producent Swart meteen duidelijk: ‘Michiel kan zelfs een natte tennisbal nog goed laten acteren.’
De regisseur en de fotograaf kenden elkaar goed; Van Erp maakte meerdere documentaires over Olaf. ‘Maar mijn werk lijkt helemaal niet op dat van Erwin’, aldus Van Erp, ‘dus het voelde eerst wel een beetje raar toen ik werd gevraagd.
‘Erwin was blij dat ik het dan ging doen. We hebben wat gesprekken gevoerd over het boek en bepaalde scènes. Maar hij heeft nooit gezegd: je zou het zo of zo moeten aanpakken.’
De allereerste scriptversie van de film dateerde nog van voor de MeToobeweging, die er ook toe leidde dat er meer aandacht kwam voor het vrouwelijk perspectief in de kunst. Swart: ‘Laat ik het zo zeggen: die versie haalde de bechdeltest niet.’
Een film ‘slaagt’ voor de bechdeltest als er minstens twee vrouwelijke personages in voorkomen die een gesprek voeren dat níét over een man gaat.
Van Erp: ‘Het was een goed script, maar geschreven in een andere tijd. Er is gewoon veel veranderd, de afgelopen tien jaar. Het heeft me wel hoofdbrekens bezorgd: hoe vertel je dit verhaal op een manier die ook modern is? Ik vond dat het over de ontwikkeling van Lucia moest gaan, meer dan over Casanova. Hoe zij zichzelf moet leren waarderen, en seksueel op onderzoek gaat.’
De Ierse toneelschrijver Ursula Rani Sarma werd gevraagd zich over het script te buigen, voor een nieuwe versie. ‘We hebben de mannelijke blik eruit gehaald’, zegt Swart. ‘En zo zijn we ook weer dichter bij Arthurs boek gekomen.’
Wel aangepast, of onbenoemd in de film, is de leeftijd van Lucia op het moment dat Casanova voor haar valt (in het boek is ze 14). ‘Dat historische element was te hobbelig. We laten haar leeftijd in het midden, maar ze ziet er absoluut niet zo jong uit.’
Niko Post wandelt over het plein. De uitvoerend producent, een van de ervarenste uit Nederland, schetst de actuele situatie: ‘Iedereen is nu hier. Dat is fase één. Fase twee is iedereen op tijd op de set krijgen. Op dit moment zweeft de apparatuur ergens boven het water op een boot.’
‘Doodeng’, zegt Van Erp. ‘En fase drie?’
‘Fase drie is gewoon filmen. Waarvoor we hier zijn.’
De internationale cast van de Engels gesproken film is ervaren, maar telt geen grote sterren. ‘O, dat had ik superleuk gevonden’, zegt Van Erp, ‘maar dat konden we niet betalen.’ Schalks lachje naar zijn producent: ‘Ik ben héél eerlijk.’
Swart: ‘We hebben vanaf het begin gezegd: de keuze voor de acteurs is vrij. De financiering was zo opgezet dat we niet verplicht waren om er een grote naam aan te verbinden. Met zo’n naam loop je ook het risico dat je film zo weer een jaar doorschuift, vanwege de beschikbaarheid.’
Van Erp: ‘Ik heb ze wel degelijk gesproken, die bekende acteurs. Namen noem ik niet. Maar het kan ook dat je dan twee weken van tevoren hoort: toch maar niet.’
Dit overkwam regisseur Martin Koolhoven en producent Els Vandevorst bij de western Brimstone, toen acteurs Mia Wasikowska en Robert Pattinson zich kort voor de opnamen plots terugtrokken. Even dreigde de hele productie te klappen, tot Dakota Fanning en Kit Harington rap instapten – geen verkeerde ruil.
Het budget van Een schitterend gebrek is geraamd op 5,4 miljoen euro. ‘Belachelijk weinig voor zo’n film’, zegt Swart. ‘Maar dat zie je er straks niet aan af.’
Ook hier werd er voor het draaien van hoofdrolspeler gewisseld, toen de Portugese actrice die Lucia zou spelen afviel. Van Erp: ‘Ik ga haar naam niet noemen, dat vind ik lullig voor haar. Maar tijdens het videobellen merkte ik dat ze niet zo bezig was met de inhoud van de film: het ging steeds over de planning.
‘Dit moeten we niet doen, dacht ik. Later bleek ze ook dicht tegen een burn-out aan te zitten. Gelukkig hadden we in de laatste castingronde nóg een steengoede actrice gezien. Dat was Dar, en die kon.’
Fotomodel en actrice Dar Zuzovsky (33), geboren in Tel Aviv, speelde in verschillende Israëlische tv-series. Ze staat op de drempel van een internationale doorbraak, speelde al een bijrol in het biografische Holocaustdrama The Survivor (2021) van Barry Levinson. Londenaar Jonah Hauer-King (The Little Mermaid) speelt Casanova.
Van Erp: ‘Heel leuke vrouw, Dar. Een beetje gek, maar dat is goed. En een zeer toegewijd actrice. Dat valt me sowieso op van die internationale acteurs: ze zijn altijd goed voorbereid. Geen gelummel.’
Waar zijn de platte dansschoenen van Dar? Ze hadden er al moeten zijn. Een van de assistenten op de set brabbelt wat in zijn portofoon. ‘Ze zijn onderweg... met de boot.’ Zuzovsky tilt haar jurk, die zojuist door de kostuumafdeling ongenadig strak is dichtgeregen, iets op om haar schoeisel te tonen. Met hak. ‘Ik weet niet of ik hiermee de lift kan doen... Sorry.’
‘Neeeee’, sust Van Erp. ‘Het moet goed voelen voor jou. Niks forceren.’
Iets verlaat, maar nog op tijd voor de repetitie, meert de boot met de schoenen van de actrice aan bij het paleis, op een paar steenworpen afstand van de beroemde Rialtobrug. Boven in de balzaal stelt Van Erp zijn crew voor aan de figuranten, musici en dansers: ‘This is Myrthe (Mosterman, red.), you can also call her the camerawoman. And this is the soundwoman, she’s called Lot (Peeters, red.).’
In de zo dadelijk te filmen scène gaat Lucia, dan al door de pokken gehavend, voor het eerst gemaskerd op pad. Van Erp: ‘Ze ontdekt dat niemand haar met een masker op lelijk vindt. En ze vraagt iemand naar Giacomo Casanova. Dat gesprek móét bijzonder worden. Ook raakt ze verstrikt in een soort delirium-achtige dans. Ik wil er meer uithalen dan op papier in het script staat, dat is toch de sport.’
Er zijn wat hobbels. Zoals de tijd, die krap is: om klokslag twee uur ’s nachts moet het paleis weer worden ontruimd. Ook is er nodige logistiek, vanwege de honderdtwintig man cast en crew, kostuums, make-up. Maar de meest complicerende factor is toch wel de belichting: een goede driehonderd kaarsen, verdeeld over grote kandelaars en een tiental honderden jaren oude glazen kroonluchters. De eigenaar van het paleis vertrouwt maar één iemand met de kaarsen, zegt de Italiaanse uitvoerend producent, ‘dus die boek je erbij.’
Ze worden één keer aangestoken. De belofte is dat ze dan zes uur zullen branden. Maar misschien ook maar vier, wat te kort zou zijn. Ook dienen de ramen van het palazzo de hele nacht dicht te blijven, om te voorkomen dat een briesje de vlammen uitblaast. Het is hartje zomer in Venetië; in de balzaal zal de temperatuur oplopen tot zo’n 40 graden.
Van Erp is erop gekleed, met korte broek en hoge witte sokken: ‘Ik laat het decorum nu los.’
Na de repetitie gaan de maskers op, die doen denken aan een fetisj- of spookachtig bal. Gladwitte exemplaren voor de mannen, met geprononceerde kin. Uitdrukkingsloos zwart voor de vrouwen, zonder inkeping bij de mond.
Het benadert de historische werkelijkheid, zegt kostuumontwerper Ellen Lens, die ooit afstudeerde op het tijdsgewricht van de film. Zij ontwierp de kledij van alle hoofdrolspelers. Die van de figuranten is gehuurd; sommige kostuums dateren nog van de films van Fellini. Ook zijn er honderdtwintig pruiken meegereisd, vanuit Nederland.
Lens: ‘Het was hier het sodom en gomorra van Europa, in de 18de eeuw. In Venetië mocht alles. Als vrouw kon je nauwelijks praten, met zo’n masker op. Dat hebben we voor de film wel iets aangepast. En iedereen vindt die jurken mooi, maar was de levende hel om ze te dragen. Je kon niks, helemaal ingesnoerd.’
Japin, dankzij zijn research eveneens kenner van de periode: ‘Je waaier openhouden betekende ook iets: dan was je te koop.’
Van Erp overziet de volle zaal: ‘Hier doe je het voor, toch?’
De Italiaanse opnameleider knalt er een snerpend ‘Silenzio!’ uit, waarna de camera begint te draaien. Twee gemaskerde vrouwen – Dar Zuzovsky en de Vlaamse actrice Ruth Becquart – snellen de trappen op.
Mooi hoor, zegt iemand.
‘Het was helemaal niet mooi’, reageert Van Erp. ‘Ik zie het decor helemaal niet!’
‘Te veel schaduw’, vindt ook cameravrouw Mosterman. Ze wijst op het orkestje. ‘Dat moet daar weg.’ Er worden nog wat extra reflectieborden aangerukt, om het beperkte licht te dirigeren.
Later, bij de dialoogscène, volgt Van Erp met zijn neus bijna tegen de monitor de subtiele beweging in de ogen van Zuzovsky, achter haar masker. ‘Dit ja. Dít is goed!’ Ter hoogte van de linkerwenkbrauw van de actrice is een klein stukje pokkenlitteken zichtbaar, aangebracht door de specialeffectsgrimeur.
Tussen de opnamen door rust het peloton gekostumeerde dansers plat uitgestrekt op de stenen vloer, voor wat koelte. Terwijl Van Erp onvermoeibaar op en neer rent door het bloedhete vertrek, oefent Mosterman haar ‘subjectieve’ camerabewegingen. Ze wil de scène draaien vanuit het tollende perspectief van de door de dans meegevoerde Lucia.
Na één uur ’s nachts worden de druk en de vermoeidheid zichtbaarder. Alleen de laatste, intensiefste opnamen resteren nog.
Van Erp: ‘We komen nu een beetje in tijdnood, het is heel strak gepland.’
Een gelukje: de kaarsen houden zich aan de vereiste brandduur.
‘We have only half an hour!’ zegt de regisseur. Mosterman, naast hem: ‘Ik weet het.’
Ze halen het. Van Erp prijst hoofdrolspeler Zuzovsky: ‘Met Dar win je de wedstrijd.’ En hij knuffelt zijn cameravrouw. ‘Ik kreeg bijna een hartverzakking’, zegt die, ‘toen ik zag hoe weinig licht die kaarsen gaven.’
Morgen wachten de opnamen in het 18de-eeuwse vrouwenbordeel. Van Erp, onomfloerst: ‘Dan draaien we de befscène.’
De regisseur praat wat na, op het binnenplaatsje van het palazzo. ‘Ik heb heel veel locaties bezocht, overal in Italië. Maar dan kiezen mensen – ook ik – tóch allemaal ditzelfde paleis. Er zijn hier al meer films over Casanova opgenomen. Typisch. Het zal ook met het licht te maken hebben. Héél mooi.’
Producent Swart: ‘Deze was het wel, toch?’
‘O, zeker’, zegt Van Erp. ‘Kijk, ik wil gewoon de mooiste film ever maken. Dus dat probeer ik.’
Festival Film by the Sea gaat vrijdag 6 september van start met de wereldpremière van Een schitterend gebrek in het CineCity-theater in Vlissingen. Het is de 26ste editie van het Zeeuwse festival (dit jaar 6-15 september), dat zich onderscheidt met een competitie voor literatuurverfilmingen.
Een schitterend gebrek is vanaf 12 september te zien in de bioscoop.
Michiel van Erp, gevierd documentairemaker (Lang leve..., Angst, I Am a Woman Now), debuteerde in 2018 als speelfilmregisseur met Niemand in de stad. Hij regisseerde ook de veelbekroonde miniserie Ramses (2014, Prix Europa).
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant