Door overstromingen na een damdoorbraak in het oosten van Soedan vielen zondag tientallen doden. Wat is de impact van die doorbraak in het door oorlog geteisterde land? En wat zijn momenteel de grootste zorgen? Anette Hoffmann, Soedanexpert aan het Clingendael Instituut, geeft antwoord.
"Met de damdoorbraak is een van de veiligere plekken van Soedan getroffen: Port Soedan, dat 40 kilometer verderop ligt. Die stad is in de praktijk de nieuwe hoofdstad van de Soedanese regering, sinds de hoofdstad Khartoem verwoest is door de oorlog. De precieze cijfers zijn nog onduidelijk, maar er zijn sowieso twintig dorpen vernietigd door de damdoorbraak. Nog zeventig andere dorpjes zijn geraakt. We hebben het over zo'n 50.000 mensen die in dit gebied wonen en er direct mee te maken hebben."
"Maar we zien ook een indirecte consequentie die heel verontrustend is. Het water van de Arbaat-dam biedt drinkwater voor zo'n 60 procent van de inwoners van de stad Port Soedan, waar een half miljoen mensen wonen. Dat water is nu een soort modderwater geworden. Daardoor is er een enorme dreiging aan drinkwatertekort. Ook dreigt het gevaar van ziektes als cholera en diarree."
"Port Soedan is bovendien de plek waar de Verenigde Naties en het Soedanese leger hun hoofdbases hebben, en waar de meeste humanitaire hulp en handelsgoederen binnenkomen. Verder zijn door de damdoorbaak tienduizenden dieren als kamelen, koeien en geiten verdwenen en is veel landbouwgrond verwoest. Dat heeft grote impact op het levensonderhoud en de voedselzekerheid van de mensen in het gebied. Dat zijn allemaal gevaren die nu afkomen op een stad die eigenlijk de veilige plek was voor honderdduizenden ontheemden."
"De grootste zorg is met afstand de hongersnood. We hebben zoiets in de afgelopen veertig jaar nergens in de wereld gezien. Het Famine Review Committee, de hoogste internationale instantie om een hongersnood of het risico daarop vast te stellen, heeft de hongersnood in bepaalde delen van de regio Darfur vastgesteld. Het is wereldwijd pas de derde keer in twintig jaar tijd dat de organisatie dat doet. De instantie zegt ook dat in veertien andere gebieden binnen Soedan een hoog risico op hongersnood heerst."
"Ons eigen onderzoek zegt eigenlijk dat er al een hongersnood gaande is in veel andere gebieden, zoals Zuid-Kordofan, andere delen van Darfur en delen van Khartoem. Op dit moment is er voedsel voor 33 miljoen mensen, tegenover 47 miljoen mensen in een land."
"Dat is nu moeilijk in te schatten. Het is een feit dat tot nu toe heel weinig hulp Soedan is binnengekomen. Ook bereikt minder hulp de mensen die dit het hardst nodig hebben. Dat heeft onder meer te maken met te weinig financiering. Er is maar zo'n 40 procent van het Humanitaire Responsplan van de VN gefinancierd door de VN-lidstaten, ook al waren er meer toezeggingen gedaan. Maar er zijn ook andere obstakels. Oorlogspartijen houden internationale hulp bijvoorbeeld bewust tegen of pakken die af."
"Afgelopen week is er in Genève een conferentie geweest over een wapenstilstand en over de toegang van humanitaire hulp. Die heeft ervoor gezorgd dat het leger toezeggingen heeft gedaan om een belangrijke grensovergang van Tsjaad naar Darfur in West-Soedan te openen. Het blijft afwachten of die partijen hun beloftes nakomen."
"Het feit is wel dat de meeste humanitaire hulp via Port Soedan binnenkomt. Daar staat het vaak maandenlang vast, omdat het lang duurt voordat er vergunningen worden afgegeven om hulpgoederen het land binnen te laten. Maar de grootste zorg in Port Soedan is op dit moment de bedreiging van de watervoorziening. Dinsdag leek het al dat de waterprijzen in de stad verdrievoudigd zijn."
"Soedanezen zijn altijd bezig om elkaar te helpen. Denk aan vrijwilligers, nationale initiatieven, jongeren en vrouwen. Ze zetten bijvoorbeeld soepkeukentjes op en proberen voedsel en medicijnen naar mensen te brengen die ze het hardst nodig hebben. Het is onvoorstelbaar wat daar aan zelfmobilisatie gebeurt, terwijl vrijwilligers hun leven riskeren, zelfs om hun dierbaren te begraven."
"Er wordt dan ook van verschillende kanten aangedrongen dat de VN en internationale hulporganisaties die lokale actoren meer moeten steunen. Dat gebeurt nog te weinig, maar is wel de effectiefste hulpverlening op dit moment."
"Die lokale hulp kan de externe hulp niet vervangen. Niet alleen via de VN, maar ook via lokale handelaren. Zij zijn in staat om producten van A naar B te brengen, zolang er mensen zijn die het kunnen betalen. Directe cashtransfers (geld geven aan arme mensen, red.) van internationale organisaties zijn, naast voedselhulp, van groot belang."
Source: Nu.nl algemeen