Home

Zou Wouter Koolmees een burgemeestersafscheid moeten worden gegund?

Behalve sport- en popsterren kunnen ook burgemeesters in Nederland rekenen op een groots afscheid. Met trompetgeschal, prijzende woorden en een auto vol cadeaus worden ze uitgeluid.

Want deze ongekozen bestuurders zijn – uitzonderingen daargelaten – mateloos populair, zoals Job Cohen en Eberhard van der Laan in Amsterdam, Jozias van Aartsen en Wim Deetman in Den Haag en Bram Peper en Ivo Opstelten in Rotterdam. In de landelijke politiek konden ze geen goed doen, maar als burgervader werden ze bewierookt. Het is niet vreemd dat ook Ahmed Aboutaleb afgelopen weekeinde een afscheid kreeg waarvan leden van een kabinet alleen kunnen dromen.

Wie als voormalig politicus echter baas wordt van een publieke instelling, kan de borst natmaken. Dan wachten pek en veren. Wouter Koolmees, die als minister van Sociale Zaken nog best werd gepruimd, is nu aangeschoten wild. Als president-directeur van de NS zou hij er helemaal niets van bakken. Analisten en columnisten van links tot rechts haalden hem vorige week genadeloos door de gehaktmolen. ‘NS is spoor bijster’, zo becommentarieerden de kranten al woordgrappend zijn voorspelling van een ‘pittig najaar vol vertragingen’, vlak nadat een tariefsverhoging was aangekondigd. ‘Ministers zijn nooit goede managers’, was een vooroordeel uit een van de talkshows.

Over de auteur
Peter de Waard is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Het leidt tot nogal wilde conclusies: de NS zou de minst punctuele, meest overvolle en allerduurste treinvervoerder van Europa, zo niet de wereld zijn. Reizigers zouden in Nederland de auto worden ingejaagd, want dat vervoer is inmiddels goedkoper.

Dat is niet helemaal fair. Of helemaal niet. In de eerste plaats is het treinverkeer in Nederland nog altijd punctueler dan in Duitsland of België. In Duitsland is de situatie zo hopeloos – 45 procent van de langeafstandstreinen had in juni een vertraging van een kwartier of meer – dat ‘tijdschema’s niet meer worden berekend, maar geschat’. Alleen Zwitserland doet het in Europa beter dan Nederland. Hier hangen geen mensen aan de wagons of zitten ze op daken, zoals in India, en zijn er geen treinduwers nodig – de zogenoemde oshiya – zoals in Japan, waar passagiers als sardientjes in een blik reizen.

Gemiddeld kost een reis met de trein 14 cent per kilometer (met een dalurenkaart is het nog aanzienlijk goedkoper), tegenover 23 cent voor privéauto’s en 49 cent voor leaseauto’s, zo stelden de Kamers van Koophandel dit jaar. En dat is exclusief parkeerkosten. Natuurlijk is niet iedere privéauto hetzelfde. Een oud vehikel van 5.000 euro kost minder aan afschrijving en verzekering dan een splinternieuwe Porsche, maar duurder blijft het. Of de automobilist moet drie andere mensen meenemen. Helaas worden vier van de vijf autoritjes alleen gemaakt. Zelfs vijf uur in een file op de A2 schrikt mensen niet af. Blijkbaar vinden mensen het comfortabeler in een koekblik dan in een sardineblik.

En daar handelt de overheid ook naar. De investeringen in het Nederlandse wegennet zijn met 12 miljard euro vier keer zo groot als die in het spoor.

Als dat omgekeerd zou zijn, zou ook Koolmees een burgemeestersafscheid krijgen, in plaats van een vertrek via de zijdeur.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next