Home

De stille feminisering van de hofhouding: de kamerheer van de koning is steeds vaker een vrouw

Ogen en oren in de provincie, dat zijn de twaalf kamerheren van koning Willem-Alexander. Maar heren zijn het steeds minder vaak. De koninklijke erefunctie maakt een stille feminisering door.

Als koning Willem-Alexander en koningin Máxima dinsdagochtend voor een streekbezoek aan Walcheren in Vlissingen aankomen, is de eerste hand die zij schudden die van kamerheer Danny Hollestelle-Van Rooijen. Wat vroeger ondenkbaar was, is sinds enkele jaren doodgewoon: de kamerheer is een vrouw.

De personele revolutie voltrekt zich sinds zes jaar betrekkelijk stil, maar gestaag. Op 1 juli 2018 werd Coby Zandbergen uit Zwolle kamerheer van de provincie Overijssel, als eerste vrouw in die functie. De koning heeft als (onbezoldigde) leden van zijn hofhouding een kamerheer in elk van de twaalf provincies.

Hollestelle uit Goes is sinds 1 januari 2019 de tweede vrouw, toen zij kamerheer van Zeeland werd. Tegen de PZC zei Hollestelle indertijd: ‘Het past mogelijk bij de verandering en modernisering van het Koninklijk Huis.’

Daarna kreeg ook Zuid-Holland, met Adri Bom-Lenstra (per 1 april 2022), een vrouwelijke kamerheer. Dit jaar, op 1 maart, zette de koning er extra vaart achter en volgden Marianne Luyer in Flevoland en Miranda de Vries in Noord-Brabant. Op deze manier geeft Willem-Alexander invulling aan zijn doelstelling ‘gelijkheid, diversiteit en inclusie te bevorderen’. Dat doel wil hij ook weerspiegeld zien in zijn medewerkers.

Grote discussie

In de podcast Door de ogen van de koning zei Willem-Alexander vorig jaar tegen Edwin Evers dat bij de benoeming van de eerste vrouw over de titel kamerheer ‘een grote discussie’ is geweest. Kamerdame, parallel aan hofdame, was een alternatief. Maar Zandbergen vond het volgens de koning ‘geen enkel probleem’ om kamerheer te heten. ‘Je hebt ook raadsheren bij het gerechtshof die zowel man of vrouw kunnen zijn’, aldus Willem-Alexander.

Kamerheren zijn de regionale ogen en oren van de koning of, zoals voormalig koningin Beatrix ooit zou hebben gezegd, ‘een periscoop in de provincie’. Bij het bezoek van vandaag heeft Hollestelle adviezen gegeven. Zij ondersteunt ook de organiserende adjudant, waarvan de koning er acht heeft. Dat zijn door defensie gedetacheerde medewerkers aan het hof, afkomstig uit de krijgsmacht. Zij blijven doorgaans een jaar of vier.

Deze functie wordt al langer door vrouwen vervuld. Koningin Juliana stelde in 1973 de eerste vrouwelijke adjudant aan. Sindsdien was steeds een van de adjudanten vrouw, maar onder Willem-Alexander is een fiftyfiftyverdeling tot stand gekomen. Tegen Evers zei de koning dat er bovendien voor het eerst vrouwelijke lakeien in de hoforganisatie zijn opgenomen.

Op de vraag van Evers of er veel mensen met ‘een biculturele achtergrond’ aan het hof werken, antwoordde Willem-Alexander: ‘We proberen dat te stimuleren. Maar het blijft lastig, omdat je mensen natuurlijk niet kunt dwingen te solliciteren. Maar de doelstelling is wel om zo inclusief en open mogelijk te zijn en zo veel mogelijk diversiteit en achtergronden binnen de Dienst Koninklijk Huis aan te nemen en in dienst te hebben.’

Wisseldiensten

De erefunctie kamerheer is niet aan een periode gebonden, wel aan een leeftijdsgrens. De maximale leeftijd voor een kamerheer is 72 jaar. Hij, of zij dus, is niet alleen provinciaal adviseur van de koning, maar wordt in wisseldiensten ook betrokken bij ontvangsten, het aanbieden van geloofsbrieven door buitenlandse ambassadeurs, staatsbezoeken en Prinsjesdag. Een van de kamerheren zit op de derde dinsdag van september in het eerste van de vier rijtuigen in de koninklijke stoet.

Een letterlijke kamerheer, als functionaris die de sleutel tot de privévertrekken van de koning heeft, is de kamerheer niet meer. Alleen het galakostuum, een hofrok met een sleutel op het rugpand, herinnert daar nog aan. In die zin is de historische vertrouwensfunctie verloren gegaan. Wel bezoeken kamerheren namens de Oranjes nog huwelijksjubilea en uitvaarten in hun ambtsgebied.

Vroeger hadden naast de provincies ook de grote steden Amsterdam, Rotterdam en Den Haag een aparte kamerheer. Daaraan heeft Willem-Alexander een einde gemaakt. Zo was in Amsterdam Ernst Veen, directeur van de Nieuwe Kerk en de toenmalige Hermitage, de laatste kamerheer. Nadat Veen eind 2018 de 72-jarige leeftijd had bereikt, kreeg hij geen opvolger. Dat was eerder al in Rotterdam en Den Haag gebeurd.

Provinciegrens

Willem-Alexander en Máxima zijn dinsdag in Vlissingen, Middelburg, Veere, Serooskerke en Domburg. Dat de kamerheer als eerste een hand geeft, voor de commissaris van de koning en de burgemeester, is een kwestie van protocol: vroeger wachtte de kamerheer het rijtuig van de koning op aan de provinciegrens. Dat protocol schrijft ook voor dat kamerheer Hollestelle bij het afscheid juist als laatste een hand geeft.

Dat op het protocol ook uitzonderingen denkbaar zijn, blijkt uit de anekdote die Hollestelles voorganger Jack Asselbergs bij zijn afscheid aan het AD vertelde. Hij kreeg bij een bezoek aan paleis Huis ten Bosch een standje van koningin Beatrix, voordat hij als kamerheer werd gevraagd.

‘U hebt mij bij onze eerste ontmoeting, als burgemeester, ongevraagd een arm gegeven’, zei Beatrix. Op de verontschuldiging dat dit een intuïtieve handeling moest zijn geweest vanwege het gladde wegdek waarover zij een stukje hadden moeten lopen, antwoordde Beatrix: ‘Mijnheer Asselbergs, ik stelde het juist zeer op prijs.’

De vijf vrouwelijke kamerheren

Overijssel: Coby Zandbergen (1954). Directeur Academiehuis Grote Kerk in Zwolle. Was voorzitter college van bestuur bij Cibap, een mbo-opleiding in Zwolle.

Zeeland: Danny Hollestelle-Van Rooijen (1975). Directeur-eigenaar van Koninklijke Hollestelle Groep in Goes, zesdegeneratiefamiliebedrijf in materialen, machines en constructies. Bestuurslid VNO-NCW Zeeland.

Zuid-Holland: Adri Bom-Lenstra (1962). Voorzitter van Glastuinbouw Nederland en Greenports Nederland. Oud-gedeputeerde provincie Zuid-Holland voor het CDA.

Flevoland: Marianne Luyer (1959). Organisatieadviseur bij NR Governance. Publiceert over ‘waardegedreven leiderschap’. Oud-lid Provinciale Staten Flevoland voor het CDA.

Noord-Brabant: Miranda de Vries (1970). Voorzitter raad van bestuur Zorggroep Elde Maasduinen. Oud-burgemeester van Etten-Leur en Geldermalsen (PvdA).

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next