Hypotheekrentes staan op het laagste punt van dit jaar. Dat klinkt kopers wellicht als muziek in de oren. Maar om het feestje alvast te verpesten; rentes dalen in verhouding minder hard dan huizenprijzen stijgen. Dus wat is wijsheid voor starters of doorstromers?
"Wat wijsheid is, is echt voor iedereen anders", zegt hypotheekexpert Oscar Noorlag bij Van Bruggen Adviesgroep. "We zien dat veel starters de rente voor tien jaar vastzetten." Dat is de kortste rentevast periode waarbij voor het bedrag dat je mag lenen, gekeken wordt naar de daadwerkelijke rente van dat moment. Bij alles onder de tien jaar, wordt een 'rekenrente' van 5 procent gebruikt.
"En dan kun je dus minder lenen", vervolgt Noorlag. Terwijl starters het liefst maximaal lenen, want anders maken ze helemaal geen schijn van kans op de oververhitte woningmarkt. De expert merkt ook dat mensen een kort geheugen hebben. "Ze denken terug aan de periode van een paar jaar geleden, toen de rente extreem laag was. En hopen dan dat dat terugkomt."
In de jaren tachtig hadden we juist te maken met hypotheekrentes van meer dan 10 procent, ook dat was uitzonderlijk. Wat zal de rente dan de komende jaren doen? "De tendens is wel dalend", zegt Noorlag. Door de vergrijzing is er simpelweg meer geld beschikbaar en meer aanbod leidt doorgaans tot een lagere prijs, in dit geval rente.
Ook Marc van der Lee van makelaarsvereniging NVM wijst erop dat het langjarig gemiddelde van de hypotheekrente veel hoger is dan in de afgelopen jaren, toen huizenkopers hypotheken afsloten met maar 1 of 2 procent rente.
De NVM juicht een rentedaling wel toe, maar relativeert die ook. "Mensen hebben veel salarisverhoging gehad, er is vertrouwen in de economie en als de rente iets zakt, kun je meer lenen." En dat zorgt meteen ook voor de keerzijde op de woningmarkt. "De dalende hypotheekrente houdt geen gelijke tred met de stijging van de huizenprijzen. Door alle positieve ontwikkelingen wordt er juist weer meer betaald en meer overboden."
Volgens Noorlag kiest zo'n 55 procent van de hypotheeknemers ervoor de rente tien jaar vast te zetten. "Terwijl twintig jaar vast nu maar iets duurder is." Daar kiest toch 'maar' 15 procent voor. Dat zijn volgens Noorlag "de mensen die rust aan het front willen". En die er niet over dromen dat de rente weer naar 1 of 2 procent gaat. En dan is er nog zo'n 5 procent 'echte zekerheidszoekers', die gaan voor dertig jaar vast.
Tot slot is er een grote groep mensen die niet kiest voor tien, twintig of dertig jaar. "De categorie 'overig' is best groot", verklaart Noorlag de 25 procent van de mensen die niet kiezen voor de genoemde rentevast periodes. "Bijvoorbeeld de doorstromers, die nemen vaak hun huidige rente mee en die lenen alleen voor het nieuwe deel tegen een willekeurige rentevaste periode." Die huidige rente is nog wel die gedroomde lage rente. "De doorstromer zit sowieso beter", vult Van der Lee van de NVM aan. "Die neemt ook de overwaarde van de woning mee."
Hoewel de afgelopen jaren wel is gebleken dat ook economen, beleggers en andere experts zoals de beleidsmakers zich flink kunnen verslikken in het effect van renteverhogingen- of verlagingen, lijkt het realistisch dat de extreem lage rente echt niet terugkomt. Daarvoor ligt de torenhoge inflatie die optrad als gevolg van de heel lage rente nog te vers in het geheugen.
"Die extreme rentes zullen we niet snel meer zien", beaamt Noorlag. "Bouwen is de enige oplossing", herhaalt de NVM zijn mantra. "En dan niet voor de starters, maar juist voor de doorstromers. Want als je voor de doorstromer bouwt, komt er ook een huis voor de starter vrij."
Source: Nu.nl economisch