De megabatterij die Giga Storage bouwt in Delfzijl was al een icoon van de energietransitie. Nu krijgt het elektriciteitspakhuis ook nog eens de eerste ‘tijdsduurgebonden’ aansluiting op het hoofdspanningsnet. ‘Een mijlpaal.’
Toen batterij-exploitant Giga Storage anderhalf jaar geleden de boedel van het failliete Aldel in Delfzijl opkocht, was dat al veelzeggend voor de ontwikkeling van de economie. Giga Storage was slechts in één onderdeel van de aluminiumsmelterij geïnteresseerd: de dikste stroomaansluiting van Nederland. Door die over te nemen, omzeilde de onderneming de lange wachtlijst voor een aansluiting op het hoogspanningsnet.
Op de plek waar Groningse arbeiders tientallen jaren uit grote pannen kokend hete aluminium goten, is inmiddels het meeste gesloopt. Alleen de fundering ligt er nog. Daarop moet de komende jaren het grootste elektriciteitpakhuis van Nederland verrijzen. Een mega-accu met de naam Leopard, met een vermogen van 300 megawatt en een capaciteit van 1,2 gigawattuur. Dat is evenveel als zestienduizend Tesla’s. Energiebedrijven en handelaren huren ruimte in deze pakhuizen, zo kunnen ze profiteren van de schommelingen in de stroomprijzen die door het groeiende aanbod van wind- en zonne-energie steeds heftiger heen en weer schieten.
Over de auteur
Tjerk Gualthérie van Weezel is economieredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over energie en de impact van de energietransitie op het dagelijks leven.
Als icoon van de energietransitie heeft Leopard maandag nog wat aan kracht gewonnen. Als eerste bedrijf in Nederland heeft Giga Storage namelijk een contract afgesloten voor een ‘tijdsduurgebonden energie-aansluiting’ voor de mega-accu in Delfzijl. Daarbij krijgt Tennet, de beheerder van het hoogspanningsnet, het recht om Leopard 15 procent van de tijd te verbieden energie af te nemen of stroom te leveren. In ruil daarvoor krijgt Giga Storage een korting op de transportkosten die kan oplopen tot 65 procent.
‘Een mijlpaal voor de energietransitie’, noemt Tennet-topvrouw Manon van Beek het nieuwe contract maandag. Samen met Giga-baas Ruud Nijs geeft zij in de polder bij Lelystad toelichting op het contract. De twee staan bij het windpark Neushoorntocht naast Rhino, een batterij van Giga Storage die 160 keer kleiner is dan Leopard zal worden.
Achter hun blauwe statafels is het duo aanvankelijk enigszins teleurgesteld dat minister Sophie Hermans van Klimaat en Groene Groei (VVD) vanwege begrotingsonderhandelingen nooit in Lelystad zal arriveren. Maar het enthousiasme voor de mogelijkheden van het nieuwe contract laat zich niet temperen.
‘Spitsmijden’ wordt al jaren genoemd als een van de belangrijkste manieren om op korte termijn de problemen van het stroomnet te verlichten. Want de overbelasting van het elektriciteitsnet is zeer betrekkelijk. Het grootste deel van de tijd wordt minder dan 30 procent van de capaciteit van het net gebruikt.
De zogenoemde ‘netcongestie’ gaat in feite over de schaarse momenten waarbij die maximumcapaciteit wel bereikt dreigt te worden. Wanneer gebruikers beloven dat ze op die drukke momenten geen gebruik maken van het net, wordt het stroomnet efficiënter benut en kan een deel van de bedrijven die nu op een aansluiting wachten eerder worden geholpen.
Echter, tot voor kort was het voor netbeheerders juridisch onmogelijk contracten aan te bieden waarbij de afnemer een deel van de tijd geen recht op stroom heeft. Maar dat is aangepast door de Autoriteit Consument & Markt, de toezichthouder op de Nederlandse stroomnetten. Op het hoogspanningsnet zijn sinds juli zogenoemde tijdsduurgebonden contracten mogelijk, waarbij Tennet kan bepalen wanneer klanten energie mogen afnemen en wanneer ze die mogen leveren.
Voor de regionale netten, waar vooral veel huishoudens en andere kleinverbruikers op zijn aangesloten, gelden al tijdsblokgebonden contracten. De tijdstippen waarop afnemers dan geen gebruik mogen maken van hun aansluiting zijn daarin vooraf precies vastgelegd.
Batterij-exploitanten zijn om meerdere redenen logische klanten voor zulke flexibele contracten, legt Giga-bestuursvoorzitter Nijs uit. ‘Wij handelen in stroom. Die is goedkoop als er veel wind is of als de zon schijnt. Op die momenten dreigt soms overbelasting van het net doordat er te veel wordt geleverd. Wij leveren op die momenten al bijna nooit stroom, want daaraan kunnen we dan weinig verdienen. Het kost ons dus weinig geld om de netbeheerder te garanderen dat wij op zulke momenten niets leveren. Voor de netbeheerder is die garantie echter veel geld waard.’
Batterijen op strategische plekken kunnen de druk op het net zelfs verkleinen, zegt Tennet-topvrouw Van Beek. ‘Door in de buurt van een zonnepark stroom op te slaan als de zon fel schijnt, bijvoorbeeld.’ Lokale opslag is in potentie ook nog eens goed voor het klimaat. Van Beek: ‘Nu wordt bij netcongestie vaak een gascentrale aangezet. Als je dat kunt vervangen door duurzaam opgewekte stroom uit een batterij dan scheelt dat CO2-uitstoot.’
Giga Storage is de eerste Tennet-klant met een tijdsduurgebonden contract, maar het is zeker niet de laatste. Van de 150 partijen met een aansluiting op het hoogspanningsnet zijn er nu al zeker tien die hebben laten weten dat zij hun contract wel geheel of gedeeltelijk tijdsduurgebonden willen maken. Van Beek: ‘Dat gaat dus niet alleen om batterijen, maar ook om grote industriële bedrijven die flexibiliteit hebben in hun stroomgebruik.’ Op die manier kan de efficiëntie van het hoogspanningsnet met zo’n 25 procent omhoog, stelt Tennet.
Voor Giga Storage houdt de ambitie niet op in Delfzijl. Het bedrijf werkt in België al aan een nog grotere batterij. En als alle plannen in Nederland verwezenlijkt worden, heeft het bedrijf binnen tien jaar genoeg accu’s om vier uur lang twee gascentrales te vervangen.
Dat die allemaal een tijdsduurgebonden aansluiting zullen krijgen, staat voor topman Nijs vast. ‘In Nederland is het niet zo gemakkelijk om winst te maken met batterijen. De transportkosten zijn heel hoog, 60 procent van onze totale exploitatiekosten. Als we die dik kunnen halveren, dan scheelt dat enorm veel geld.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant