Twee keer werd er kanker geconstateerd bij Jean-Paul Boëtius (30). Sinds half juli is de voetballer schoon. De ziekte heeft hem veranderd. Ten goede. Nu nog een mooie club.
Panisch wordt Jean-Paul Boëtius als zijn dochtertje van bijna 3 een snotneus heeft. ‘Dat moet weg, meteen.’
Het is een restant van zijn eigen ziekteverleden. Bij de profvoetballer werd in september 2022 teelbalkanker ontdekt, de tumor werd operatief verwijderd. Hij stond snel weer op het veld. Maar begin maart 2024 werd bekend dat hij vanwege een uitzaaiing naar de lymfeklieren een aantal chemokuren moest ondergaan.
Over de auteur
Bart Vlietstra schrijft voor de Volkskrant over voetbal.
Boëtius vertelt er op ontspannen toon over. ‘Duurde ruim drie maanden. Ik ben er goed doorheen gekomen. Als ik thuiskwam was ik knock-out, zelfs als mijn dochtertje op me sprong, sliep ik door. Eetlust verdween, alles smaakte chemisch.’ Hij werd kaal, verloor zelfs zijn wenkbrauwen. ‘Dan kijken mensen echt naar je van: daar loopt een ziek persoon.’
De chemo hielp. ‘Ik ben weer schoon, hoorde ik half juli. Al mag je dat officieel pas na vijf jaar zeggen.’
Elke ochtend bedankt hij God dat hij gezond is. ‘Gezondheid zal ik nooit meer voor lief nemen. Als een dierbare niet lekker is, sla ik op hol. Maar dat slijt wel.’
Hij wil terug naar zijn normale leven. Dat lukt niet, want Boëtius (30) heeft al een jaar geen werkgever. Toen zijn vorige club, het Duitse Hertha BSC, in 2023 degradeerde, maakte hij gebruik van een clausule dat hij bij degradatie transfervrij mocht vertrekken.
Hij was dicht bij mooie contracten bij een aantal buitenlandse clubs zoals FC Kopenhagen, Hellas Verona en New York Red Bulls, maar ‘door allerlei omstandigheden ging het niet door’.
Hij trainde vorig seizoen drie maanden mee met Sparta, dat hem ook graag wilde contracteren. ‘Sparta is een geweldige club met een ontzettend leuke spelersgroep, maar ik was vier jaar een sterkhouder bij Mainz uit de Bundesliga. New York Red Bulls leek me een uitdagender avontuur. Sparta wilde me bovendien inzetten als buitenspeler, maar dat ben ik niet meer. Ik ben echt een spelbepalende middenvelder geworden in Duitsland.’
Boëtius vertelt van achter een suikervrije limonade op een terras voor Little C, een hippe nieuwbouwwijk in Rotterdam nabij de Euromast, geïnspireerd op de New Yorkse wijk The Village. ‘Ik ben een Rotterdammer, houd van dit soort grote steden. Ik durf groot te denken. Helaas kwam het toch niet rond met New York Red Bulls.’
Voetballen bij twee andere Amerikaanse clubs was daarna wel een concrete mogelijkheid, maar toen werd hij ineens wakker met hevige buikpijn die drie dagen aanhield en niet wegging met de pijnstillers die hem waren aangeraden door de spoedeisende hulp. Een uitzaaiing, bleek na een scan. ‘Na die eerste keer kanker dacht ik: ik had pech, nu overkomt me niets meer. Na die tweede keer ben ik veel meer op mijn hoede.’
Hij adviseert elke man om vaak aan zijn ballen te zitten. ‘Deed ik sowieso al. Thuis op de bank zat ik vaak met mijn hand in mijn broek, echt die mannenhouding weet je wel, beetje spelen met die kersen.’ Hij proest het uit.
Serieuzer: ‘Dat is mijn geluk geweest. Daardoor voelde ik dat er iets groeide op mijn ene bal, het leek wel een eikel.’
In paniek is hij nooit echt geraakt, omdat hem direct duidelijk werd gemaakt dat het goed te behandelen was. ‘Ook nu ben ik op zich wel gerustgesteld, de kans op een nieuwe uitzaaiing is echt verwaarloosbaar.’
Hij telt zijn zegeningen, toch sluimert er iets. Waarom krijgt hij geen kans meer bij een goede club? ‘Ik ben van nature altijd vrolijk, aan het dansen, lachen. Maar soms ben ik afwezig, zit ik echt in mijn hoofd. Dan denk ik: wat kan ik nog meer doen om weer te kunnen voetballen? Ik heb het voetbal gewoon nog heel veel te geven.’
Hij volgt transfergoeroe Fabrizio Romano en transfernieuwssites nauwgezet, belt of appt zijn zaakwaarnemer als hij ziet dat er ergens een middenvelder wordt verkocht, staat ook in contact met trainers en directeuren die hij al kent.
Toen Feyenoord-middenvelder Calvin Stengs naar Charlotte leek te gaan, had hij zijn telefoon bijvoorbeeld al in zijn hand om John de Wolf, assistent bij Feyenoord, te bellen. Feyenoord leidde hem op, hij debuteerde er tegen Ajax met een doelpunt, haalde er het Nederlands elftal, keerde er terug in 2017 maar heeft nog steeds het gevoel dat ze er de beste Boëtius nog niet hebben gezien.
‘Driemaal is scheepsrecht. Ik ben Feyenoord enorm dankbaar voor de steunbetuigingen toen het nieuws over die uitzaaiing naar buiten kwam. Echt hartverwarmend. Terugkeren bij Feyenoord is toch de ultieme droom, samen met Mainz. Ik kan er echt iets toevoegen met wat ik kan en heb geleerd.’
Toch belde hij De Wolf niet. ‘Ik wil me niet opdringen.’
Sparta heeft zich ook nog niet gemeld. Hij gelooft niet dat zijn ziekteverleden meespeelt, maar kan ook geen andere reden bedenken. ‘Ik ben fit, train bijna elke dag bij voetbalschool Tifa aan mijn sterke en mindere punten. Ik durf te zeggen dat ik completer en beter dan voorheen ben. Gretiger dan een 18-jarig talentje. In die zin heeft de kanker een heel positieve werking op mij gehad.’
Zondag is het Sparta - Feyenoord. ‘Daar ga ik gewoon naar kijken. Ik ben een liefhebber.’
Hij heeft gewoon een ingangetje nodig, denkt hij. ‘Zo mag het niet eindigen. Zo gaat het ook niet eindigen. Mijn dochter denkt als ik in een voetbaltenue naar Tifa ga dat ik een wedstrijd ga spelen. In een groot stadion. Ik wil dat zij dat nog meemaakt.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant