Home

Bij de Jaarbeurs staat ‘welkom’ in drie talen – maar welkom zijn de Oekraïners niet meer

De enige Nederlandse aanmeldlocatie voor Oekraïners sloot deze week haar deuren. Aan die ‘ongelooflijk zure’ beslissing gingen meerdere noodkreten vooraf. ‘Maar als mijn mensen zeggen dat het niet meer verantwoord is, dan houdt het op.’

Vorige week donderdag begon het Erik Luchtenburg te dagen dat het niet langer ging. Er verbleven op dat moment 120 mensen bij de aanmeldlocatie voor Oekraïners in de Utrechtse Jaarbeurs, die dag waren er nog 23 bijgekomen en niemand was vertrokken naar een vaste opvangplek elders in het land.

Luchtenburg werkt als directeur crisis- en risicobeheersing bij de Veiligheidsregio Utrecht (VRU), die de aanmeldlocatie al ruim twee jaar beheert. In overleg met zijn collega’s besloot hij de opvang in het weekend nog open te houden.

Maandag belde hij Sharon Dijksma, die als burgemeester van Utrecht ook voorzitter is van de VRU. ‘Ik heb haar de cijfers voorgelegd’, zegt hij. ‘En verteld dat we in dit tempo binnen een week 250 man in de Jaarbeurs zouden hebben.’

Over de auteur
Rik Kuiper is regioverslaggever van de Volkskrant in de provincies Utrecht en Flevoland.

Samen besloten ze ‘de pleister er snel af te trekken’, want hoe langer ze zouden wachten, hoe meer mensen erbij zouden komen op een plek die niet geschikt is om langer dan een of twee nachten te verblijven. De aanmeldlocatie voor Oekraïners – de enige in Nederland – ging voor onbepaalde tijd dicht.

‘Dat was ongelooflijk zuur’, zegt Dijksma. ‘En geen makkelijk besluit. Maar als mijn mensen zeggen dat het niet meer gaat, dat het niet meer verantwoord is, dan houdt het op.’

Weggestuurd

De gevolgen van het besluit zijn direct zichtbaar bij Hal 5 van de Jaarbeurs, waar nog altijd een spandoek aan de balustrade hangt met in drie talen het woord ‘welkom’. Maar welkom zijn de Oekraïners hier dus niet meer. Wie zich deze week toch meldt, wordt door vriendelijke beveiligers weggestuurd.

Neem Anna Evlanova (41) en haar zoon Bohdan (14), die hier op woensdagmiddag staan te wachten met hun reusachtige rode koffer, hun rugzakken en een in tape verpakte step. ‘My hobby’, zegt Bohdan, die een zwart T-shirt boven zijn wijde spijkerbroek draagt.

Ze komen uit Odesa, waar Evlanova als psycholoog werkzaam was. Onlangs besloten ze te vertrekken. ‘Vanwege de bommen’, zegt ze. ‘We hadden vaak ook geen elektriciteit meer. En geen water.’

In Utrecht dachten ze geholpen te zullen worden, maar ze hebben zojuist begrepen dat daar geen sprake van is. ‘Ik ben bang’, zegt Evlanova. ‘Ik weet niet wat ik nu moet doen.’

Noodkreet

De sluiting van de aanmeldlocatie komt niet uit de lucht vallen. Al rond de jaarwisseling begonnen de statistieken zorgelijk te worden, zegt Luchtenburg van de VRU. ‘Van vijftig bezette bedden gingen we naar zeventig, dan weer terug naar zestig, maar we kwamen nooit meer op vijftig.’

Uiteindelijk sliepen er begin dit jaar 150 man in de Jaarbeurs. En dat zijn er te veel, zegt Luchtenburg. ‘We hebben één grote betonnen slaapzaal. Daar slapen dan mensen die snurken, er gaat altijd wel iemand naar het toilet en dan zijn er ook nog mensen die hun huisdier hebben meegenomen. Het is continu rumoerig.’

Burgemeester Dijksma sloeg zowel voor als achter de schermen alarm over de haperende doorstroom. Ze vertelde in de media dat er meer opvangplekken voor Oekraïners nodig waren. Ook belde ze de voorzitter van het Veiligheidsberaad, waarin alle voorzitters van de veiligheidsregio’s zitten, of ze ‘de appgroep mocht misbruiken voor een noodkreet’. Dat mocht, waarna gemeenten enkele tientallen opvangplekken uit de hoge hoed toverden.

Kwetsbare mensen

Toch liep het uiteindelijk vast, mede doordat ‘het opvangbeeld’ veranderde. Arriveerden er in de eerste maanden van de oorlog vooral vrouwen, kinderen en gewonden, nu kwamen er ook veel mensen naar Nederland vanwege de arbeidskansen en de goede voorzieningen. Ook zij hebben vanwege hun Oekraïense paspoort recht op opvang, .

Eind februari besloot de Veiligheidsregio Utrecht de aanmeldlocatie in de Jaarbeurs tijdelijk te sluiten. Wel werd er een uitzondering gemaakt voor kwetsbare mensen. Ouderen, zieken en vrouwen met kinderen konden een veldbed krijgen, anderen hoorden dat ze zelf ergens een plek moesten zoeken.

Dit strikte aannamebeleid bracht even lucht. Tot een week of drie geleden, toen Luchtenburg de dagcijfers weer zag stijgen. Van zestig naar zeventig slapers, van zeventig naar tachtig. En uiteindelijk tot ver boven de honderd. Dijksma begon weer rond te bellen en te appen, wat af en toe een paar nieuwe plekken opleverde. ‘Dan konden we een sluiting toch nog even uitstellen.’

Solidariteit

Maandag belde Dijksma met Marjolein Faber, de nieuwe minister van Asiel en Migratie. Ze wilde haar persoonlijk vertellen waarom besloten was de aanmeldlocatie nu helemaal te sluiten.

‘Ik heb haar gezegd dat zij nu aan zet is’, zegt Dijksma. ‘Wij hebben onze verantwoordelijkheid genomen omdat we daar goed in zijn, maar we hebben geen wettelijke verplichting die locatie open te houden. Ik ben niet de Nationaal Coördinator Oekraïneopvang.’

Dijksma vertelde Faber ook dat zo’n aanmeldlocatie alleen succesvol is als er voldoende opvangplekken in het land zijn. ‘Het valt of staat bij solidariteit. En niet alle regio’s lopen even hard op dit onderwerp. Ik heb de minister daarom gezegd dat het zou helpen als ze wat druk zou uitoefenen op die regio’s. Haar voorganger deed dat ook met regelmaat.’

Toch is het niet waarschijnlijk dat PVV’er Faber net zo enthousiast gaat rondbellen als Eric van der Burg. Woensdag zei de minister niet van plan te zijn in te grijpen bij de problemen rond de opvang van Oekraïners. Dat was het ‘pakkie-an van de gemeenten’.

Dijksma reageert met lichte tegenzin op de uitspraken van de minister. ‘Die Oekraïners zijn er al en ze blijven komen’, zegt ze. ‘We moeten ze fatsoenlijk onderdak bieden. Het zou prettig zijn als het kabinet ook met uitvoerbaarheid en dagelijkse problemen in gemeenten bezig blijft.’

Rode Kruis

Bij de Jaarbeurs worden afgewezen Oekraïners ondertussen opgevangen door medewerkers van Vluchtelingenwerk Nederland. Een van hen is Kilian van der Scheer. Terwijl hij een kant-en-klare pastasalade oplepelt, vertelt hij dat er dinsdag nauwelijks mensen zijn weggestuurd. ‘Toen kregen we het vermoeden dat het nieuws over de sluiting al rondzong onder Oekraïners.’

Een dag later blijkt dat toch tegen te vallen. Zeventien mensen heeft hij al langs zien komen. ‘Allemaal kwetsbaar.’

Veel kunnen de vrijwilligers over het algemeen niet doen, zegt Van der Scheer. Hooguit een beetje advies geven. ‘We vertellen dat ze het recht hebben om in Nederland te blijven. En dat gemeenten verplicht zijn te helpen. Als ze vertellen dat ze familie hebben in Nederland, dan adviseren we ze daar aan te kloppen.’

En als mensen echt niemand kennen in Nederland? Dan springt het Rode Kruis bij. De organisatie, die al waarschuwde dat er binnenkort mogelijk honderden Oekraïners op straat komen te staan, plaatst mensen die stranden bij de Jaarbeurs voor drie nachten in een hotel.

Dat gebeurt uiteindelijk ook met Anna Evlanova en haar zoon Bohdan. Nadat ze zeker een uur bij de aanmeldlocatie hebben gewacht, rijdt er een wit busje voor. Opgelucht laden ze de reusachtige rode koffer, de rugzakken en de ingetapete step in. Is er toch een bed voor ze, al is het maar voor even.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next