Home

Wie alleen bereid is te reageren op het moment dat er geweld wordt gebruikt, roept dat juist op

Het hoort bij het VVD-lidmaatschap dat je op gezette tijden roept dat het demonstratierecht een groot goed is, maar dat het wel volgens de regels moet, op een plek waar niemand er last van heeft. Minister David van Weel van Justitie zei het vorige week nog in de Volkskrant en zijn voorganger Dilan Yesilgöz twitterde maar weer eens dat ‘de mensen helemaal klaar zijn’ met demonstrerende overlastgevers. Het lijkt me een vicueuze cirkel: je demonstreert omdat je aandacht wil voor een probleem, maar er wordt doorgaans pas op demonstraties gereageerd als ze de orde verstoren. De reactie gaat dan over de manier van aankaarten en niet over het probleem, maar een reactie is het niettemin.

Zo’n ordeverstoring loopt nog weleens uit de hand, dat is nou eenmaal zo. Als ik een politicus dan vroom hoor zeggen dat ‘geweld nooit de oplossing’ is, moet ik altijd even aan Brenda denken, die op een goede dag besloot Joey’s ribben te breken. Althans, dat was het verhaal. Misschien waren ze alleen gekneusd. Feit is dat hij tegelijkertijd huilde en naar adem hapte, wat er best grappig uitzag. Op mijn basisschool in Beuningen was het in principe niet de bedoeling dat je geweld gebruikte, op dat punt waren we onze tijd ver vooruit. ‘Wij lossen het op met woorden, niet met onze vuisten’. Maar met woorden kreeg Brenda haar probleem niet aangekaart, laat staan opgelost.

Over de auteur
Thomas Hogeling is schrijver en deze zomer columnist voor de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Het was al kwart over drie geweest, maar vanaf het schoolplein kon ik Brenda tegenover de leraar zien zitten. Wie zich had misdragen, kreeg straf. Je moest dan na schooltijd met een vulpen – een misdadig dom ding – een hoofdstuk uit een of ander boek overschrijven. Ik had het ook wel ’s moeten doen. Vol woede over het mij aangedane onrecht kraste ik de woorden dan in het papier. In een half uurtje raffelde ik het af, het resultaat was onleesbaar en zat vol vlekken, waarop de leraar er voor de vorm nog vijf minuten aan vastplakte. Brenda oogde tijdens haar strafwerk niet woedend, maar geconcentreerd. De volgende dag vroeg ik haar waarom ze zo lang over haar strafwerk had gedaan; wist ze dan niet dat je na een half uur sowieso wel weg mocht? Ze zei dat ze het geen vervelend werk vond, ze wilde het graag goed doen.

Het probleem van Brenda was dat ze gepest werd omdat ze dik was. Joey was de ergste pester, maar ook de magerste. Daar lagen dus kansen. Ik weet niet wat hij zei, maar het was voor Brenda de druppel. Ze had ’m op de grond gesmeten en zich op zijn borstkas laten vallen. En dat niet alleen; ze bleef gewoon zitten, het krijsende joch kon geen kant op. Brenda had haar straf kunnen ontlopen door ‘sorry’ te zeggen, maar dat deed ze niet. Waarom niet? ‘Gewoon niet.’

Wie alleen bereid is te reageren op het moment dat er geweld wordt gebruikt, moet niet raar opkijken dat er op een gegeven moment geweld wordt gebruikt. Er zijn jaarlijks duizenden netjes aangemelde demonstraties op de daarvoor aangewezen locaties waar geen haan naar kraait. We horen er pas over als het uit de hand loopt.

Dat Brenda zo tevreden oogde tijdens het maken van haar strafwerk, begrijp ik wel. Ik zou liegen als ik schreef dat niemand haar daarna ooit nog durfde te pesten, maar de onderlinge verhoudingen in de klas waren sindsdien wel veranderd. Bovendien had ze toch maar mooi dat ene zinnetje aan de leraar ontfutseld: ‘Wij lossen het op met woorden.’ En wie stelt dat geweld geen oplossing is, erkent in elk geval dat er een probleem is.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next