Home

Het gaat over taal, totdat het over geweld gaat

De hele week al steekt dat ene zinnetje van Herman Brusselmans als een graat in mijn keel. Je kan in taal zoveel geweld stoppen dat een zin zowat een fysieke handeling wordt. Herman Brusselmans’ idee dat hij iedere Jood „een puntig mes dwars los door de keel wil rammen” gaat ogenschijnlijk over Gaza, de moordpartij die daar gaande is, en zijn protest daartegen. Dat zou een politiek standpunt kunnen zijn. Maar de taal verraadt hem, omdat daar niet alleen politiek, maar ook wellust in doorklinkt. De lust van het geweld. Daar stopt de rechtsstaat, die gestoeld is op het wettige, niet het wellustige gezag.

Het is niet eens dat „rammen”, zelfs niet dat „dwars”, maar het „los”, als in „los door de keel”. Dat is lol, dat is beleven, dat is een taalcombinatie die uitzonderlijk is, zozeer dat je het meteen ‘voor je ziet’.

Ik moest meteen denken aan Akwasi, die in 2020 een standpunt verdedigde over zwarte Piet, waar ik toen eindelijk mee wilde instemmen, want zelf was ik lang blind voor het racisme van Zwarte Piet. Maar Akwasi koos zo’n onheuse formulering, dat mijn adhesie meteen weer overging in aversie.

Akwasi zei, tijdens de Amsterdamse Black Lives Matter-demonstratie die plaatsvond vanwege de politiemoord op George Floyd; als hij Zwarte Piet zou tegen komen, dan „trap ik hem hoogstpersoonlijk op z’n gezicht”.

Je kan roepen: „Weg met Zwarte Piet”, of zelfs „Verbied Zwarte Piet”. Maar dat „trappen” en vooral „op z’n gezicht”, die formulering is zo fysiek, dat het niet meer gaat om die Piet maar om de lol van het sadisme, afgedekt met een standpunt, dat steeds meer een algemeen beschaafde norm is geworden. Je moet het meegemaakt hebben om dat „op het gezicht” op zijn juiste waarde te kunnen schatten. En juist daarom lukt het me niet, ik heb iets dergelijks gezien en je gunt het niemand.

De clou blijft in Brusselmans’ verhaal „los door de keel”. Die man is een geoefend schrijver. Een Palestijns jongetje kan het in wanhoop roepen, als zijn moeder net is vermoord. De Trouw-columnist Ouariachi stelt zich zo’n jongetje voor, duizenden van die jongetjes zelfs. Maar een Belgisch auteur als Brusselmans die dat leed even annexeert, en er „iedere Jood” bijhaalt; het is niet alleen antisemitisch, al is het dat ook: het is vooral anti-taal, het is fysiek, het gaat de grens over van woord naar handeling, het is taal die meer om mes en keel draait dan iets anders. Het is opruiend, en kan zo dienen als een korte handleiding voor elke aanslagpleger.

Source: NRC

Previous

Next