Home

Alpe d’Huez Femmes, een klim om tegenop te zien en naar uit te kijken

Het slot van de Tour de France Femmes bestaat zondag uit de beklimming van de Alpe d’Huez, een berg met een mythische klank. Sommige rensters zijn al naar boven gereden. ‘Het viel vies tegen.’

Het was de berg die meteen in haar opkwam, toen Annemiek van Vleuten in 2022 bij de start van de allereerste Tour de France Femmes de vraag kreeg of een col van formaat kon bijdragen aan het prestige van wat de belangrijkste koers in het vrouwenwielrennen moest gaan worden. ‘Het zou mooi zijn als de Alpe d’Huez er een keer in zou zitten.’

Het jaar daarna nam de organisatie de Tourmalet in de Pyreneeën in het rittenschema op, maar nu krijgt Van Vleuten alsnog haar zin, zij het dat ze zelf intussen is gestopt.

Het vrouwenpeloton begint zondag aan de 21 mythische haarspeldbochten die naar het wintersportoord op 1850 meter leiden – 13,8 kilometer lang, met een stijgingspercentage van gemiddeld 8,1 procent. Van Vleutens wens – hoe zwaarder hoe beter – is zelfs meer dan gehonoreerd: de rensters moeten daarvoor ook nog de Col du Glandon over, 19,7 kilometer en een stijging van 7,2 procent.

Over de auteur
Rob Gollin is sportverslaggever voor de Volkskrant en schrijft vooral over wielrennen.

Of de parcoursbouwers het imago van de slotklim in gedachten hebben gehad, is de vraag, maar de etappe past sowieso in een toch al sterk Nederlands gekleurde week, met de eerste drie dagen start en finish in Rotterdam, Den Haag, Dordrecht en Valkenburg. Tel er maar bij op dat tot dusver op twee na alle ritten door Nederlandse rensters zijn gewonnen.

Nederlandse berg

De Alpe d’Huez staat nog altijd te boek als ‘de Nederlandse berg’, al dateert de laatste overwinning uit 1989, toen Gert-Jan Theunisse als eerste boven kwam. Zijn voorgangers waren Joop Zoetemelk (1976, 1979), Hennie Kuiper (1977, 1978), Peter Winnen (1981, 1983) en Steven Rooks (1988).

Tom Dumoulin was er in 2018 nog dichtbij, hij finishte als tweede, twee seconden achter Geraint Thomas. Italië staat met zeven zeges op één overwinning minder. Het instandhouden van het stempel komt tegenwoordig vooral voor rekening van de grote aantallen supporters die samenklonteren op de flanken van de berg, in het bijzonder in bocht 7.

Renners tilden er niet zo zwaar aan. Winnen hield zelfs wel van die massa’s. Een mensenhaag heeft een prettig psychologisch effect, zei hij in 2015 tegen de Volkskrant. ‘Als je een heel brede weg hebt, heb je eerder het idee dat je kruipt. Nu denk je dat je veel sneller gaat.’

Laurens ten Dam zei in 2018 vlak voordat hij er tegenop moest dat het publiek erbij hoort. ‘Zonder toeschouwers is het niks.’ Anderen hadden wat bedenkingen. Koen de Kort, destijds in dienst van Trek: ‘In bocht 7 kun je bijna niet zien waar je nog doorheen moet fietsen.’

Servais Knaven ging als ploegleider bij Sky in de auto naar boven. Hij zag een andersoortig publiek. ‘In de bergen komen vooral vakantiegangers die afleiding zoeken. Sommigen zuipen zich al dagen van tevoren klem.’

Verkenning

Of zich zondag vergelijkbare taferelen zullen voordoen valt nog te bezien, maar in het vrouwenpeloton wordt alleen al om sportieve redenen met gemengde gevoelens uitgekeken naar de krachtproef. Enkele ploegen zijn er al op verkenning geweest, voor sommige rensters wordt het de eerste keer.

Lorena Wiebes, de sprinter van SD Worx, vertelt dat ze überhaupt nog nooit een col is opgefietst. In de voorgaande Touredities viel ze telkens uit voordat de bergen zich aandienden.

Toch heeft ze er zin in. ‘Ik zal waarschijnlijk in de grupetto zitten, een groepje dat wat rustiger aan kan doen. Dan kan ik er wat meer van genieten. Dat is heel anders voor degenen die nog voor het klassement strijden en full focus aan het fietsen zijn. Ik hoop echt dat het een gekkenhuis wordt, met al die fans langs de weg.’

Mountainbiker Puck Pieterse en kopvrouw Pauliena Rooijakkers hebben met hun ploeg Fenix-Deceuninck enkele weken geleden beide bergen al eens beklommen, als onderdeel van een hoogtestage.

Bekend van televisie

Pieterse, vrijdag nog altijd in de top van het klassement: ‘Op de mountainbike ben ik gewend aan klimmen van pakweg 4 minuten, gevolgd door 2 minuten rust. Het tempo wisselt voortdurend. Dit zijn veel langere blokken. Het viel me vies tegen.’

Rooijakkers had het meer naar haar zin. ‘Ik hou wel van zware dagen aan het einde van de week. Het is een mooie klim, afwisselend, je moet er uit je ritme klimmen, dat ligt me wel.’

Riejanne Markus van Visma-Lease a Bike is onlangs voor de eerste keer omhoog gereden. ‘Ik kende de berg alleen van tv, en nu stond ik er zelf. Dat was alleen al bijzonder. Ik vond het supermooi, het wordt heel speciaal. Het is best een steady klim, maar daar heb je niet zoveel aan als het all out gaat.’

De belangrijkste kandidaat voor het geel verbleef in juni enige dagen aan de voet van de Alpe d’Huez, op de camping, met vriend en hond in een tent. Demi Vollering vond de klim behoorlijk pittig, zei ze tegen de NOS. ‘Het is steiler dan verwacht. Je moet jezelf niet overschatten, want dan kom je jezelf tegen.’

Leontien van Moorsel

Ervaringsdeskundige bij uitstek tussen de vrouwen is Leontien van Moorsel. De meervoudig olympisch en wereldkampioen beklom de berg twee keer in wedstrijdverband, in 1992 en 1993, in wat toen nog de Tour Cycliste Féminin heette. Beide keren kwam ze zegevierend boven. ‘Het is waanzinnig dat hij er weer inzit. Het voelt nog steeds als de klim die van ons is.’

Aan de eerste beklimming bewaart ze niet al te dierbare herinneringen. Het was de laatste dag van de wedstrijd, ze had de leiding, maar haar grote rivale, de Française Jeannie Longo, stond slechts 9 seconden achter haar in het klassement. De bondscoach, Piet Hoekstra, had haar één opdracht meegegeven. ‘Je gaat bij haar in het wiel zitten en je komt er never, never meer uit.’

Het leidde enkele keren tot een sur place en scheldpartijen van Longo. Maar de marge bleef op de streep gehandhaafd. Van haar zege in 1993 staat haar veel minder bij. Ze achterhaalde de ontsnapte Elsbeth Vink en kwam met ruim 2 minuten voorsprong aan op de top – andermaal genoeg voor zowel de ritzege als de eindwinst.

De berg past haar. ‘Telkens na een van die bochten vlakt het wat af en dan is het net alsof je een zetje krijgt. Dan gaat het even weer. Het is ook zo prettig dat je die bochten kunt aftellen. Na de eerste dacht ik al: zo, hè, hè, nog maar 20 te gaan. Ik denk altijd positief.’

Dat je vrijwel overal zicht houdt op het dal, zodat het loon naar werken tastbaar blijft, speelt geen rol. ‘Nee, in koers let je daar niet op. Dan ben je alleen maar bezig in leven te blijven.’

Ze keerde de afgelopen jaren geregeld terug, nu om aan de Alpe d’Huzes deel te nemen, het evenement waarmee geld wordt opgehaald voor KWF Kankerbestrijding.

Soms werd ze als Bekende Nederlander gekoppeld aan een ander, vorig jaar fietste ze met haar nichtje van 14 omhoog om privéredenen: haar zus had vroeg haar man verloren. ‘Dan krijgt zo’n klim toch een andere betekenis. Het draagt bij aan het verwerkingsproces. Er hangt een heel fijne sfeer. Op de berg draait het die dagen om veel meer dan alleen fietsen. Dat is ook heel mooi.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next