Home

Na een kalme politieke zomer ontwaakt het kabinet in de rauwe realiteit

De eerste serieuze test voor de verhoudingen binnen de nieuwe ministerraad dient zich in de komende weken aan.

Tweede Kamerleden van de ChristenUnie, het CDA en D66 gaan heerlijke maanden tegemoet. Jarenlang gingen ze gebukt onder de gesel van de PVV vanwege standpunten die ze moesten innemen omwille van ingewikkelde coalitiecompromissen. Nu zijn de rollen voor het eerst omgedraaid. PVV-minister Agema van Volksgezondheid ageerde als Kamerlid consequent tegen het sluiten van ‘volwaardige’ de spoedeisendehulpafdelingen in de streekziekenhuizen. Op werkbezoek in Heerlen moest ze deze week omstandig erkennen dat ze daar bij nader inzien geen redding kan brengen: ‘Het begrip volwaardig is bijzonder ingewikkeld.’

Dat zou haar, in andere tijden, subiet op een motie van wantrouwen van haar partijleider zijn komen te staan, maar zolang die gelooft in de levensvatbaarheid van zijn kabinet, voert Wilders alleen oppositie tegen de oppositie. Die mag zich intussen wel verheugen op de komende debatten met Agema, die nu wordt geconfronteerd met de rauwe realiteit van financiële beperkingen en het dramatische personeelstekort in de publieke sector.

Over deze rubriek
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Ze heeft één troost: ze staat er zeker niet alleen voor in de ministerraad. Het Centraal Planbureau zette vrijdag de komende begrotingsonderhandelingen in het Catshuis onder druk met zijn jongste raming. Want er is zeker goed nieuws (de oplopende groei, de stijgende koopkracht, de aanhoudend lage werkloosheid, de dalende armoede), maar voor de overheid zelf dreigt het begrotingstekort op te lopen van slechts 0,3 procent over vorig jaar naar 2,2 procent dit jaar en 2,6 procent volgend jaar – gevaarlijk dicht tegen de limiet van 3 procent. De staatsschuld stijgt bij ongewijzigd beleid binnen vijftien jaar zelfs tot ver boven de Europese norm. In de woorden van het Planbureau: ‘Financiële lasten worden doorgeschoven naar volgende generaties.’

Dat komt deels door tegenvallers die het kabinet erft van de voorgaande ploeg, maar ook de beloofde lastenverlichting voor burgers en bedrijven doet zich voelen. Dat is een keuze, maar het gevolg is wel dat het kabinet nu, zo kort na de start, nog maar weinig manoeuvreerruimte heeft.

Daarmee dient de eerste serieuze test voor de verhoudingen binnen de nieuwe ministerraad zich aan. De VVD, die bepaald niet van harte in deze coalitie verzeild is geraakt, heeft met minister Eelco Heinen van Financiën haar voornaamste breekijzer in positie gebracht, een wapen dat op elk gewenst moment kan worden ingezet. Het is immers een van de weinige dingen waar de VVD-bestuurders en de achterban het doorgaans volledig over eens zijn: de houdbaarheid van de overheidsfinanciën moet streng worden bewaakt. PVV en BBB onderschrijven die lijn, op papier, maar hoelang houden ze dat vol als de asielopvang, het stikstofbeleid en het ambtenarenapparaat binnenkort duurder uitvallen dan begroot, omdat het voorgenomen kabinetsbeleid minder effectief blijkt te zijn dan de partijen hopen? Heinen bepaalt dan de speelruimte voor nieuw beleid en de politieke wensen van de regeringspartijen. Vrijdag zei hij alvast die ruimte nu ‘niet te zien’.

In een gewoon kabinet leidt zoiets tot noodzakelijke compromissen, voor ministers soms lastig te verdedigen. In de komende weken zal blijken in hoeverre Schoofs ploeg een gewoon kabinet wil zijn.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next