Home

Gen Z’ers werken meer dan ooit: ‘De Vespa heb ik bij elkaar gespaard, nu mijn rijbewijs nog’

Anders dan oudere generaties nog weleens beweren, zijn de jongeren van nu niet lui. Ze hebben vaker een bijbaan dan ooit. Waar komt die werklust vandaan? En is zo’n druk leven wel wenselijk?

Wie beweert dat jongeren lui zijn, moet op een zomerse dag eens naar ijssalon Fyn Ys in Leusden. Daar bewijst de 19-jarige Per namelijk graag het tegendeel. Terwijl de temperaturen deze dinsdag schreeuwen om een stranddag, staat zij onverstoorbaar ijs te scheppen. Stracciatella, tiramisù, pistache. ‘Bakje of hoorntje?’ Totdat om half vijf de zweetdruppeltjes boven haar neusvleugels staan. Diepe zucht: 'Ik kán niet meer.’

Per is zeker niet de enige jongere die zich deze zomermaanden in het zweet werkt. Overal waar de vakantievierende beroepsbevolking gaten in roosters laat vallen, duiken jongeren op. Zij zijn het die drukbevolkte terrassen van Spritzen voorzien, thuiszorgcliënten van steunkousen en de toiletten op het bungalowpark van een sopje. En dat werk stopt lang niet altijd meer als jongeren weer richting de school- of collegebanken gaan.

Het Centraal Bureau voor de Statistiek meldde donderdag dat 77 procent van de jongeren tussen de 15 en 25 een bijbaan heeft. Dat is 10 procentpunt meer dan tien jaar geleden. Jongeren zijn bovendien de snelst groeiende groep zelfstandig ondernemers. ‘Een bijbaan is voor verreweg de meeste jongeren de norm geworden’, constateert hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen. ‘Hun arbeidsdeelname is niet eerder zo hoog geweest.’

Daarmee werken Nederlandse Gen Z’ers (geboren tussen 1997 en 2012) verreweg het meest van alle EU-landen en ook meer dan de generaties voor hen. Meer dus dan de ‘boomers’, ‘nixers’ en ‘millennials’ die aan vergader- en borreltafels nog weleens verzuchten dat de jongeren van nu niet deugen. ‘Iedereen denkt altijd dat de jeugd van tegenwoordig niks waard is’, zegt Van Mulligen. ‘Maar daar klopt nooit wat van.’

Ook in de zuurstokroze ijssalon in Leusden gaan dergelijke clichés er bij eigenaar Jelle Horst niet in. Van de 59 personeelsleden die hij in dienst heeft, zijn 50 nog scholier of student. ‘De gemiddelde leeftijd hier is 18,3 jaar’, rekent hij voor. ‘En dat is inclusief onze 63-jarige chauffeur.’ Soms melden zich zelfs kinderen van 13 en 14 voor een bijbaan in zijn Instagramwaardige zaak. ‘In die gevallen laat ik de ouders meetekenen.’

De belangrijkste verklaring voor die jeugdige werklust ligt voor de hand, of eigenlijk voor het oprapen: de banen. ‘Je kunt tegenwoordig een willekeurig winkelcentrum in lopen en met een baan naar buiten komen’, zegt Van Mulligen. ‘De krapte is groot, juist ook in sectoren waar jongeren werken. Dat is anders dan een generatie geleden, toen er hoge werkloosheid was en jongeren moesten concurreren met mensen die ouder en ervarener waren.’

Toch is dat niet het hele verhaal. Want ook in Denemarken is de arbeidsmarkt zeer krap, maar daar sloeg de vakbond onlangs alarm omdat de ‘unge menneskers’ juist steeds minder willen werken. In België waren de zorgen weer van een heel andere orde, zo leerde hoogleraar arbeidsmarkt Ton Wilthagen toen hij bezorgde Vlaamse media aan de telefoon kreeg. ‘Zij waren bang dat Ahold daar ook de vakken zou laten vullen door 13- en 14-jarigen. Dat zit daar helemaal niet in de cultuur, het woord ‘kinderarbeid’ viel.’

Dat een bijbaan in Nederland zo normaal is geworden, heeft volgens de hoogleraar mogelijk te maken met het feit dat de arbeidsmarkt in ons land sinds de jaren negentig sterk geflexibiliseerd is. Nergens zijn zoveel verschillende contractvormen als hier: van oproep tot uitzend en nuluren. Wilthagen: ‘Werkgevers zijn als ware kruideniers steeds op zoek gegaan naar de allerflexibelste en allergoedkoopste arbeidskrachten, en dan kom je al snel bij jongeren uit.’

‘Ik kan nu kopen wat ik wil’

Nu de bijbaantjes eenmaal in zwang zijn, werkt het zelfversterkend. ‘Jongeren zien bij hun leeftijdsgenoten dat ze werken, wat ze daar allemaal van kunnen kopen en willen het vervolgens ook’, aldus Wilthagen. ‘En bij ouders is daardoor de houding ontstaan: je krijgt zakgeld, maar als je die nieuwe telefoon wilt dan moet je die verdienen. Dat is anders dan in het buitenland waar al snel de angst is dat school eronder lijdt.’

Dat geldt ook voor Ilse, die dinsdag samen met Per de schier eindeloze rij voor ijssalon Fyn Ys probeert weg te werken. Ze is net 16 geworden; een goed moment om haar eigen geld te gaan verdienen. ‘Ik krijg nog wel zak- en kleedgeld’, licht ze toe. ‘Maar ik wilde graag sparen voor een Vespa en ik vind het heel fijn dat ik nu gewoon kan kopen wat ik wil en tegen mijn vriendinnen kan zeggen: zullen we uit eten gaan?’

De motivatie van Ilse onderstreept volgens Wilthagen nog een andere reden waarom de arbeidsparticipatie onder jongeren zo hoog is: hun leven is door de gestegen welvaart duurder geworden. ‘Vroeger spaarde je een zomer voor een Marantz versterker, je had een fiets en misschien nog voetbalschoenen. Maar nu hebben jongeren fatbikes, games, telefoons – en dan geen Nokia, zoals Mark Rutte, maar een iPhone 15.’

Instagram en TikTok

Die dure aankopen doen jongeren niet zelden omdat ze worden geïnspireerd door wat ze hebben gezien op sociale media. Volgens onderzoek van Wijzer in Geldzaken wil 6 op de 10 jongeren (vaak) iets omdat ze het voorbij hebben zien komen op hun feeds. Want dat is nog zoiets waarin de jongere generatie zich onderscheidt: ze zijn opgegroeid met kanalen als Instagram en TikTok.

Al dan niet aangemoedigd door die sociale media geven jongeren ook fiks meer uit aan diensten, zoals de horeca. Branchevereniging FSIN berekende dat 18- tot 27-jarigen vorig jaar gemiddeld 2.204 euro per jaar spendeerden aan esma’s (espresso martini) en zuurdesembrood met geklaarde boter, terwijl babyboomers een schamele 485 euro stuksloegen in de horeca. Het komt de Gen Z’ers, samen met de millennials, op het labeltje ‘gemaksgeneratie’ te staan.

Maar de hogere arbeidsparticipatie van jongeren is niet alleen uit luxe geboren, denkt sociaal wetenschapper Lin Rouvroye van het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut. Want het leven van jongvolwassenen is, in ieder geval in economische zin, helemaal niet zo gemakkelijk. Samen met een collega vergeleek Rouvroye een cohort van eind twintigers nu met hun leeftijdsgenoten aan het begin van dit millennium en zag dat zij kwetsbaarder zijn. ‘Ze hebben meer schulden en minder vermogen doordat het huizenbezit veel lager is.’

Die schulden hebben jongeren te danken aan de afschaffing van de basisbeurs in 2015. ‘Acht jaar lang kregen studenten geen inkomen van de overheid’, aldus Rouvroye. ‘Ik kan me voorstellen dat dat een belangrijke economische prikkel was om te werken, want elke euro die je verdient, hoef je niet te lenen.’ Sinds dit studiejaar is de basisbeurs weer ingevoerd, maar het aantal 25-minners met schuld is inmiddels verdubbeld van 326- naar 631 duizend.

Massaal aan de bijbaan

Die schulden drukken op jongvolwassenen, evenals de fors gestegen kosten voor huisvesting. Volgens het Nibud heeft 40 procent moeite om maandelijks rond te komen. ‘Het idee van vrijheid, blijheid is niet karakteristiek voor deze generatie jongvolwassenen’, constateert Rouvroye.Van de 18 tot 35-jarigen in mijn onderzoek maakte 35 procent zich zorgen over of ze voldoende inkomen zullen hebben om prettig van te leven. Ook dat kan een reden zijn om te werken.’

Het is natuurlijk de vraag hoe (on)wenselijk het is dat jongeren van nu zo massaal aan de bijbaan zijn. De media stonden afgelopen jaren bol van berichten over de gestegen prestatiedruk bij de jongste generaties. Werk lijkt een nieuwe loot aan de al fors opgetuigde boom die hun levens zijn, naast school, huiswerkklasjes, sportclubs en sociale activiteiten.

Toch blijkt vooralsnog niet uit onderzoek dat een bijbaan jongeren veel stress bezorgt. Het Centraal Bureau voor de Statistiek deed in 2021 onderzoek naar stressoren bij jongeren tussen de 15 en 25 en zag dat de bijbaan voor slechts 4 procent van de ondervraagden een bron van stress was. Voor de groep die al voltijds werkte was dit percentage hoger: 20 procent.

Voordelen van die hoge arbeidsparticipatie zijn er bovendien ook, denkt hoogleraar Wilthagen. ‘Doordat jongeren al op jonge leeftijd in aanraking komen met werk, leren ze op tijd komen, opletten, netjes tegen klanten te doen. Die ervaring kan helpen in hun verdere loopbaan.’ Bovendien heeft ook de samenleving er wat aan: ze kunnen helpen in het bestrijden van de krapte.

Voor ijssalonmedewerkers Ilse en Per spelen dat soort grote zaken nog niet. Voor hen is het werk in de ijssalon vooral een leuke manier om in de zomer een extra zakcentje te verdienen. Al smaakt het voor de 16-jarige Ilse wel naar meer. ‘Misschien moet ik maar eens vragen of ze hier in de winter ook mensen nodig hebben’, mijmert ze. ‘Want ik heb mijn Vespa nu bij elkaar gespaard, maar ik moet nog mijn rijbewijs halen.’

Niet minder werken, maar anders

Marko van Tol van jongerenuitzendbureau YoungCapital bemiddelt wekelijks zo’n 10 duizend jongeren naar werk. Van luiheid is bij hen geen sprake, benadrukt ook hij. Maar wat hij wel ziet: de manier waarop jongeren willen werken, verandert. ‘Tijdens de coronaperiode is thuiswerken normaal geworden. Daardoor is de behoefte aan flexibiliteit in werktijd en -plek heel belangrijk.’ Werkgevers die volledig op afstand werken zijn daardoor in trek, evenals die in het buitenland. ‘Daarnaast kiezen steeds meer jongeren, met name in de horeca, voor het ondernemerschap.’

Sabine van der Linden (22), werkt naast haar coschappen 15 uur per week bij een strandtent en een medisch bedrijf: ‘Ik heb drie jaar lang geen basisbeurs gehad’

‘Ik werk al sinds mijn dertiende in de horeca. Ik heb van huis uit meegekregen: als je iets wilt, moet je er wat voor doen. Vroeger deed ik het voor de extraatjes, maar sinds ik studeer heb ik het geld echt nodig om van rond te komen. Mijn ouders springen bij voor het collegegeld, maar de huur betaal ik zelf. Het is mijn keuze om in Amsterdam op kamers te wonen.

‘Soms is het best pittig om naast mijn fulltime co-schappen nog te werken. Helemaal als ik er dingen voor moet missen. Maar ik heb nu eenmaal een levensstijl die erom vraagt. Ik vind het leuk om naar festivals te gaan en uit eten. En ik ben ook best gevoelig voor verleidingen die ik zie op social media − de kleding, tasjes en schoenen.

‘Natuurlijk zou ik maximaal kunnen lenen bij DUO, maar ik heb de eerste drie jaar geen studiebeurs gehad en ben toch geschrokken van de verhoogde rente. Straks wil ik een huis kopen en telt die studieschuld mee. Ik werk dus liever hard, en dan weet ik dat ik er daarna van kan genieten.’

Tom Vreuls (17), gaat naar de zesde klas, heeft een eigen filmbedrijf Villa Vulto: ‘Het was coronatijd en ik verveelde me dood’

‘Toen ik 12 was, begon ik mijn eerste onderneming. Het was coronatijd en ik verveelde me dood. Dus toen bedacht ik dat er vast mensen waren voor wie ik boodschappen kon doen. Na corona merkte ik dat het niet meer werkte en heb ik samen met mijn vader een tweedehands drone gekocht. Nu maak ik beelden voor de horeca, feesten en bruiloften.

‘Ik vind het heel gaaf om ideeën om te zetten naar bedrijfjes en op plekken te komen waar je anders op mijn leeftijd niet zo snel komt. Als ik ergens film krijg ik regelmatig een biertje aangeboden, dan moet ik zeggen: mag niet, ik ben pas 17.

‘Als ik een filmklus heb, kan ik meer verdienen dan bij de AH. Maar geld is niet mijn drijfveer. Ik wil vooral ervaring opdoen, voordat ik straks de studie bedrijfskunde ga doen. Het geld dat ik niet uitgeef, zet ik op een spaarrekening om in mijn tussenjaar een reis mee te maken. En ik heb net enkele aandelen genomen in AI. Het bleek helaas net het verkeerde moment.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next