Home

Opinie: Ook nieuw onderzoek naar het ambt van burgemeester zal uitwijzen: de rol als neutrale leider is uitgespeeld

Wie wil er nog burgemeester worden in Nederland? Beschimpt en soms bedreigd van allerlei kanten. Gemeenteraden en wethouders die hun burgemeester laten vallen. Weer een nieuw onderzoek is echter overbodig, vindt Bas Eenhoorn. Hij weet uit ervaring wat eraan schort.

Het burgemeesterschap in Nederland is al vaak onderwerp van onderzoek geweest. En opnieuw gaat de minister van Binnenlandse Zaken een onderzoek starten, nu naar het teruglopende aantal kandidaten voor dat bijzondere vak. De minister wil weten waardoor dat komt en wat eraan te doen valt.

Door de hoogleraren Boogers, Peters en anderen werd vier jaar geleden in een uitputtend rapport: Teveel van het goede aangegeven dat het ambt omvangrijker en complexer is geworden. Wie de profielschetsen leest, komt onvermijdelijk tot de conclusie dat in alle gemeenten het wonderkind in het openbaar bestuur wordt gezocht. De vraag is echter of het takenpakket de barrière vormt voor mogelijke kandidaten voor het vak van burgemeester. Als kern van het probleem van het huidige burgemeesterschap geldt veeleer, dat het ambt is gepolitiseerd. Dat is de hoofdconclusie van de onderzoekers vier jaar geleden.

Over de auteur

Bas Eenhoorn was (waarnemend) burgemeester van zeven gemeenten en vervulde daarnaast commerciële en bestuurlijke functies in het openbaar bestuur.

De burgemeester is in de gepolitiseerde en gefragmenteerde verhoudingen in de gemeenteraden als neutrale bestuurder met een eigenstandige positie steeds meer in de knel gekomen. Tussen mijn burgemeesterschappen van Schiermonnikoog (1976) tot de laatste in Vlaardingen (2022) heb ik gemeenteraden en burgemeesters, die in de knoei of in de problemen, waren geraakt, mogen begeleiden. Daarbij gaat het nooit over het takenpakket, nooit over de druk van het ambt, nooit over het 24 uur per dag gereed moeten staan, nooit over de bedreigingen en agressie, nooit over de veranderende aard van het vak, nee het gaat altijd over de verdampende loyaliteit van de gemeenteraden en de wethouders in de colleges van B&W aan de burgemeester.

De steun aan de burgemeester wordt vaak ondermijnd door politieke opportuniteit, door gebrek aan politieke inbedding van de burgemeester. Hij is immers neutraal en onafhankelijk en dus makkelijk schietschijf en kop van Jut. Er is weinig belang bij de lokale politici om in de bres te springen voor hun burgemeester. De persoonlijke loyaliteit, die er is bij degenen die een rol speelden bij de benoeming van de burgemeester via de voordracht vanuit de vertrouwenscommissie uit de Raad, verdwijnt door grote wisselingen in de samenstelling van de Raden na de verkiezingen.

Flexibiliteit

Maar eenrichtingsverkeer is het allerminst. Want ook van de burgemeesters wordt gevraagd bij veranderde krachtsverhoudingen flexibiliteit op te brengen. Ervoor zorgen dat de negatieve krachten in de gemeenteraad worden geneutraliseerd is cruciaal. Politieke steun vanuit de Raad en het college is daarbij onontbeerlijk. Aan een dappere dodo heeft de gemeente niet veel: die burgemeester gaat onderuit.

De politieke gevoeligheid en de kunst van flexibel leiderschap bepalen verdriet of vreugde van het burgemeesterschap. De burgemeester die in dezelfde groef blijft draaien, komt in de problemen. Mede omdat het burgemeesterschap in Nederland een levensvervulling lijkt en burgemeesters lang in dezelfde gemeente blijven, is het risico van een toenemend isolement en eenzaamheid groot. De populariteit voor het zogenaamde waarnemerschap voor een burgemeestersvacature blijkt onder andere daarom groot.

De waarnemend burgemeester kan door zijn relatief onafhankelijke positie ten opzichte van de gemeenteraad de confrontatie met polariserende krachten in de Raad aangaan. Hij hoeft niet bang te zijn haar of zijn herbenoeming in de waagschaal te leggen doordat de Raad dwars gaat liggen.

Verloren loyaliteit

Het toenemende gemak waarmee gemeenteraden en wethouders hun burgemeester de wacht aanzeggen heeft, daarvan ben ik overtuigd, vooral te maken met de verloren loyaliteit van de lokale politici met hun burgemeester en de daarmee verband houdende noodzaak van flexibel leiderschap van burgemeesters. Het risico voor een succesvol burgemeesterschap wordt daarom niet opgelost door te knutselen aan het takenpakket.

In de gefragmenteerde en gepolariseerde verhoudingen ook in de lokale politiek zal de burgemeester om te overleven politiek moeten worden. Een kandidaat uit en met steun van de lokale politiek zal niet zo snel alleen komen te staan.

Van de neutrale en onafhankelijke burgemeester wordt het onmogelijke gevraagd. Ook de angst een herbenoeming mis te lopen door een blokkade vanuit de gemeenteraad speelt onderhuids een rol. Het einde van het burgemeesterschap zoals we dat in Nederland kennen, heeft zich al een poos geleden ingezet.

In mijn gedachten en ervaring laat het teruglopende aantal kandidaten voor het burgemeesterschap zien dat het steeds grotere risico om als burgemeester tussen wal en schip te raken alom serieus wordt ingeschat. Dat er zich toch nog geschikte kandidaten melden is een klein wonder.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next