Dierenactivist Paul Watson zit sinds 22 juli in een Deense cel. Donderdag beslist een rechter of hij daar langer moet blijven. Japan heeft om zijn uitlevering gevraagd. Wie is deze man, ‘dierenheld’ volgens sommigen en ‘ecoterrorist’ volgens anderen?
Paul Watson heeft in zijn 73 jaar op aarde al heel wat gevangenissen van binnen gezien. Ga maar na: in 1980 zat hij vast in Canada. In 1986 in IJsland. In 1993 in Canada. In 1997 in Nederland. In 2012 in Duitsland. Kortstondige verblijven in een politiecel voor het gemak niet meegerekend.
In dat opzicht zal het huis van bewaring van Nuuk, de hoofdstad van Groenland, weinig indruk hebben gemaakt. Watson belandde daar achter de tralies nadat hij met zijn schip, de John Paul DeJoria II, op 21 juli de haven binnenvoer – recht in de armen van de Deense politie. Die sloeg hem in de boeien op grond van een internationaal arrestatiebevel, uitgevaardigd door Japan.
Vandaag hoort Watson van een Deense rechter of hij in hechtenis moet blijven. Dat zal het geval zijn als de rechtbank gronden vindt voor zijn uitlevering in een Japans verzoek. Dat wil hem als sinds 2010 achter tralies hebben.
De Denen zijn zich in elk geval bewust van Watsons reputatie als ontsnappingskunstenaar. Ze willen niet zo’n modderfiguur slaan als de Duitsers, in 2012. Die lieten hem op borgtocht uit het huis van bewaring, waar hij was vastgezet na een verzoek om uitlevering door Costa Rica. Watson diende zich elke dag bij de politie melden. Maar hij nam de benen voordat de rechter over zijn lot kon beslissen.
Watsons zeevarende bestaan begon in de jaren zestig van de vorige eeuw vreedzaam. Hij had een rits banen bij de Canadese kustwacht en voer mee op internationale koopvaardijschepen. Maar de met de paplepel ingegeven liefde voor dieren liet zich niet lang ontkennen. In 1969 zetten Watson de eerste stap richting het activisme.
Watson sloot zich in 1969 aan bij het Don’t Make a Wave Committee, dat in Canada werd opgericht om te protesteren tegen ondergrondse Amerikaanse kernproeven in de Aleoeten, een eilandengroep in Alaska. Uit dat comité kwam een jaar later de milieuorganisatie Greenpeace voort.
Watson houdt niet op te vertellen dat hij een van de oprichters is van Greenpeace. Die ziet dat anders: Watson zou slechts een van de eerste aanhangers zijn geweest, ‘invloedrijk’ weliswaar, maar niet meer dan dat.
Hoe het ook zij, na zeven jaar uit naam van Greenpeace vreedzaam actie te hebben gevoerd, stapte Watson op. Al langer had hij geklaagd dat de milieuorganisatie veel te soft was geworden. In 1977 stemden tien leden van de raad van bestuur voor zijn vertrek, Watson stemde als elfde en enige tegen.
Samen met anderen zette Watson later dat jaar de Sea Shepherd Conservation Society op. Dat luidde het begin in van een kruisvaart tegen tegen de jagers op walvissen, zeehonden en haaien. Watson zag er geen been in om netten stuk te maken, drijvende walvisfabrieken hinderlijk in de weg te varen, of om bemanningen te bestoken met chemische bommen en vissersboten te saboteren.
Uitgangspunt was daarbij volgens Watson altijd dat bij de acties geen gewonden zouden vallen. Dat ‘nobele’ streven kon niet rekenen op genade vanuit de Japanse regering. Het land nam een speciale wet aan die zelfs het maar het in de buurt varen van een walvisjager al beschouwt als ‘terrorisme’.
Ook bij de Sea Shepherd Conservation Society liep Watson uiteindelijk tegen de grenzen van zijn activisme op. In 2022 stapte hij op en begon hij de Captain Paul Watson Foundation. Gevraagd naar de reden voor de naam zei Watson ‘dat het voor wie dan ook knap ingewikkeld zal zijn om een organisatie te kapen die mijn naam draagt’.
In een interview met de Volkskrant in 2010, blijkt wel hoe ver Watson wil gaan in de strijd voor de natuur. ‘De mens doet er niet toe, op de wereld. Alleen dieren doen ertoe. Bekijk het zo: de aarde is een ruimteschip, de dieren zijn de bemanning en wij zijn de passagiers. En wat doen we? We vermoorden de bemanning. We zijn met veel te veel.’
Dat geldt kennelijk niet alleen voor moeder aarde, maar ook voor de VS. In 1999 stelde Watson zich kandidaat voor de Sierra Club, een Amerikaanse natuurbeschermingsorganisatie die zich aardig laten vergelijken met een club als de Vereniging Natuurmonumenten in Nederland. Hij presenteerde een programma dat zich richtte tegen immigratie.
In 2003 werd hij alsnog gekozen. Maar Paul Watson zou Paul Watson niet zijn als hij niet ook hier weer met ruzie vertrok. Een maand voordat zijn termijn afliep, vertrok Watson, uit protest tegen een opstelwedstrijd onder de titel ‘Waarom ik jaag’. ‘Ik zal nooit als een dief in de nacht vertrekken’, zei hij destijds. Een geschikter grafschrift ooit, is amper denkbaar.
Paul Watson is drie keer getrouwd en gescheiden. Hij heeft drie kinderen. Zijn huidige vrouw is Yana Rusinovich (43), een voormalige Russische operazangers en dierenrechtenactiviste. ‘Vrouwen hopen dat je verandert als je trouwt. Maar ik verander niet.’
Watson is ook politiek actief geweest. In de jaren tachtig en negentig werkte hij voor de Green Party in Brits-Columbia. Tweemaal stond hij op het stembiljet voor de parlementsverkiezingen. Een keer deed hij mee aan de burgermeestersverkiezingen in Vancouver. Daar eindigde hij als vierde.
Tijdschrift The New Yorker omschreef Watson in 2007 als ‘kapitein Nemo’, naar het personage met die naam uit de romans van Jules Verne. Bemanningen beschrijven de sfeer aan boord van schepen van Sea Shepherd als ‘anarchie geleid door God’.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant