Home

Ongelijkheid houdt de moderne mens sterk bezig. In ons bestaan zit een grote mate van geluk en pech

Wie om zich heen kijkt, ziet dat de natuur alles ongelijk heeft geschapen. Dat geldt zeker ook voor de mens. Dat we allemaal een dubbelganger hebben, is meer een literaire notie. Bij nadere inspectie en bij ander licht blijken ook de dubbelgangers in het geheel niet op elkaar te lijken. Geen mens is precies hetzelfde als een ander mens, zelfs de eeneiige tweeling niet. Dat ieder mens uniek is, klinkt heel koket, maar het is wel waar – tenminste als je er niet meer mee bedoelt dan dat ieder mens enig is in zijn soort.

Noem mij een menselijke eigenschap en de variatie is enorm. Je hebt sterke en slappe mensen, domme en intelligente, lieve mensen en pestkoppen, je hebt gezonde en zieke mensen, mooie en lelijke, je hebt mensen die hard kunnen lopen, hoog kunnen springen of snel kunnen lezen, maar je hebt er ook die daartoe totaal niet in staat zijn. Die zijn weer blind, extreem potent of dyslectisch – enzovoort, enzovoort, enzovoort. En dan heb ik het nog niet eens over de verschillende geslachten, waarvan er in de laatste jaren – naast die van man en vrouw – weer vele soorten zijn bijgekomen. Zelfs daar blijft de ongelijkheid niet beperkt tot twee.

Ongelijkheid is een thema dat de moderne mens sterk bezighoudt. Elke dag lees je er wel een commentaar over. Het afgelopen weekend wijdde de Volkskrant een special aan het schoonheidsideaal. Iedereen wil graag mooi zijn in de ogen van een ander, maar dat is niet voor iedereen weggelegd. Aangezien de natuur zonder doel en moraal geschapen lijkt, zit in er in ons bestaan een grote mate van geluk of pech. Heb je meer pech dan geluk, dan wordt dat als een onrechtvaardigheid beschouwd die moet worden rechtgetrokken. Tegenover ongelijkheid zijn gelijkheidsrechten in het geweer gebracht.

Over de auteur
Max Pam is schrijver en columnist van de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Dat is niet altijd zo geweest. Wie naar paardensport op de Olympische Spelen heeft gekeken, zag op de achtergrond het oogverblindende Versailles, waar ooit een kleine groep uitverkorenen in grote welstand leefde. In diezelfde geest wil het burgermeisje Laurentien Brinkhorst graag met ‘prinses’ worden aangesproken, om uit hoofde van die titel – niet met haar eigen vermogen, maar met overheidsgeld – filantropie te bedrijven jegens al diegenen die in de toeslagenaffaire pech hebben gehad.

De grootste ergernis, tevens de meest taaie om op te lossen, is die van het verschil tussen arm en rijk. Een middel om die tegenstelling aan te pakken loopt via de erfbelasting: die moet omhoog, het liefst tot het maximale. Ik voorspel bij dezen dat daar heel weinig tot niets van terecht zal komen, want je raakt daarbij aan een van de fundamenten: de familie.

Het is een debat dat met enige regelmaat terugkomt. In mijn jeugd was er Nieuw Links, een groep binnen de PvdA die het erfrecht voor 99 procent wilde afschaffen. Ik geloof dat je alleen de trouwring van je ouders mocht houden. Voorstellen in die richting werden snel ingeslikt en haalden het partijprogramma niet. Logisch, want als telg van een sociaaldemocratische familie begreep ik al vroeg dat mijn ouders spaarden om ervoor te zorgen dat hun kinderen het beter zouden krijgen dan zij, ongeveer zoals hun eigen ouders dat ook hadden gedaan. Die overigens honorabele houding vlak je niet zo maar uit, ook Lenin en zijn nazaten is het niet gelukt.

Zelfs als je zou menen dat het op de lange termijn eerlijker is om je erfenis naar de overheid te brengen, kiezen de meeste mensen er toch voor het overgrote deel zelf te houden. Het is nog maar de vraag of de overheid jouw erfenis gaat aanwenden voor nivellering of armoedebestrijding, bij deze regering lijkt de kans me niet erg groot.

Erg lastig is ook dit criterium: ‘vermogen dat zonder inspanning is verworven, zou zwaarder moeten worden belast dan inkomen dat met hard werken is vergaard’. Maar wat is zonder inspanning? Ik ken heel wat ouders die het zonder de inspanningen van hun kinderen niet gered zouden hebben. Ik ken ook iemand die van vroeg tot laat de beurs volgt en zo een vermogen heeft opgebouwd. Is dat werk zonder inspanning? Voetballers verdienen soms 4 ton per week. Ze trainen hoogstens twee keer dag en spelen gemiddeld een keer per week een wedstrijd. Aanpakken die handel?

Iemand vroeg eens aan mij hoelang ik nou over ‘zo’n stukje’ deed. Twee à drie uur, antwoordde ik naar waarheid. En voor de rest? Dan luier ik wat rond. ‘Luiaard!’, riep hij oprecht verontwaardigd. Hij vond ook dat ik veel te goed betaald werd voor die paar uurtjes. Ik moet er veel voor lezen, wierp ik tegen, maar lezen vond hij geen werk. Zelf leest hij altijd voor zijn plezier.

Het zweet des aanschijns wordt overgewaardeerd, zeker in Nederland.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next