Home

Nederland is zesde van de wereld, maar: ‘Australië laat zien wat er met echt topsportbeleid haalbaar is’

De Olympische Spelen in Parijs zijn voorbij. Nederland eindigde in het medailleklassement hoger dan ooit. Waar blonken de Nederlandse sporters in uit en wat kon er nog beter? We bellen met onze sportverslaggever Erik van Lakerveld.

Dag Erik, hoe kijk jij terug op de Nederlandse prestaties in Parijs?

‘Die zesde plek in het medailleklassement is echt een prestatie. De sporters hebben het hartstikke goed gedaan, uitzonderingen bij judo en handbal daargelaten. Er waren geen grote missers en de meeste sporters hebben naar verwachting, en soms daarboven, gepresteerd.

Over de auteur
Yassin Boutayeb is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.

‘Van Nederland werd verwacht het goed te doen. En dat hebben de sporters laten zien door veel meer goud te winnen dan zilver of brons. Voor het medailleklassement is dat heel doeltreffend, omdat goud daarin het zwaarst weegt. Als je de vergelijking met de Britten maakt (zevende in het klassement): die hebben één gouden medaille minder gewonnen dan Nederland, maar wel veel meer zilver en brons veroverd.’

Wat is volgens jou het geheim van het Nederlandse succes?

‘De kleinschaligheid. Voor een klein land, waar de afstanden beperkt zijn, is het gemakkelijker om samen te werken en de krachten te bundelen. Dat gebeurt met veel sporten op Papendal, bij de roeiers op de Bosbaan in Amsterdam en bij de baanwielrenners in Apeldoorn. Op al die plekken kunnen de besten van Nederland samen trainen, samen beter worden.

‘Als je dat vergelijkt met Duitsland: daar zijn over heel het land verspreid olympische trainingscentra, die elkaar vaak ook nog als concurrenten zien. Daarbij speelt ook nog de oude opdeling van Duitsland mee: Oost tegen West. Dat werkt natuurlijk averechts. In Nederland is er door plekken als Papendal best wat kruisbestuiving, wat de drempel voor samenwerking tussen verschillende sporten laag maakt.’

Welke successen vond jij het meest opvallend en waar ging het minder?

‘Bij het roeien is er veel goud gewonnen. Dat is de grootste stijger als je het afzet tegen de resultaten van Nederlandse roeiers op eerdere Spelen. Op de Spelen van Tokio deden de Nederlandse roeiers het al beter dan ooit, door één keer goud te winnen en een paar keer zilver te pakken. Dit jaar was Nederland het beste roeiland met vier olympische titels.

‘Verder hebben de Nederlandse 3x3 basketballers uitzonderlijk goed gepresteerd. Dat zij het goud pakten, was een daverende verrassing. Niemand had dat van tevoren verwacht. Nu zijn teamsporten altijd moeilijker in te schatten dan individuele sporten, maar dit was dus een groot succes.

‘De judoka’s uit Nederland hebben het slechtst gepresteerd. Dat is best bijzonder want, ondanks dat de Nederlandse judoka’s het al een paar jaar niet zo goed doen, staat Nederland van oudsher bekend als een land dat bij judo goed presteert op de Spelen. Sportkoepel NOCNSF steekt relatief veel geld in die sport, maar al een aantal jaren gaat het bergafwaarts met de olympische prestaties van Nederlandse judoka’s. De Spelen van Parijs zijn voorlopig het dieptepunt met nul podiumplaatsen.’

Waar staat Nederland nu in de wereld?

‘Nederland doet het internationaal gezien nog steeds heel goed en staat er zelfs beter voor dan ooit, ondanks dat de sportfinanciering hier onder druk staat. Daar hebben veel andere landen ook mee te maken trouwens, dus dat is meer een wereldwijd probleem.

‘Als je kijkt naar de prestaties van landen in verhouding tot het inwonertal, dan was alleen Australië beter dit jaar. Daar wordt vanuit de politiek een echt topsportbeleid gevoerd. In Nederland is dat uitbesteed aan de sportkoepel. Hier heerst al snel het idee dat het ongekend is wat een klein landje als het onze doet op de Spelen, maar Australië laat zien wat er met een echt topsportbeleid nog meer haalbaar is.’

Hoe kijk jij met het oog op de bezuinigingen van het kabinet op de topsport naar de Spelen van 2028 in Los Angeles?

‘Ik vermoed dat er in 2028 nog geen problemen zullen ontstaan. Zo’n topsportprogramma is niet in een dag ontmanteld. In Los Angeles zullen veel van de sporters die dit jaar succesvol waren er gewoon weer bij zijn. Over het algemeen hebben dit soort ontwikkelingen een iets langere looptijd. Bij landen die juist veel meer zijn gaan investeren, zie je dat ook. Die investering laat zich ook niet direct terugzien in de prestaties van sporters, maar op de langere termijn zal dat wel zijn vruchten afwerpen.

‘Ik vrees daarom wel voor problemen op de Spelen van 2032. En dan kan het als een soort lawine-effect opeens heel snel gaan. Ik vind dat je de discussie over de vraag of je op de Olympische Spelen een toptienland wil zijn best kunt voeren, maar dan moet er wel een heldere lijn getrokken worden. Nu zie je dat er vanuit de politiek de polonaise wordt gelopen vanwege de prestaties van de Nederlandse sporters op de Spelen. Maar als je wil dat die prestaties blijvend zijn, dan moet de politiek ook wel in sport blijven investeren.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next