De dreiging van terrorisme lijkt weer toe te nemen in Europa. Afgelopen week werd een IS-gerelateerde aanslag bij een Taylor Swift-concert in Wenen voorkomen. De Belgische terreurexpert Jonathan Lasoen van kenniscentrum Security Intelligence beantwoordt lezersvragen over deze ontwikkelingen rond islamitische radicalisering.
Hebben sociale media een rol van betekenis bij het radicaliseringsproces? Of radicaliseren er tegenwoordig ongeveer net zoveel mensen als toen men zich niet in de eigen socialemedia- en internetbubbel kon verliezen?
"Sociale media hebben een sterke bijdrage gehad. Het heeft voor een versnelling gezorgd en de reikwijdte van radicalisering vergroot. De meeste radicalisering gebeurt online. Het grootste probleem is tegenwoordig TikTok, dat te weinig doet om te modereren."
"Geradicaliseerden maken aantrekkelijke posts die aansluiten bij wat de jeugd leuk vindt. Er is een berucht rekruteringsfilmpje dat volledig is gemaakt in de stijl van een videospel. Je ziet een aantal jonge strijders die hun missie voor Allah waarmaken en ongelovigen neerschieten. Daarnaast verspreiden ze hun teksten op sociale media. Ronselaars gaan dialogen aan waarbij ze kwetsbaren proberen mee te sleuren in hun gedachtegoed."
Is er sprake van verjonging van daders bij (pogingen tot) terreur? Uit eerdere berichtgeving bleken de verdachten in Oostenrijk minderjarig te zijn, net als bij arrestaties in maart in België, in april in Duitsland en in aanloop naar de Olympische Spelen in Parijs.
"Zeker, daar waarschuwen veiligheidsdiensten al twee jaar voor. Het extreme gedachtegoed begint op steeds jongere leeftijd vat te krijgen. Er is niet genoeg begeleiding om ze daarmee te helpen. Je moet er zo vroeg mogelijk bij zijn. Daarnaast rest dit soort jongeren vaak een straf in een gesloten inrichting. De vraag is of ze daar weer geradicaliseerder uit komen."
"Die verjonging komt vooral - helaas weer - door sociale media. In onze samenleving zijn sommige kwetsbare, islamitische jongeren op een zijspoor beland. Ze voelen zich tweederangsburgers in hun eigen land en zijn zoekende naar identiteit en saamhorigheidsgevoel. Die radicale bewegingen zijn er heel sterk in om deze kwetsbaren het gevoel te geven dat ze erbij horen. Dat geeft hun een identiteit en een doel, hoe verschrikkelijk dat doel ook is."
Welke rol speelt de samenwerking tussen verschillende landen en organisaties bij het waarborgen van veiligheid tijdens grote evenementen?
"De internationale samenwerking is verbeterd na de laatste IS-crisis. Die begon in 2013 en had zijn hoogtepunt in 2016 met de aanslagen in Parijs en Brussel. Inlichtingendiensten zijn effectiever informatie gaan uitwisselen. Daarbij ligt het ook aan capaciteit: de Amerikanen en de Britten hebben een groot netwerk. Door intensiever met hen samen te werken doe je daar je voordeel mee. Soms is er wel sprake van een soort ruilhandel met informatie tussen de diensten, maar niet bij zaken als veiligheid."
In welke opzichten heeft IS met geloof te maken en in welke opzichten niet?
"Ik ben geen filosoof of psycholoog, ik kijk naar de veiligheid. Maar je kan wel stellen dat het niets met religie of islam te maken heeft. Islam staat voor liefde naar de medemens. De religie wordt als een vehikel gebruikt voor verkeerde interpretaties om al het haatzaaien en geweld te vergoelijken."
Wat gaan de Nederlandse overheid en Europa doen om de veiligheid te waarborgen voor de bevolking?
"De diensten zetten er hard op in. Zo kwam Nederland in 2019 met de Nationale Veiligheidsstrategie. Het komt erop neer dat alle overheidsdiensten betrokken worden bij de preventie van radicalisering. Niet alleen bijvoorbeeld de Belastingdienst, maar er is zelfs het plan om het bedrijfsleven daarbij te betrekken. De vraag is alleen hoe dat in de praktijk vorm krijgt."
Groeit de radicalisering ook door de toestroom aan migranten? Of is dit juist helemaal niet zo en blijft het stabiel of neemt het af door de aanpak vanuit instanties en gelooforganisaties?
"Helaas dat eerste. Al Qaida en Daesh (een andere benaming voor IS - Lasoen weigert ze als staat te erkennen en daarom zo te noemen, red.) laten hun agenten infiltreren in vluchtelingenstromen. Daar kijken ze wie er vatbaar is, zowel in kampen als onderweg tijdens het reizen. In het ergste geval infiltreren ze in onze landen."
"Dan zitten ze tussen duizenden asielzoekers die hier met legitieme redenen zijn. Het is lastig om hier cijfers op te plakken. We weten uit onderzoek in Belgische asielcentra dat het een voedingsbodem biedt voor dit gedachtegoed, onder andere omdat vluchtelingen zich niet geholpen voelen."
Als iemand niet de intentie heeft om ooit iemand kwaad te doen, waarom is radicalisering dan een probleem? Dat is toch anders dan terreur? Er zijn tenslotte ook extreem geradicaliseerde christenen.
"Er geldt nog altijd vrijheid van meningsuiting. Je mag geradicaliseerde ideeën hebben, maar je mag er geen gewelddadige uitingen aan geven."
Source: Nu.nl algemeen