Wéér lukte het Nadine Visser net niet om een medaille te veroveren op de 100 meter horden. De Nederlandse eindigde zaterdag als vierde in de olympische finale en dat deed pijn.
Visser staart een kwartiertje na haar tweede olympische eindstrijd met een lege blik voor zich uit in de kelder van het Stade de France. "Ik heb dit gevoel helaas al vaker gehad na een wedstrijd", verzucht ze.
De 29-jarige Noord-Hollandse is al jaren een vaste waarde in de wereldtop van de 100 meter horden. Ze liep zaterdag al haar zesde grote finale op dat nummer. Ze werd vierde, vijfde en zesde, maar een podiumplaats lukt maar niet.
In Parijs lijkt daar halverwege de finale verandering in te komen. Visser start uitstekend en loopt op de tweede plek, maar in het tweede deel zakt ze net te ver weg. Opnieuw vierde. Opnieuw geen medaille.
"Ik had er écht vertrouwen in dat ik vandaag een plak kon pakken", vertelt Visser, die zeven honderdsten tekortkwam voor het brons. "Ik heb ontzettend toegeleefd naar deze finale. Het was zo mooi geweest als ik een beloning had gekregen."
Als Visser over de finish komt, heeft ze heel even hoop dat ze genoeg heeft gedaan voor een podiumplek. Maar op het grote scorebord ziet ze al snel dat ze niet bij de top drie staat. "Ik reageerde heel rustig, maar natuurlijk was ik echt teleurgesteld", vertelt ze. "Ik droomde van wat anders dan de vierde plek. En opeens is het klaar. Dat moet nog even indalen."
Op basis van haar resultaten deze olympische cyclus is het erg knap dat Visser zaterdag als vierde eindigt. Het lukte de Noord-Hollandse lange tijd maar niet om haar Nederlands record uit 2021 (12,51) te evenaren of te verbeteren.
Dit seizoen werd Visser in mei ook nog flink ziek. Toch raakte ze in de laatste anderhalve maand voor de Spelen steeds beter in vorm. Bij de FBK Games in Hengelo op 7 juli dook ze met 12,46 onder haar persoonlijke toptijd. Een week later lukte haar dat nog twee keer bij een wedstrijd in het Zwitserse La Chaux-de-Fonds (12,42 en 12,36).
"Natuurlijk moet ik tevreden zijn dat ik nu zo goed loop", vertelt Visser. "Ik was jarenlang aan het strijden om bij mijn oude pr van 12,5 in de buurt te komen. En nu is het normaal dat ik snellere tijden neerzet. Eigenlijk is het vervelend dat het zo werkt; dat het alweer normaal voelt."
"Ik weet dat ik heel trots moet zijn op deze vierde plaats. Maar op dit moment is het nog even lastig om het op die manier te bekijken. Nu is het vooral balen."
Source: Nu.nl algemeen