Voetbalminnend Arnhem vierde vrijdag het feest van de opluchting, bij de doorstart van Vitesse in de eerste divisie. Het stadion trilde van opwinding nadat de jonge ploeg een voorsprong nam op Telstar, al ging het duel nipt verloren: 2-3.
Of hij zo’n tegel wil voor de Gelredome, zo’n glimmende steen in de stoep met de naam van grote artiesten? Edwin Reijntjes staat deze vrijdag vlak naast de tegel met Coldplay, de megaband die in 2005 optrad in het stadion. Haha, lacht hij, nee, een eigen tegel voor de puinruimer van Vitesse is te veel eer. Hij, de boomlange crisismanager, koestert de zon, de glorie van geel en zwart en het geluk van de goede afloop.
De algemeen directeur maakt praatjes met supporters, bezoekt de volle fanshop en laat zich gaarne op de schouders slaan. Kijk toch eens. ‘We zijn de tienduizend seizoenkaarten gepasseerd. Ongelooflijk. In de Keuken Kampioen Divisie. Vanavond komen er 17 duizend toeschouwers. Nee, ik had niet verwacht dat Vitesse op deze manier zou leven. Dit geeft een kick.’
Ze stelden hem aan in maart, in een poging Vitesse te redden van de financiële en sportieve ondergang. ‘Als ik alles had geweten, had ik het waarschijnlijk ook gedaan, maar had ik langer nagedacht over een besluit.’ Reijntjes vertrekt in september. Hij somt op wat er allemaal is gebeurd, in samenvatting. Problemen met de huisbankier, met de onthechting van de voormalige Russische eigenaren, met de Amerikaanse aandeelhouder Coley Parry. Een onderzoek naar fraude. De overname door zakenman Guus Franke.
Over de auteur
Willem Vissers is voetbalverslaggever voor de Volkskrant.
Voortdurend overleg met de licentiecommissie van de KNVB, met de gevolgen van degradatie, met het opstellen van de begroting, met het vinden van geldschieters, met crowdfunding. Tijden van hoop en wanhoop, wachten, bidden misschien. Ja, het waren lange werkdagen met uitlopers naar lange nachten, en tenslotte was daar de verlossing, vorige week. Vitesse kreeg een licentie om mee te doen aan de eerste divisie, seizoen 2024-2025. Vrijdag 9 augustus, eerste wedstrijd van het nieuwe leven: Vitesse - Telstar, nadat de eredivisie in mei was besloten met een duel tegen Ajax.
Nog lang niet alle problemen zijn opgelost, maar Vitesse heeft een goedgekeurde begroting en straks, na de vakantie, volgt de beoogde overname van de aandelen door zakenman Guus Franke. Het belangrijkst is: Vitesse leeft nog. Of: Vitesse leeft weer. ‘Het gaat weer beginnen’, zeggen de mensen voor het stadion verlekkerd, gekleed in een grote variatie aan geel-zwarte shirts.
Als Reijntjes handen schudt van deze en gene, arriveert de trainer, oer-Vitessenaar John van den Brom, die terugkeerde in Arnhem en met een piepjonge selectie werkt, met veel jongens uit de stad en de ommelanden. En hé, daar is clubicoon Theo Janssen, hoofdscout, in zijn polo. Vitesse is geen legioen meer van onbekende buitenlanders, maar van (nog) onbekende jongens uit de regio.
Doelman Tom Bramel, 19 jaar, oogst ergens in de tweede helft applaus oogst als hij ver uit zijn doel tegenstander Jayden Turfkruier uitkapt en de aanval opzet waaruit na een hoekschop van aanvoerder Alexander Büttner de gelijkmaker valt, na een kopbal van invaller Marcus Steffen. Dat is een jongen uit Arnhem, die al bijna een leven lang bij Vitesse speelt.
Het volk oefent nog op namen als Giovanni van Zwam, Justin Bakker en Simon van Duivenbooden. Ze zijn enthousiast en voetballen met flair. Velen zijn pas deze week aangetrokken. De supporters blijven ze steunen. Voor de clubshop staat een rij. Telkens mogen een paar mensen naar binnen. Een shirt met accenten uit het verleden is populair, met brede banen, met ruim plek voor het oprichtingsjaar, 1892.
Zo’n shirt draagt Ulbe Rozeboom. Hij komt al sinds 1971 bij Vitesse, toen Charly Bosveld de vedette was en Frans de Munck trainer. Hij en zijn boer Jan, vaste bezoekers ook van de trainingen op Papendal, zijn de vleesgeworden opluchting. Ulbe: ‘Ik heb zeker drie keer gedacht dat het afgelopen was met Vitesse. Het wachten was het ergst, of we de licentie kregen. Ik hield altijd hoop, maar was toch stilletjes aan het nadenken wat ik moest doen als Vitesse zou verdwijnen. Ik houd niet van vissen en ook niet van het verzamelen van postzegels. Ik had het echt niet geweten.’
In het stadion hangt een aura van positivisme, al is er op het eind wat gemor, omdat de voorsprong (2-1) nog verloren gaat. De omroeper zegt dat ze met zijn allen duizenden doden zijn gestorven deze zomer. ‘Kantje Noord’, staat op een spandoek. Het elftal met één routinier, de op 35-jarige leeftijd teruggekeerde Alexander Büttner, doet zijn uiterste best, ook na de 0-1 van Telstar, een kopbal van Danny Bakker uit een hoekschop, na ruim een half uur. Het publiek is vergevingsgezind. En zowaar, Vitesse scoort na de 1-1 nog een keer, door een schuiver van de net aangetrokken Tomislav Gudelj. Het stadion danst zoals het zelden heeft gedanst, maar in de laatste tien minuten volgen nog twee goals van Telstar, weer van Bakker en van Zakaria Eddachouri. Dat is best een domper. Anderzijds: Vitesse leeft nog. Leeft weer.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant