Home

Jarenlang zag Dan Afrifa zijn broer Elvis naar zijn olympische droom toe rennen. Donderdag, op de 4x100 m, is het dan zover

Razendsnel was Elvis Afrifa altijd al. Zijn broer Dan keek toe terwijl Elvis’ renambities steeds serieuzer werden. Hinken en huilen was het, maar met resultaat: donderdag zit Dan op de tribune in Parijs om zijn jongere broer aan te moedigen.

Mijn broer Elvis was als kind dol op buschauffeursimulatiespelletjes en op Dragon Ball Z. In de multiplayermodus van dit vechtspel namen we het dagelijks tegen elkaar op, ik meestal als Goku, de sterkste strijder. Dat klinkt oneerlijk van mij als de oudere broer, maar het was eerder wanhopig. Met de joystick in zijn handen was Elvis onverslaanbaar snel.

Snel was mijn oudste broertje ook toen hij op een dag in onze Bijlmer de oudere kinderen inhaalde die er vandoor waren gegaan met mijn fiets; toen hij na slechts een jaar kleuteren al naar groep 3 mocht; en toen hij jarenlang als rechtsbuiten van SV Diemen iedereen voorbij flitste. Tot Elvis op zijn 17de, op aandringen van een vriend die op atletiek zat, de voetbalvelden verruilde voor de renbaan.

10.90. Bij een van zijn eerste officiële 100 meters in 2015 liep Elvis minder dan een seconde boven Churandy Martina’s Nederlandse record van 9,91. In zijn tweede atletiekjaar behaalde hij zijn eerste medailles: zilver op de 100 en brons op de 200 bij de Nederlandse jeugdkampioenschappen. Als junior bereikte hij bij de senioren de finale op de 100 meter. Bij AV’23 in Amsterdam Oost brak hij zowel individueel als in estafettevorm het ene clubrecord na het andere.

Serieuze dromen

Alleen op zijn studie informatiekunde aan de UvA raakte hij achterop, vooral toen hij in september 2018 introk op het nationale topsportcomplex in Papendal. Zijn dromen werden serieuzer, zijn blessures helaas ook. Eerst scheurde hij zijn rechterhamstring in, maar hij herstelde voorspoedig en behaalde brons op de NK indoor 60 meter. Een paar maanden later, in 2019, scheurde hij een hamstringpees af in zijn linkerbeen. Langzaamaan legde Elvis het af tegen de twijfels in Papendal over zijn fysieke belastbaarheid en of hij snel genoeg de gestelde doelen kon behalen.

Hinken en huilen, op de eenzame mentale banen rende Elvis tegen zichzelf. Maar hij zat niet lang vast in singleplayermodus. In Amsterdam mocht hij revalideren bij de trainingsgroep van Guido Bonsen, de voormalige bondscoach van de Nederlandse paralympiërs. Als valide atleet leerde Elvis hier protheses aandraaien, (lichamelijk) leed relativeren en geduld cultiveren.

Hoewel de coronapandemie de wereld vertraagde, kwam Tokio 2021 te vroeg. In 2022 volgde een versnelling; Elvis scherpte zijn pr op de 100 meter aan naar 10.22. Zijn vorderingen vielen op in Papendal, maar Elvis was al onlosmakelijk gehecht aan Team Para Atletiek. Niettemin haalde hij de selectie voor het 4x100-team voor het WK atletiek in de VS, waar hij als reserve toekeek op zijn eerste grote internationale toernooi.

Een maand later in München, tijdens het EK 2022, stond Elvis wel aan de start van de 4x100 meter estafette. In Nederland zaten ik en vele anderen trots voor de tv, gestoken in een rood shirt met Elvis’ lachende oranje gezicht erop, speciaal gemaakt door AV ’23. In de finale droeg Elvis bij aan een geweldige tijd van 38.25, wat helaas slechts genoeg was voor de eerste plaats naast het podium.

Maar de Olympische droom was nu een doel. De weg naar Parijs 2024 liep in voorjaar 2023 via de indoor 60 meterbanen. Gedrenkt in het winnaarszweet schitterde Elvis als een gepolijste diamant. Misschien was hij zelfs té glad, want in de finale NK indoor 60 meter struikelde en viel hij na een valse start.

De volgende val leidde tot een drastischere diskwalificatie; zijn eerste buitenwedstrijd werd de laatste van het seizoen. Een paar dagen later reed ik hem naar zijn eerste revalidatieafspraak. Hij zat ongemakkelijk naast me, om de stoel niet te besmeuren met het gele wondvocht dat uit zijn schouder en rug kwam. Bij de fysio begon hij weer op nul, al is nul een te hoog getal om aan te geven hoe diep het geloof in dé droom gezonken was, nu in het rechterbeen de hamstring van het bot was afgescheurd.

Dromen van Parijs

Het buitenseizoen werd een festivalzomer, van de renbanen terug naar het gras. Relatief gezien is het zo slecht nog niet als de grootste terugval in je leven betekent dat je de tijd hebt om je programmeervakken te halen. Maar Elvis droomde van Parijs, niet van Lowlands of een loopbaan in de datawetenschappen. Die zomer kwam wel een andere lang gekoesterde droom tot vervulling: op proef bij het GVB in Amsterdam nam hij als buschauffeur het echte grote stuur in handen.

Hoewel Goku de sterkste strijder is in Dragon Ball Z, wordt hij in de gelijknamige Japanse animatieserie het vaakst neergeslagen door schijnbaar onverslaanbare tegenstanders. Maar Goku is ook het populairste personage, omdat hij altijd optimistisch opveert. Zijn legendarische glimlach staat vaak afgedrukt op de fan-shirtjes van Dragon Ball Z.

In april 2024 was Elvis voldoende hersteld om mee te mogen naar Willemstad, waar de Nederlandse ploegen zich voorbereidden op de wereldkampioenschappen estafette, later op de Bahama’s. Hij liep niet mee in het A-team dat tijdens het Curaçao Fest 38,30 klokte. En hij was alweer in Nederland toen de uiteindelijke selectie op de Bahama’s niet bij de beste veertien ploegen eindigde, en zich niet direct wist te kwalificeren voor de Olympische Spelen.

Zoals twee jaar eerder startte Elvis daarna wel op het EK Atletiek, ditmaal in Rome. Groot en gespierd leek hij wel míjn oudere broer. Maar aan de start van de halve finale 4x100 maakte ik me vooral zorgen om mijn kleine broertje. Eerst was het hopen op geen valse start. Check. Daarna niet geblesseerd uitvallen. Check. Daarna goed het stokje doorgeven. Check. Na de finale de volgende dag zette ik ook een vinkje bij ‘Een zilveren medaille op een EK’. CHECK!

Rappe ontwikkelingen

Het stokje doorgeven bleek toch niet zo goed te zijn gegaan. Nederland dook niet onder haar eigen 38,30 uit Curaçao en stond op een onzekere gelijke hoogte met Trinidad en Tobago op de zestiende plek op de wereldranglijst tijden, de laatste plek die toegang gaf tot de Olympische estafettewedstrijden. In de weken daarna volgden de ontwikkelingen elkaar zo rap op dat het alleen opsommend invoelbaar is:

22 juni: 4x100 Team NL verbetert bij Atleticageneve in Genève haar tijd niet. Spelen lijken uit zicht. 24 juni: 4x100 mannen van Botswana rennen 38,19 bij Afrikaanse Kampioenschappen. Spelen zíjn uitzicht. 28 juni: Elvis kroont zich op het NK voor het eerst tot Nederlands kampioen op de 100 meter, met een nieuw PR van 10.18 seconden. 1 juli: Botswana staat niet op de voorlopige lijst van gekwalificeerde landen, vanwege onregelmatigheden bij de totstandkoming van hun 38,19. 5 juli: Bij de officiële benadering op duizendsten blijkt de 38.30 van Nederland toch sneller dan de 38.30 van Trinidad & Tobago. 9 juli: Officiële bekendmaking van de Nederlandse Olympische equipe.

Ik volgde de updates vanuit mijn schrijfresidentie in Parijs, waar ik toegelaten was met een verhaal over de Parijs-ambities van mijn veerkrachtige broertje. Toen ik terug was in Amsterdam liep ik de Olympische Afrifa helaas mis. Ik zag hem ook niet op tv tijdens de openingsceremonie; de sprinters ontbraken omdat ze pas laat in actie zouden komen op de Spelen.

Ons wederzien staat nu gepland op donderdag 8 augustus, om 11:35 in het Stade de France. Dan rent Team NL de halve finale van de 4x100 en zit ik in een rood shirt op de tribune, met gesloten ogen en armen in de lucht. Mijn energie naar Elvis zendend, zoals Goku in Dragon Ball Z de energie van zijn dierbaren krijgt voor de Spirit Bomb, zijn sterkste aanval. Ik moet er dan wel voor zorgen mijn ogen op tijd open te hebben, anders is mijn broertje alweer weggesneld.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next