De olympische geschiedenis barst van de bijzondere verhalen. Elke dag vertellen we er eentje. Vandaag: opmerkelijke valsspelers bij de moderne vijfkamp op de Olympische Spelen.
Pierre de Coubertin is de geestelijk vader van de moderne Olympische Spelen. Dankzij de Fransman werd in 1896 de eerste editie van dit evenement georganiseerd. Op zijn aandringen werden in 1912 kunstwedstrijden toegevoegd aan het olympische programma. De Coubertin veroverde vervolgens zelf goud in het onderdeel literatuur.
Vaak wordt de uitspraak 'Meedoen is belangrijker dan winnen' aan De Coubertin toegeschreven, maar dat is een iets te vrije vertaling van zijn woorden. Wél komt de moderne vijfkamp uit zijn koker. Deze combinatie van paardrijden, schermen, schieten, zwemmen en hardlopen is tot op de dag van vandaag een olympische sport.
Bij de Spelen van 1960 in Rome deden Lakdar Bouzid, Habib Ben Azzabi en Ahmed Ennachi namens Tunesië mee aan de landenwedstrijd van de moderne vijfkamp. De verwachtingen waren niet bepaald hooggespannen. Dat werd onderstreept toen de Noord-Afrikanen bij het eerste onderdeel alle drie van hun paard vielen.
Het ging van kwaad tot erger. Eén Tunesiër moest door een badmeester worden gered bij het zwemmen, een ander raakte bijna een jurylid bij het schieten. Het onderdeel schermen spande de kroon: daar lieten de Tunesiërs hun beste deelnemer stiekem namens de andere twee in actie komen.
Waar dit staaltje valsspelen nog iets knulligs had, was dat een ander verhaal bij het vernuft van Boris Onishchenko op de Spelen van Montreal in 1976. De Rus dacht de olympische vijfkamptitel te prolongeren door te rommelen met de apparatuur bij het schermen. Hierdoor noteerde zijn degen punten zonder dat hij de tegenstander raakte.
Het bedrog kwam aan het licht en de Sovjet-Unie werd gediskwalificeerd. 'Boris the Cheat' kreeg een levenslange schorsing en werd in eigen land ontdaan van zijn prijzen. Inmiddels is Onishchenko 86 jaar oud, maar hij weigert nog altijd over het voorval te praten.
Source: Nu.nl algemeen