De olympische finale is bereikt, maar voor de Nederlandse hockeysters had de halve eindstrijd tegen Argentinië (3-0) ook een belangrijk minpunt door de aftocht van de geblesseerde Joosje Burg.
De winst op Argentinië is binnen, de olympische hockeyfinale is bereikt en toch rent Frédérique Matla woensdagmiddag aangeslagen de hoek om, terug het Yves Du Manoir-stadion in. Achter haar een ambulance, daarin Joosje Burg, haar ploeggenoot en goede vriendin. Burg was bezig aan een succesvol toernooi, tot ze hard een hockeybal in haar gezicht kreeg en bebloed het veld moest verlaten.
Met 3-0 won Nederland woensdagmiddag met overmacht de halve finale van Argentinië. Precies volgens plan, op één grote smet na. In het eerste kwart, met nog twee minuten op de klok, ging Burg, spits bij het nationaal team, bloedend tegen de grond. Ze had een bal hard boven haar neus gekregen, tussen haar wenkbrauwen. Plots viel het overwegend oranje gekleurde stadion stil. De scheidsrechter maande vervolgens direct medici langs de kant om erbij te komen.
Over de auteur
Lisette van der Geest is sportverslaggever voor de Volkskrant en schrijft over olympische sporten als schaatsen, zwemmen en tennis.
‘Dit gun je haar niet’, zegt Matla. Na de wedstrijd bracht Matla nog even een bezoek aan Burg, voordat de ambulance haar weg zou brengen voor verdere onderzoeken. Matla: ‘Ik weet hoe graag ze hier wil staan. Ze wil zo graag naar de finale.’
Een bal hard in het gezicht krijgen is een zeldzaamheid voor een hockeyer. ‘Het is toeval, of gewoon pech’, stelt bondscoach Paul van Ass. Wel is het een risico waar Luna Fokke, goed voor de eerste goal tegen Argentinië, zich altijd van bewust is. Haar gebeurde het nooit, vertelt ze, voordat ze lachend met haar vuist tegen het ijzeren dranghek tikt. ‘Gelukkig niet. Ik klop ’m even af.’
Maar elke hockeyer kreeg weleens een bal tegen het lichaam. Fokke: ‘Dat gaat heel hard, dat doet echt heel veel pijn.’ Bondscoach Van Ass: ‘Een hockeybal is hard, hoor.’ Een strafcorner gaat 120 kilometer per uur. Dit was geen strafcorner, zo hard ging het niet, maar het was wel een harde bal waar vaart in zat.
Keepers hebben bescherming, onder andere voor hun gezicht. Bij een strafcorner dragen veel verdedigers ook een masker, dat ze vervolgens weer achter de goal gooien zodra de bal uit het gebied van het eigen doel is.
Dat Burg vervolgens toch terugkeerde op het veld om in het derde kwart mee te spelen, zegt dat ze ‘een bikkel’ is, stelt Fokke. ‘Ze duikt overal voor en dat ze het nog probeert, is hartstikke sterk. We hebben haar nodig in de finale. Ik weet niet of ze daardoor niet meer terugkeerde, maar dat is wat ik nu denk: we hebben haar nodig.’
Of dat lukt is zeer de vraag. Hoe groot de schade is, wist Van Ass na afloop van de wedstrijd niet. ‘Ik weet niet of het gebroken is, maar ze krijgt een scan, we zijn ermee bezig om dat te regelen buiten het olympisch dorp. En daarna gaan we kijken wat de mogelijkheden zijn.’
De medische begeleiding van de hockeybond had voor het derde kwart gezegd: ‘Probeer het maar eventjes, om te kijken hoe het is.’ Maar bij het vierde kwart ontbrak Burg alsnog. Van Ass: ‘Ze kreeg geen lucht, door die tampon natuurlijk’, zegt de bondscoach, doelend op het verband in de neus van Burg tegen het bloeden.
‘En het voelde niet super. Kappen met die handel, je moet geen hoofdpijn krijgen en dat soort dingen. Ik ben geen arts, maar zeker met problemen met hoofden moet je altijd voorzichtig zijn.’ Overwegen om haar sowieso niet terug te laten komen in het veld, deed hij niet. ‘Als twee artsen zeggen: probeer het maar, ben ik niet de coach die zegt: ik wil het anders doen.’
Toen na Fokke ook Laura Nunnink en Jibbe Jansen gescoord hadden en de stand op 3-0 stond en het team zeker leek van een plaats in de finale, besloot Van Ass zijn team anders in te richten. Iedereen werd op ‘gekke plekken’ ingezet, om zo de last te verdelen en zo fris mogelijk te zijn voor de finale van vrijdagavond. Matla verhuisde bijvoorbeeld naar midden-midden, waar ze normaal meer in de aanval speelt. Middenvelders speelden in de achterhoede, anderen in de voorhoede. ‘Een hele mix. Iedereen gelijk verdelen en daarmee de belasting ook.’
Het is een luxe van het team dat vrijdag ook als favoriet de finale ingaat. Het is de zesde keer dat Nederland de olympische finale haalt.
De bondscoach hamert er vaker op, Nederland is een hockeyland en gezien de historie wordt winst verwacht. Maar dit is een andere situatie dan voor bijvoorbeeld Simone Biles, stelt hij. De Amerikaanse turnster ging in Parijs op voor haar derde Spelen. ‘Maar wij hebben een team van negen debutanten, dat is zo’n beetje 65 procent van het team. Die wel de erfenis van het verleden hebben. Dus was het bibberen en wennen aan het begin, maar daar zijn we inmiddels doorheen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant