Home

In de 17de-eeuwse tuinen van Versailles paste het heden naadloos in het verleden


In de tuinen van Versailles zat ik naar een aflevering van de Sims te kijken, dat computerspel waarin de speler een virtuele wereld met virtuele personages bouwt. Tussen het onberispelijk groene gras strekte zich een kaarsrechte vijver uit. In de verte schitterde de suggestie van een majestueus paleis.

Recht voor me een zandbak, waarin mannetjes in blauw-groen tenue met roze hoedjes af en aan renden, ieder een plukje groen in de hand. De plukjes samen vormden bosjes. Er waren minuscule vijvers gebouwd, als een oase in het aangeharkte zand. Op houten tonnen hadden de mannetjes een reeks balken gestapeld.

De paardensport is een markante wereld, dacht ik. Een keurig gepolijst decor, met dito publiek: lange vlechten, linnen overhemden, strooien hoeden. Alsof het geheel in scène was gezet, inclusief de toeschouwers – een knap staaltje dressuur van de werkelijkheid.

In de zeventiende-eeuwse tuinen van Versailles, waar lang geleden de Franse zonnekoning Lodewijk XIV zijn macht en prestige etaleerde, paste het heden naadloos in het verleden.

Sport is niets zonder verhalen, schreef Jarl van der Ploeg afgelopen week in deze krant. ‘Metaforen voor een leven waarin je vaak struikelt, maar net zo groots en meeslepend weer op kunt staan.’

Het universum van ruiters en paarden blijkt er vol van te zitten, leerde ik als volstrekte leek in Versailles. De paleistuinen zijn bovendien een waanzinnig decor voor zulke verhalen, al toont het leven zich daarin zoals altijd allerminst gepolijst.

De Franse ruiter Thaïs Meheust was 22 jaar toen ze bij een crosscountry met haar paard Chaman Dumontceau over een obstakel struikelde, viel, en daarbij haar paard boven op zich kreeg. Meheust, die als de hoop van de Franse paardensport werd gezien, overleed ter plekke.

Dat dramatische ongeval gebeurde vijf jaar geleden. Haar moeder is sindsdien nooit meer naar competities in de paardensport gegaan. Tot afgelopen week, bij de landencompetitie eventing – een combinatie van dressuur, springen en crosscountry (dat laatste is een hindernissenparcours over uitgestrekt terrein). In Versailles kwam ze haar steun betuigen aan Stéphane Landois, een van de ruiters van het Franse team.

Landois was een vriend en de coach van Thaïs Meheust. Na haar overlijden vertrouwde de familie het paard waarmee ze was verongelukt aan hem toe, in de hoop dat hij haar droom zou najagen: zich met Chaman Dumontceau kwalificeren voor de Olympische Spelen en daar een medaille in de wacht slepen.

In de paardensport kent men elkaar en dus ook het trieste lot van Meheust. Onder het gejuich van toeschouwers die de naam van Thais scandeerden begon Landois afgelopen week aan het laatste onderdeel, springen. Het stukje Sims-decor, zeg maar, met een strak aangelegd parcours van hindernissen die ruiter en paard foutloos moeten zien af te leggen.

Met Ride for Thaïs Chaman Dumontceau, zoals het paard intussen is gedoopt, reed Landois naar zilveren medaille. ‘De grond daverde onder onze voeten door het applaus’, zou een Belgische ruiter naderhand zeggen.

Landois en vader en moeder Meheust vielen elkaar na afloop in de armen. Thaïs’ ouders moeten het paard haten en tegelijkertijd beseffen hoeveel zij van hem hield, zei Landois tegen de Franse pers. ‘Hem zonder hun dochter verder zien gaan is moeilijk, maar ze weten dat dit is wat Thaïs heeft gewild.’ Een majestueus eerbetoon.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next