De zenuwen in het hart praten met hun collega’s in het brein, via een snelweg die boodschappen in milliseconden heen en weer stuurt.
Er loopt een informatiesnelweg tussen hoofd en hart, met verkeer dat twee kanten op rijdt. Het hart is geen machine die domweg honderdduizend keer per etmaal bloed rondpompt. Nee, het hart heeft zijn eigen zenuwstelsel, reageert op emoties en staat in nauw contact met de bovenkamer over het wel en wee.
Het is een fascinerend verschijnsel: na heftig nieuws over bijvoorbeeld de dood van een geliefde kan het hart, dat de vorm heeft van een stevige vuist, plotseling de gedaante aannemen van een Japanse viskruik. De linkerhartkamer puilt aan de onderkant uit terwijl de bovenkant smal blijft.
Dat gebrokenhartsyndroom is een fascinerende illustratie van de verbindingsweg tussen brein en hart. Bij acute stress stuurt de amygdala, het emotiecentrum in de hersenen, alarmsignalen het lichaam in; er worden extra, nuttige hormonen aangemaakt die via het bloed het hart bereiken en daar een seintje geven dat de pomp harder moet worden gezet. Is die paraatheid niet meer nodig, dan koelt het hart weer snel af.
Er zijn mensen bij wie dat emotionele controlecentrum faalt. Bij hen komt er na een heftige gebeurtenis een stortvloed aan stresshormonen vrij, die het hart als het ware verdoven. De hartspier verzwakt, waarna er onderaan een soort ballon ontstaat en de knijpkracht afneemt.
In de rubriek Lichaamsgeheimen vragen we artsen en wetenschappers naar de laatste inzichten over het menselijk lichaam.
Er is een tweede, directe route tussen brein en hart, een parcours waarop duizelingwekkende snelheden worden bereikt. Het hart heeft zijn eigen minibrein van zo’n 40 duizend neuronen. Het is een fractie van het aantal zenuwcellen dat in de hersenen zit, maar met die zenuwcellen kunnen de hartcellen signalen ontvangen en versturen, boodschappen die in enkele honderden milliseconden heen en weer worden gestuurd.
De hersenen sturen via die snelweg elke hartslag aan, waarbij hartritme en knijpkracht worden aangepast aan de behoefte van het lichaam. Omgekeerd praten de neuronen in het hart met de collega’s in de hersenen, via een zenuw die bekendstaat als ‘de grote luisteraar’. Die nervus vagus begint in de hersenstam en kronkelt door het hele lichaam, waar het in alle organen informatie ophaalt. Over temperatuur, bloeddruk, pijn, ontstekingen. De controlekamer in ons hoofd wil voortdurend weten hoe het daaronder gaat en de antwoorden komen binnen via de nervus vagus.
Het hoofd is als de grote baas die het hart controleert en aanstuurt, maar het hart kan ook het hoofd beïnvloeden. Een hart in slechte doen benadeelt ons denkvermogen. Hoe goed ons geheugen werkt, wordt bijvoorbeeld bepaald door de hoeveelheid bloed die naar de hersenen stroomt en dus door de kracht van de hartslagen.
Er zijn zelfs aanwijzingen dat het hart angstaanjagende signalen naar het brein kan sturen en dat een hoge hartslag angstgevoelens kan aanwakkeren. Hoewel daar ook nog discussie over bestaat: als de communicatie twee kanten op kan, wat was er dan eerst? Veroorzaakt angst een hogere hartslag of is angst daar juist het gevolg van?
Over de auteur
Ellen de Visser is wetenschapsredacteur van de Volkskrant en schrijft over medische ontwikkelingen en nieuwe geneesmiddelen.
Niet alleen intens verdriet kan het hart vervormen en beschadigen, ook hevig geluk blijkt, heel soms, ernstige fysieke gevolgen te hebben. Een romantische date, een familiereünie of het winnen van de jackpot kan voor sommige mensen zo ingrijpend zijn dat ook dan een lawine aan stresshormonen het hart beroert. Waarna dat, net als bij het gebrokenhartsyndroom, tot een kruik uitzakt. Eenmaal tot rust gekomen, neemt de hartspier zijn oorspronkelijke vorm weer aan. Toch kunnen de gevolgen noodlottig zijn, zelfs bij een hart dat door geluk wordt gebroken. Heel soms is liefde dodelijk.
Het hart is ontvankelijk voor onze emoties; of het zelf iets voelt, daarover zijn neurowetenschappers het nog niet eens. Maar als er een onderbuikgevoel bestaat, dan hartzeer misschien ook?
Met dank aan: Raymond van Ee, hoogleraar neurowetenschappen Radboud Universiteit Nijmegen. Petra Kuijpers, cardioloog. Bron: Sandeep Jauhar: Het hart.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant