Van de week moesten Jan Roos en Dennis Schouten, twee zelfverklaarde empathielozen die in hun juicekanaal Roddelpraat (281 duizend volgers op YouTube) een soort werkverschaffing hebben gevonden, weer eens voor de rechter komen – voor hen een gewone dinsdag. Dit keer omdat ze op hun kanaal onvermoeibaar de onbekende buurman van Schouten bleven belasteren, die Schouten ooit heeft aangesproken op verfresten in de gang. Ze noemden hem onder meer een oppernazi, viezerik, pedo en ‘een ongelooflijke pygmee met een micropenis’. Was het nou allemaal een grap, of niet? Roos wist niet welke verdedigingslinie hij zou kiezen. ‘Wat wij doen is een satirisch programma maken’, zei hij in de rechtbank. Iets later zei hij juist dat ze ‘gezien werden als journalisten’. In beide gevallen, vond hij, waren de grenzen ruim.
Over de auteur
Emma Curvers is verslaggever en columnist van de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Tsja. Is Roddelpraat, waar iederéén wordt vergeleken met Hitler en de waarheid een slap verhaal nooit in de weg staat, satire of journalistiek? In een zaak (tegen ex-roddelaarster Yvonne Coldeweijer) bepaalde een rechter wonderlijkerwijs dat juicekanalen tot de journalistiek behoren, Jan Roos zelf zei eerder tegen het JOVD-clubblad, op de vraag of hij journalistiek bedrijft: ‘Nee, natuurlijk niet. Heb je het weleens gekeken?’ De rechter vond dinsdag, en nu parafraseer ik Vrouwe Justitia eventjes, dat het in dit geval geen reet uitmaakt, en gaf het stel 2.000 euro boete. Met verslaggeving over een anonieme vent uit Enschede is links of rechtsom geen publiek belang gediend (en grappig was het ook al niet, vond de officier van justitie).
Er is iets opvallends gebeurd in juiceland: de tot voor kort bloeiende juicescene is zijn schreeuwerigste uitlopers alweer een beetje kwijt. Het lijkt toch lastig een goed verdienmodel te verzinnen voor juice: wat kleinere, anonieme accounts scharrelen de advertenties voor hun Instastories bijeen bij Patricks Tapijtpaleis en richten zich (smaadzaken indachtig) op tammer nieuws dan in de begindagen. De grootste en vaakst voor het gerecht gedaagde roddeltante van Nederland, Yvonne Coldeweijer, sloot de juicekraan in juli af, niet lang nadat ze het smeuïgste achter een betaalmuur had gegooid. Alle juice was al gedeeld, zei ze, ze richt zich nu op haar webshop Meid in the City. Er is er maar één die nog zat donateurs heeft om de rechtszaken die uit het vak voortvloeien te betalen, en dat is Roddelpraat.
Dat is niet toevallig. Dat komt omdat zij (ook volgens henzelf) niet geïnteresseerd zijn in juice: zij en hun volgers delen vooral een populistische rancune jegens de elite – waarvan BN’ers deel uitmaken. Roddelpraat is hét stamcafé voor verongelijkt Nederland: om te beginnen is het buiten de gevestigde media opgebouwd door twee ‘gecancelden’. Er wordt steen en been geklaagd over de linkse grachtengordelmedia en klimaatwaanzin, en voortdurend twijfel gezaaid over de rechtspraak. Alle gein in Roddelpraat drijft op een radicaal-rechtse onderstroom. Jan Roos, die ooit zelf een mislukte politieke partij oprichtte, erkende in datzelfde JOVD-interview die dubbele laag: ‘Wij hebben het vaak over woke, puur fascisme. We hebben het over de idioterie die plaatsvindt in de media, de hypocrisie.’ Voor de verkiezingen gaven ze ook stemadvies: PVV.
Volgens een bekende internetwet is het op internet onmogelijk onderscheid te maken tussen oprechtheid en satire, of tussen extremisme en een karikatuur. Dat is de vaagheid waar Roddelpraat gretig van gebruikmaakt. Die ongrijpbaarheid is een restant uit de tijd van internetfora als 4Chan, waar shitposters racisme, nihilisme en seksisme altijd verpakten in grappen. Roddelpraat kruist dat op Frankensteinachtige wijze met de vlog en Hollandse juice.
Roddelpraat is geen satire en ook geen journalistiek, maar gebruikt beide als dekmantel. Met de ene mythe is afgerekend. Nu die andere nog.
Na de uitspraak zei Dennis Schouten tegen youtuber Leftlaser: ‘Als nou iedereen die zich door ons beledigd voelt aangifte gaat doen, dan zitten wij hier alle weken. En dan houden dat soort programma’s als wij maken gewoon op.’ Het leek bedoeld als dreigement − ik hoorde vooral een oplossing.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant