Een bonte coalitie van maatschappelijke organisaties dringt bij het nieuwe kabinet aan op een ‘voortvarende aanpak’ van de ernstig tekortschietende waterkwaliteit. Ook de Europese Commissie en milieuorganisatie MOB manen Nederland tot maatregelen. ‘Het wordt juridisch prijsschieten.’
In de Maatschappelijke Watercoalitie trekken onder andere Natuurmonumenten en Natuur & Milieu samen op met Bouwend Nederland, drinkwaterbedrijven en de ANWB – niet meteen natuurlijke bondgenoten. ‘Deze samenwerking toont aan dat voldoende en schoon water een gedeeld belang is. Het gaat om de natuur en onze welvaart’, zegt Tom Kunzler, namens Natuurmonumenten initiatiefnemer van de coalitie.
Het Nederlandse oppervlaktewater voldoet haast nergens aan de normen waar volgens de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) in 2027 aan moet worden voldaan. Vorig jaar stelde de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur (RLI) al onomwonden vast dat met het huidige beleid de KRW in 2027 ‘redelijkerwijs niet meer kunnen worden gehaald’. Ook na 2027 zijn de doelen waarschijnlijk niet realiseerbaar ‘zonder aangescherpte beleidsaanpak’.
Over de auteur
Jurre van den Berg is regioverslaggever van de Volkskrant in Noord-Nederland.
In een manifest roepen de organisaties het kabinet op snel tien maatregelen te nemen. Denk aan minder lozingen in het water en riool, minder uit- en afspoeling van mest en pesticiden, en het toestaan van ‘retourbemaling’ (het terug in de bodem brengen van bij bouwactiviteiten opgepompt grondwater). Ook moet er een ‘kapitein’ komen, een soort deltacommissaris met doorzettingsmacht.
‘Op het gebied van stikstof werkten we al samen met Natuurmonumenten. Een oproep is het sterkst als die uit een brede maatschappelijke geleding komt’, zegt Martijn Verwoerd, beleidsadviseur publiekrecht bij Bouwend Nederland. ‘Er is nog best veel te redden, maar oeverloos praten is niet de oplossing. We moeten nu aan de slag.’
Met die boodschap kwam ook Brussel vorige week. De Europese Commissie begon een juridische procedure vanwege gebrekkige naleving van de KRW. De vergunningen voor het onttrekken en lozen van (vervuild) water zijn in Nederland voor onbepaalde tijd, maar moeten volgens de Commissie periodiek worden herzien.
Het gevoel van urgentie groeit ook in Den Haag, ziet Kunzler van Natuurmonumenten. Maar het transitiefonds van 24 miljard euro voor het landelijk gebied werd recentelijk juist geschrapt. ‘Terwijl dat ook bedoeld was voor het verbeteren van de waterkwaliteit.’ Kunzler wijst bovendien op de bestuurlijke wanordelijkheid rond water: een centraal overzicht van vergunningen ontbreekt.
Zowel Natuurmonumenten als Bouwend Nederland liet adviesbureau Witteveen + Bos de juridische consequenties inventariseren van het niet voldoen aan de KRW. Stappen zoals de Europese Commissie nu neemt werden voorzien, maar duren in de regel vrij lang.
Meer te duchten valt er van binnenlandse juridische procedures. Nu al geldt een ‘verslechteringsverbod’: waterkwaliteit mag niet verder achteruitgaan. Belanghebbenden kunnen zodoende nu al vergunningen (voor bijvoorbeeld grondwateronttrekkingen of lozingen) aanvechten.
Volgens Martijn Verwoerd van Bouwend Nederland kan vergunningverlening voor bouwprojecten ‘veel ingewikkelder worden, en in het slechtste geval onmogelijk’. Volgens hem zien waterschappen al strikter toe op waterkwaliteit. ‘En het is een publiek geheim dat daarover geprocedeerd gaat worden.’
Mobilisation for the Environment (MOB) slijpt de messen. De organisatie van Johan Vollenbroek, de drijvende kracht achter de Raad van State-procedure die in 2019 de stikstofcrisis inluidde, heeft inmiddels een team van vijf medewerkers dat zich bezighoudt met de KRW.
Deze week heeft MOB het nieuwe kabinet verzocht de drinkwaternorm pfas aan te scherpen en op zo kort mogelijke termijn pfas te verbieden in bestrijdingsmiddelen en kunstmest. Mede met een beroep op de KRW.
‘Een nieuw ‘stikstofslot’ lijkt in het verschiet te liggen’, schreef de organisatie in mei in een brandbrief. Het zogeheten ‘impulsprogramma’ van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat is volgens de milieuorganisatie ‘bijzonder vaag’ en ‘met veelal onvoldoende uitgewerkte ideeën en vrijwillige maatregelen’.
Marleen van Rijswick, hoogleraar Europees en nationaal waterrecht aan de Universiteit Utrecht vindt ook dat veel maatregelen nog rekenen op vrijwilligheid. Zij ziet in de Brusselse aanmaning ‘een duidelijk signaal’. ‘Het vervelende is dat iedereen pas alert wordt als procedures dreigen. Wezenlijker is dat we zo’n cruciale bron onvoldoende beschermen. Dit is een zaak van politieke wil.’
Toch verwacht Van Rijswick niet dat de waterkwaliteit de vergunningverlening volledig lam gaat leggen, zoals met het stikstofarrest gebeurde. ‘Maar de waterkwaliteit is bijna nergens voldoende, dus het wordt juridisch prijsschieten. De tijd van geitenpaadjes is voorbij. ’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant