Home

Roeien

De roeiers van de Nederlandse dubbelvier zijn al jaren onverslaanbaar, wie er ook in de boot zit. Het vlaggenschip prolongeerde woensdag in Parijs zijn olympische titel, ook al was de helft van het team anders dan in 2021 in Tokio.

Koen Metsemakers en Tone Wieten zoeken elkaar meteen op als ze na de olympische finale uit de boot stappen. Op het ponton naast de roeibaan van het Stade Nautique de Vaires-sur-Marne volgt een omhelzing die zeker tien seconden duurt.

"Koen en ik roeien al vanaf 2019 samen", vertelt Wieten een uurtje later, met de gouden medaille om zijn nek. "We steunen elkaar echt door dik en dun. Dus dit was een mooi moment van ontlading."

De dertigjarige Wieten en de twee jaar oudere Metsemakers zijn de 'harde kern' van de dubbelvier. Ruim vijf jaar geleden begonnen ze samen met Abe Wiersma en Dirk Uittenbogaard en onder leiding van coach Eelco Meenhorst aan een project dat inmiddels een van de succesvolste uit de Nederlandse roeigeschiedenis genoemd mag worden.

"Die jongens hebben uitgevonden hoe succes maakbaar kan worden", vertelde Meenhorst voor de Spelen in gesprek met NU.nl. "Het was echt uniek, de bijzonderste ervaring in mijn coachcarrière. We hebben met elkaar echt iets nieuws ontdekt."

Die nieuwe weg bleek zeer succesvol. De dubbelvier werd in 2019 meteen wereldkampioen en was twee jaar later in Tokio de enige Nederlandse roeiboot met olympisch goud. De roeibond promoveerde Meenhorst naar de functie van hoofdcoach, zodat hij zijn methodes kon toepassen op de volledige Nederlandse ploeg.

Het was niet de enige verandering na de Spelen in Japan. Uittenbogaard besloot te stoppen met toproeien, terwijl Wiersma - tot zijn grote ontevredenheid - niet meer geselecteerd werd voor de dubbelvier. Het duo werd vervangen door Finn Florijn (24) en Lennart van Lierop (30).

"Eigenlijk hebben we het beste van twee werelden", zegt Metsemakers. "Tone en ik zorgen voor vastigheid en vertrouwen, want wij waren al heel goed op elkaar ingespeeld. En daar komen twee nieuwe gasten bij die fantastisch werk doen."

Volgens Metsemakers zorgden Florijn en Van Lierop voor "frisse energie". "We konden het hele project nog een keer vanaf nul opbouwen. Dat is een fantastisch proces geweest. Zeker als je het weer met een olympische titel kan afsluiten. Echt een heerlijk gevoel."

Natuurlijk was het aan het begin even wennen voor de nieuwe dubbelvier. Andere mensen betekent ook een andere dynamiek. "Ik ben er deze olympische cyclus heel bewust mee bezig geweest om kritisch te blijven op elkaar, maar wel met een positieve noot", vertelt Wieten. "Dus ook goede dingen benoemen en niet op de man af zeggen: dit doe je niet goed."

Van Lierop, die in Parijs zijn olympische debuut maakte, voelde vanaf het begin dat er een sterke basis lag bij de dubbelvier. "Het gaf heel veel vertrouwen dat Koen en Tone al wisten hoe ze goud kunnen pakken. Tuurlijk, soms schuurde het even. Maar we zijn altijd positief kritisch naar elkaar geweest. En dat werkt heel goed."

Metsemakers knikt als hij die woorden hoort. "De boot van Tokio werd ook weleens rupsje-nooit-genoeg genoemd", zegt hij, terwijl hij naar zijn gouden medaille kijkt. "En een klein beetje rupsje-nooit-genoeg zit er nog wel in. Dat is ook nodig, je moet altijd blijven pushen. Want dit, goud winnen op de Spelen, blijft een magisch moment."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next