Parijs staat deze weken volledig in het teken van de Olympische Spelen. De ene Parijzenaar vindt het geweldig, de ander ontvlucht de drukte liever. NU.nl sprak met drie Nederlandse lezers die in Parijs wonen.
Waar veel kennissen van de 25-jarige Amber Dewi de stad hebben verlaten, is zij juist speciaal voor de Olympische Spelen gebleven. Ze woont nu vier jaar in Parijs en is tijdens haar studie "verliefd" geworden op de stad en de Franse cultuur. "Hoe bijzonder is het om dan ook nog eens de Olympische Spelen mee te maken?", zegt Dewi tegen NU.nl.
De stad is niet drukker dan normaal rond deze tijd van het jaar, vindt ze. Dat komt volgens haar doordat veel Parijzenaars de stad zijn ontvlucht. "Als de inwoners van de stad thuis waren gebleven, was het waarschijnlijk een stuk chaotischer", zegt ze.
Wel valt het Dewi op dat de olympische toeristen een andere sfeer met zich meebrengen dan de 'gewone' vakantiegangers. Zo dragen mensen kleding in de kleuren van hun land en zijn ze duidelijk enthousiast. "Ook hoor ik vreemden in restaurants met elkaar praten over welke wedstrijden ze nog gaan bijwonen. Het is een gezellige en saamhorige groep mensen."
Ook de 38-jarige Martijn van de Kerkhof merkt dat de dynamiek in de stad anders is. Hij woont sinds een half jaar in Parijs en beaamt dat veel Parijzenaars de stad uit zijn. "Er is weinig 'normaal' verkeer", zegt hij. "Het is rustig bij de lokale bakkers en winkels en je hoort bijna geen Frans meer op straat."
Verder is het volgens Van de Kerkhof druk in het openbaar vervoer en bij de stations. Daar lijkt de stad goed gebruik van te maken door de prijzen van metrokaartjes op te schroeven. "Van ongeveer 1,80 euro naar bijna 4 euro", zegt hij. Ook hebben sommige cafés in het centrum van de stad hun prijzen omhooggegooid, weet Dewi.
Daarnaast valt het zowel Dewi als Van de Kerkhof op dat er veel agenten en militairen op straat zijn. Maar het zit de Nederlandse Parijzenaars weinig dwars. "Ik heb me hier altijd veilig gevoeld", zegt Dewi.
Van de Kerkhof vindt het jammer om te zien dat alle veiligheidsmaatregelen nodig zijn. "Maar het geeft ook een geruststellend gevoel dat er alles aan wordt gedaan om de veiligheid te waarborgen."
Hoewel Van de Kerkhof geen last heeft van de extra beveiliging en toeristen, brengt hij de komende twee weken door in Nederland. "Er is bijna niemand op kantoor en net zoals bij veel andere Franse bedrijven is het thuiswerkbeleid nu een stuk soepeler." Het is voor hem een uitgelezen kans om zijn vriendin in Nederland langer te bezoeken.
Van de Kerkhof zegt zich dus niet "weggepest" te voelen uit de stad. Daar denkt de 43-jarige Leon Winkler anders over. Hij werkt al tien jaar in Parijs en is daar gemiddeld twee weken per maand. Nu blijft hij de hele maand in Nederland. "Mijn broertje past op mijn appartement", zegt hij. "De drukte en gezelligheid in de stad vindt hij heerlijk."
Maar Winkler zelf ontloopt de drukte liever. "Rond deze tijd zijn veel Fransen op vakantie, en nu zijn er ook nog eens veel Parijzenaars gevlucht voor de Spelen. De toeristen vullen dat gat op. Dat is mij wat te veel."
Ook is het voor hem lastig op zijn werk te komen. Zo blijft hij liever uit de drukke metro's en is het met een taxi niet mogelijk op plekken te komen waar hij vaak meetings heeft. "Veel straten zijn afgesloten, dus dat schiet niet op."
Gelukkig heeft ook zijn baas het thuiswerkbeleid versoepeld, waardoor hij in Nederland gewoon kan werken. "Ik zei tegen mijn collega's: 'Tot volgende maand'."
Source: Nu.nl algemeen