Waar het spel van de hockeysters op de Olympische Spelen nog stroperig oogt, loopt de strafcorner van Yibbi Jansen gesmeerd. Al bijna haar halve leven is de 24-jarige hockeyster bezig met het verfijnen van haar cornertechniek.
Wie Yibbi Jansen in actie ziet in het sfeervolle olympisch hockeystadion Yves-du-Manoir, kan moeilijk bevatten dat ze pas bezig is aan haar eerste Olympische Spelen. Zelfverzekerd, volop coachend, dominant aan de bal én uitermate koelbloedig beweegt de 24-jarige hockeyster over het veld.
Ook als de druk groot is, zoals maandagavond bij een 1-0-achterstand tegen Duitsland, weet ze de rust te bewaren. Met een vernietigende sleeppush in de hoek bracht Jansen haar ploeg langszij, waarna Nederland met 2-1 won dankzij een goal van Marijn Veen. In tweeënhalf jaar tijd is Jansen uitgegroeid tot een van de steunpilaren van het Nederlands team dat in Parijs voor niets minder dan titelprolongatie gaat.
Over de auteur
Natasja Weber schrijft voor de Volkskrant over olympische sporten als hockey, zwemmen en paardensport.
De dochter van voormalig hockeydoelman en tweevoudig olympisch kampioen Ronald Jansen (1996, 2000) is in twee poulewedstrijden al vijfmaal trefzeker geweest met haar strafcorner. Het ontlokte bondscoach Paul van Ass de uitspraak dat Jansen beschikt over ‘de beste strafcorner ter wereld’.
Zelf is de bescheiden middenvelder wars van loftuitingen. Jansen benadrukt steevast dat het bij strafcorners draait om een teamprestatie. Voordat zij kan aanleggen op de kop van de cirkel, moet een strafcorner eerst worden verdiend, waarna essentiële rollen zijn weggelegd voor de aangever en de stopper. ‘Het is natuurlijk heel fijn dat ik het vertrouwen krijg van mijn team’, zei Jansen in Parijs.
Al vanaf haar jonge tienerjaren is Jansen serieus bezig met het ontwikkelen van haar strafcorner. Toen ze een jaar of dertien was, benaderde haar vader zijn oude coach bij HC Den Bosch; de mondiaal erkende strafcornertrainer Toon Siepman. ‘Kun je eens naar de corner van Yibbi kijken? Het zou zonde zijn als ze bepaalde technieken verkeerd zou aanleren.’
De inmiddels 71-jarige Siepman schiet even in de lach als hij de beelden van destijds in herinnering roept. ‘Yibbi was toen echt nog een heel klein meisje dat de bal nauwelijks vooruit kreeg. Maar wat me meteen opviel, was dat ze bloedfanatiek was. En eigenlijk is dat de belangrijkste eigenschap’, stelt Siepman. ‘Is iemand fanatiek genoeg om heel veel uren in de strafcorner te steken? Het is een kwestie van trainen en de techniek onder de knie krijgen.’
Volgens Siepman is Jansen altijd een heel harde werker geweest. Vanaf haar 14de was ze dagelijks zo’n anderhalf uur alleen al op haar strafcorner aan het trainen. Bovendien wist de Brabantse al op jonge leeftijd precies wat ze wilde: strafcorners nemen én op het middenveld spelen. Beide kansen achtte ze in het sterrenteam van HC Den Bosch – waarin ze op haar 15de debuteerde – nihil. De eigenzinnige hockeyster trok haar eigen plan en koos op 16-jarige leeftijd voor het Eindhovense Oranje-Rood waar Toon Siepman hoofdcoach was.
Inmiddels vele jaren later werkt Jansen als speelster van topclub SCHC gedurende het seizoen nog altijd samen met Siepman om te schaven aan haar strafcorner. Vanuit Nederland kijkt de hockeycoach, die strafcornerspecialisten over de hele wereld traint, vol trots naar de 76-voudig international (67 goals) op de Spelen. ‘Wat haar corner zo speciaal maakt? Ze kan goed laag zitten en de bal hoog op de steel krijgen.’
In haar jacht op goud met het Nederlands team zullen de gedachten van Jansen dezer dagen nog weleens teruggaan naar de Spelen van 2012 in Londen. Samen met haar vader bezocht de 12-jarige Yibbi de gewonnen hockeyfinale van de Nederlandse vrouwen tegen Argentinië. ‘Dat wil ik later ook meemaken’, zei ze tegen haar vader.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant