Home

Nipah, verwant aan beruchte boosdoeners als bof en mazelen: een virus om in de gaten te houden

Nu opeens weer het nipahvirus. In de Indiase staat Kerala overleed een 14-jarige jongen aan de gevolgen van besmetting met het virus, dat al jaren hoog op de lijst van virussen met potentieel pandemisch risico staat. Terecht, of is die zorg overdreven?

Het was een bizarre stoet patiënten die in Singapore het ziekenhuis binnenstroomde. Elf mannen, allemaal zwaar ziek, allemaal werknemers van hetzelfde slachthuis. Sommigen hadden koorts en longontsteking, anderen hadden hersenontsteking. Drie lagen in coma, één had wilde hallucinaties, van varkens die rond zijn bed renden.

Want dat was de overeenkomst: de elf hadden een partij geïmporteerde varkens uit Maleisië geslacht. Afkomstig van een boerderij uit het dorp Sungei Nipah, om precies te zijn. Dat zou dan ook de naam worden van het nieuwe virus dat de elf in 1999 zo ziek had gemaakt: nipah.

Over de auteur
Maarten Keulemans is wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, met als specialismen microleven, klimaat, archeologie en gentech.

Een vetbolletje met daarin zo’n 18 duizend letters aan genetische instructies geschreven op het molecuul ‘RNA’; meer is het nietige virus niet. Maar eenmaal in het lichaam zuigt het virus zich met zijn uitsteekseleiwit vast aan epitheel- ofwel bekledingscellen in de longen, de mondneusholte of het brein. Die wrikt het verder open met een tweede pootje, waarna het virus zijn RNA injecteert, en het vermenigvuldigen kan beginnen. Slaafs maken de cellen nieuwe kopieën van het virus. Terwijl de gastheer vreselijk ziek wordt.

Zo’n 40 tot 70 procent dodelijk, is het nipahvirus. Sinds de eerst ontdekte uitbraak in Maleisië zorgde het voor nog zeker zeventien uitbraken en uitbraakjes, in Bangladesh, India en op de Filippijnen. De heftigste was in 2001, in drie Indiase ziekenhuizen. Zeker 61 mensen werden ziek, 44 stierven een verschrikkelijke dood, nadat het virus zich op hun brein stortte.

Het zullen de vleermuizen weer niet zijn. Die brengen het virus over op de mens. Soms gaat dat min of meer direct, via door fruitvleermuizen aangevreten fruit; soms loopt de route via boerderijdieren zoals varkens, die ook kwetsbaar zijn voor nipah. En een enkele keer gaat het virus van mens tot mens, tussen naaste familieleden of zorgmedewerkers, na aanraking met besmette lichaamsafscheiding.

Nooit meer dan vijf transmissies

Gelukkig is dat zeldzaam, vertelt viroloog Emmie de Wit, een Nederlander die in Montana voor de National Institutes of Health onderzoek doet naar onder meer nipah. ‘We hebben tussen mensen nooit een langere keten van overdracht gezien dan vijf transmissies. Op de een of andere manier dooft het steeds vanzelf uit.’ Waarschijnlijk komt dat omdat het virus niet goed aanslaat in de bovenste luchtwegen, en zich dus niet zoals griep, verkoudheid of corona via hoesten of niezen verspreidt. ‘Het komt niet zo gemakkelijk naar buiten’, zegt De Wit.

Toch is nipah, verwant aan beruchte boosdoeners als bof, mazelen en de Australische hersenkoorts hendra, ‘een virus om in de gaten te houden’, zegt viroloog Barry Rockx (Wageningen Universiteit). ‘Het is wel een RNA-virus. Daarvan weten we dat ze relatief makkelijk kunnen veranderen.’

En niemand die weet welke veranderingen nipah moet ondergaan om gevaarlijker te worden. Onderzoek waarbij men virussen in een strengbeveiligd lab expres verandert om dat te testen, zijn in Europa en de VS uit veiligheidsoverwegingen in de ban gedaan.

De Wit wijst er echter op dat de wijzigingen die het virus moet ondergaan voordat het een klassiek luchtwegvirus wordt, waarschijnlijk enorm zijn. Het virus heeft dan andere uitsteeksels nodig, om andere celtypes te kunnen infecteren. ‘Ik denk dat de kans dat het virus zo verandert dat het gemakkelijk van mens tot mens kan overgaan, erg klein is.’

Hoog op de lijst probleemvirussen

Dat het nipahvirus de laatste jaren geregeld opduikt in India, heeft volgens De Wit een nuchtere reden: betere detectie. ‘Bij encefalitis (hersenontsteking, red.) weten artsen vaak de oorzaak niet. Maar sinds 2018 wordt er bij encefalitis ook altijd getest op nipah.’

Niks aan de hand dus? Dat ook weer niet. Op de lijst met nieuwe probleemvirussen van de Wereldgezondheidsorganisatie, staat nipah hooggenoteerd, omdat het zo dodelijk is en er nog geen behandeling of vaccin beschikbaar is.

Die waarschuwing moet je breed zien, vindt De Wit. ‘Het wordt misschien niet de nipah die we kennen. Maar er zijn ook veel andere ‘nipahs’, die circuleren in de vleermuizenpopulaties van Afrika en Azië. Niemand weet wat we daarvan kunnen verwachten.’

3x Nipah

- ‘Ik denk niet dat ik je nog zal zien. Sorry. Voed onze kinderen alsjeblieft goed op.’ Die hartverscheurende boodschap schreef een 28-jarige vrouw in Kerala in 2018 aan haar man, toen ze besefte dat ze nipah had. De weken daarvoor had ze drie patiënten verzorgd. Ze overleed de volgende ochtend.

-Zeker vier vaccins, zijn er tegen nipah in onderzoek. Probleem is echter dat er te weinig patiënten zijn om te testen of die wel goed werken.

-Van het virus zijn twee varianten bekend: een Maleisische en een Indiase. Maleisische slachtoffers overlijden vaak aan longontsteking, Indiase vaker aan hersenontsteking. Een beruchte bron van besmetting in India is dadelpalmsap.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next