Nijmegen wil als een van de laatste steden in Nederland af van zijn tippelzone, maar dat stuit op verzet van Bureau Clara Wichmann en sekswerkers als Monique. De ‘afwerkloods’ geeft haar vrijheid. ‘Ik heb meer zeggenschap over mijn lijf dan mijn moeder had in haar huwelijk.’
Monique (49) kan zich amper een fijnere werkplek voorstellen dan de tippelzone in Nijmegen, vertelt ze, staand voor een pand dat oogt als een opslag, en in de volksmond oneerbiedig de ‘afwerkloods’ heet. Vrouwen mogen hier, op een aangewezen deel van de Nieuwe Marktstraat, dagelijks van 20.00 tot 02.00 hun diensten aanbieden aan voorbijgangers. Waarna ze in de auto van de klant de afwerkloods inrijden en het sekswerk, geparkeerd achter een gordijn, kan aanvangen.
Er zit een gemoedelijke huiskamer bij, vertelt Monique. Ze schenken er koffie en thee, en tussen het werk door kan ze met andere sekswerkers kletsen en lol maken. Dankzij de permanente aanwezigheid van een bewaker is het ook veilig. Maar vooral, zegt Monique over haar bestaan als sekswerker op de tippelzone in Nijmegen: ‘Ik ben eigen baas. Heel anders dan in een bordeel of achter een raam. Ik heb de vrijheid om te zeggen: jij wel, jij niet. Het werk is avontuurlijk en verdient nog goed ook.’ Enthousiast stelt ze vast: ‘Ik heb een moneymaker tussen mijn benen.’
Na jaren van afwezigheid op ‘De Baan’ in Nijmegen was het vorig jaar niet gemakkelijk voor Monique weer toegelaten te worden. Aanvankelijk weigerde de gemeente haar, omdat Nijmegen als een van de laatste steden in Nederland zijn tippelzone wil sluiten. Maar daarbij stuit de gemeente op verzet uit emancipatoire hoek, zoals Bureau Clara Wichmann. Die stichting steunt sekswerkers juridisch, omdat ze vindt dat vrouwen de keuze moeten hebben dit werk op een veilige plek te doen.
Behalve Nijmegen heeft alleen Arnhem nog een plek waar sekswerkers legaal hun klandizie op straat mogen werven. Amsterdam, Den Haag, Rotterdam, Groningen: de ene na de andere stad deed de afgelopen jaren de tippelzone in de ban. Vaak vanwege geluidsoverlast voor omwonenden, drugshandel of andere criminaliteit op straat. Of uit zorgen om het in stand houden van de ‘schrijnende’ situatie dat vooral aan harddrugs verslaafde vrouwen daar hun lichaam prostitueren.
In 2000 ging de tippelzone op de Nijmeegse Nieuwe Marktstraat open. Als antwoord op illegale praktijken rond het naastgelegen Kronenburgerpark, waarover Frank Boeijen in 1985 zijn hit Kronenburg Park maakte. De overlast verplaatste zich naar de tippelzone, volgens de gemeente met name door pooiers en andere ‘ongure types’ die meekwamen met Oost-Europese straatwerkers. Daarom voerde Nijmegen in 2007 een registratieplicht in op de tippelzone. Om toestroom te remmen, konden straatwerkers alleen nog met een pasje de loods en de huiskamer in.
Na zijn aanstelling in 2012 stelde burgemeester Hubert Bruls vast dat op de baan ‘geen krachtige, zelfstandige dames aan het werk waren die bewust voor dit beroep hadden gekozen’, laat hij telefonisch weten. ‘Er waren meerdere vrouwen aan het werk die in de nachtopvang voor drugsverslaafden sliepen.’ Bruls noemt het ‘gewoon mensonterend’ wat ambtenaren daar aantroffen.
‘Die dames moeten uit dit beroep gehaald worden, was mijn overtuiging’, zegt Bruls. Of zoals Boeijen zong: ‘Ga die wereld uit.’
Toen de jaren erna weinig veranderde aan de drugsproblematiek van de straatwerkers, en er ook weinig terechtkwam van het streven deze vrouwen te helpen bij het opbouwen van een ander leven, concludeerde het Nijmeegse bestuur in 2019 dat de tippelzone dicht moest. Maar de gemeenteraad hield dit tegen, uit vrees dat de vrouwen in de illegaliteit zouden verdwijnen.
Het stadsbestuur kwam met een sterfhuisconstructie, wat erop neerkwam dat ongebruikte pasjes vervielen en er geen nieuwe toegangspasjes meer zouden worden uitgegeven. Vanaf dat moment hadden nog achttien vrouwen een pas, terwijl in 2012 nog dertig vrouwen per dag naar de huiskamer kwamen.
Monique werd vorig jaar geweigerd omdat ze door het nieuwe gemeentebeleid niet meer in aanmerking kwam voor een toegangspas. Ze vocht dit met een collega aan bij de rechter en kreeg in juni gelijk.
Vanuit het privacy-principe dat voor andere legale beroepen ook niet zomaar een registratieplicht kan gelden, verklaarde de rechter het hele pasjessysteem op de tippelzone in Nijmegen nietig. En dus is de stad sinds deze maand terug naar de situatie van voor 2007. Daarmee is ook de vrees terug voor de toestroom van sekswerkers van heinde en verre.
Voor Monique, die zelf niet uit Nijmegen komt, betekent het dat ze er deze maandagavond gewoon weer legaal mag staan. In een zwarte jurk, een jasje met ‘krachtige’ schoudervullingen en eronder hoge naaldhakken. Al verwacht ze er niet veel van vanavond. De Vierdaagse staat op punt van beginnen. Net als de rest van de stad is de Nieuwe Marktstraat vergeven van jongelui die zich opmaken voor ‘Vier dagen wandelen, zeven dagen feesten’. Geen ideale setting voor mannen om (ongezien) een vluggertje te komen maken.
Monique is een vrolijke strijder voor haar beroepsgroep. Ze zegt niet de enige te zijn die het werk uit volle overtuiging doet. ‘Ik ken huisvrouwen die het doen voor wat extra boodschappengeld’, zegt ze. ‘Of mantelzorgers die wat bijverdienen.’
Met een moeder die binnen het huwelijk werd verkracht door haar vader, en tegenvallend seksueel contact met een jongen, ging bij Monique al jong het idee leven: ‘Als ik geld vraag voor seks, dan heb ik er nog wat aan.’ Toen later bij een zwemmeer een man zich zat af te trekken en ze als tiener niet voor het eerst de vraag kreeg of zij het niet wilde doen, zei ze: ‘Nou goed dan, als je me betaalt.’ Al snel was er iemand die zei: ‘Hoeveel wil je hebben om te neuken?’ Ze had geen idee en zei: 100 gulden? ‘Je bent een dure hoer’, reageerde hij, waarna ze samen in zijn auto stapten.
Daar kon geen aardbeienplukken tegenop, wat ze voor een schamel loon, met rugpijn tot gevolg voor dag en dauw weleens had gedaan. Monique kwam uiteindelijk in een huis met andere sekswerkers terecht. ‘Reuze feministisch voelde het, mannen laten betalen voor iets wat ze gratis verwachten te krijgen’, zegt Monique over die tijd. En over nu: ‘Ik heb meer zeggenschap over mijn lijf dan mijn moeder had in haar huwelijk.’
Hoe zal dat zijn als de tippelzone sluit? Voor een privéhuis of bordeel is ze als bijna vijftiger te oud. Bovendien moet ze daar de helft van haar inkomen afdragen en bepaalt de exploitant wat je moet doen. ‘Voor 23 euro na belasting moest ik daar bereid zijn een half uur lang alle standjes van de kamasoetra te doen’, zegt ze. ‘Of tongzoenen met vieze mannen met één tand. Als je weigerde zeiden ze dat je ‘niet in het team paste’ en kon je oprotten.’
Nu somt ze op: ‘5 minuten pijpen voor 25 euro. Of 50 voor één standje neuken. Vijf tot tien minuten pijpen en neuken is 75 euro.’ Natuurlijk kan ze dit ook met illegaal sekswerk verdienen, heeft ze ook wel gedaan, maar dat leverde weer andere problemen op. ‘Ik had mannen die dreigden me te verlinken bij de politie als ze het niet zonder condoom mochten doen.’
De huiskamer bij de Nijmeegse tippelzone is in Moniques ogen het middelpunt van een ‘community’. Als ervaren straatwerker ziet ze het daar als haar taak jonge vrouwen te behoeden voor gevaar. Genoeg voorbeelden kent ze van straatwerkers die illegaal tippelden en dan, als de man was klaargekomen, ergens in een bos uit de auto werden getrapt.
‘Of onder de brandwonden van sigarettenpeuken zaten’, zegt ze. ‘Dat kan ons hier niet overkomen.’ De bewaker bij de afwerkloods beaamt dat er sinds zij er in 2011 kwam werken slechts één incident met een agressieve man heeft plaatsgevonden.
En toch wil het gemeentebestuur ervan af. Natuurlijk weet burgemeester Bruls dat er vrouwen zijn zoals Monique, die bewust voor sekswerk kiezen. ‘Maar dit is niet wat wij in meerderheid op de tippelzone zien’, zegt hij. Volgens de gemeente kampt 90 procent van de achttien geregistreerde vrouwen met verslavingsproblematiek. ‘Zij zijn niet in staat zelf de afweging in hun leven te maken om iets anders te gaan doen. Ik help deze vrouwen niet door de tippelzone open te houden.’
Charlotte Brand is in de Nijmeegse gemeenteraad de grote voorvechter van de tippelzone. De PvdA’er vindt dat Bruls ‘wegkijkt voor de problemen rond sekswerk in zijn stad’. Brand: ‘Sekswerk zal blijven bestaan en op de tippelzone kunnen we ze tenminste zorg bieden.’
Zo is er op de tippelzone in Nijmegen medische- en mondzorg. Er liggen gratis condooms en in de huiskamer kunnen verslaafde sekswerkers gebruikte naalden voor het spuiten van drugs gratis inruilen voor nieuwe.
Oud-minister Lilianne Ploumen helpt als adviseur bij Bureau Clara Wichmann sekswerkers in hun strijd voor een veilige werkplek. Bestuurders handelen volgens haar vaak vanuit het idee dat een veilige tippelzone drugsgebruik en een marginaal bestaan in stand zou houden. Ze vindt dat burgemeester Bruls daarmee sekswerkers niet in hun waarde laat en bijdraagt aan het stigma rond hun bestaan.
‘Door te stigmatiseren maak je mensen minderwaardig’, zegt Ploumen. ‘Daarmee wordt geweld tegen deze vrouwen voor sommige mannen acceptabeler. Een stigma verklein je ook niet door iets weg te stoppen en te doen of het er niet is.’
Dat tippelzones van belang zijn, blijkt volgens Ploumen uit onderzoek dat de commissie-Sorgdrager deed in Utrecht na het opheffen van de tippelbaan. De tippelbaan bood ‘belangrijke sociale controle, goede hulp- en dienstverlening’, schrijven de onderzoekers. ‘Terwijl er een goede relatie met veiligheidspartners bestond.’ Ploumen wijst ook op Duits onderzoek, waaruit blijkt dat zonder tippelzones illegale prostitutie toeneemt.
Bruls zegt dat hij moet ‘glimlachen’ als hij hoort over dreigende illegaliteit. ‘Die is er in Nijmegen nu al. En op veel grotere schaal dan de elf vrouwen (van de achttien sekswerkers met een pas, red.) die gebruikmaken van de tippelzone. Van wie slechts vijf op intensieve basis, blijkt uit onze cijfers. Mag ik dan de vraag stellen hoever je wilt gaan als stad om iets te faciliteren? Terwijl de rest van het land ze al heeft gesloten, kost de locatie ons een paar ton per jaar.’
Gemeenteraadslid Brand vindt het kortzichtig. ‘Sekswerk is gewoon werk, het is aan niemand hierover te oordelen’, zegt ze. ‘In deze beroepsgroep lopen vrouwen simpelweg meer risico en het is de taak van de gemeente om voor een fatsoenlijke en veilige werkplek te zorgen. En dat kost geld.’
Brand en Ploumen krijgen steun van hoogleraar Hendrik Wagenaar, die onderzoek deed naar prostitutiebeleid in vooral Nederland en Oostenrijk. Wagenaar, verbonden aan de Universiteit van Wenen, spreekt van ‘beleidsfantasie’ als hij hoort over Bruls’ idee deze vrouwen aan een ander bestaan te helpen. ‘Totaal onrealistisch. Ik heb nog nooit gezien dat dit ergens is gelukt.’
Een vrouw raakt verslaafd en sekswerk is dan vaak de laagste drempel om dit te bekostigen, schets Wagenaar. ‘Ze beginnen er op een ochtend mee en ’s avonds hebben ze hun eerste inkomen. Er zullen altijd verslaafde vrouwen blijven die dit doen. Dan kun je maar beter een gemeenschappelijke huiskamer hebben waar zorg is en vrouwen op elkaar letten.’
Sinds De Baan in Nijmegen na het vonnis van eind juni weer voor alle sekswerkers toegankelijk is, heeft de gemeente tot september een maximum van twintig vrouwen per avond afgekondigd. Deze zomer werkt het gemeentebestuur aan nieuw beleid.
Ploumen hoopt dat Nijmegen bereid is samen met sekswerkers te zoeken naar oplossingen. Zoals onder meer gebeurde in Utrecht. Sinds dit jaar is het daar als proef toegestaan dat op een huisadres één iemand klanten mag ontvangen. Ook staat de gemeente locaties toe waar maximaal vijftien vrouwen tegen betaling gebruik kunnen maken van werkruimten.
Voor Monique geldt dat ze wil blijven werken op haar eigen voorwaarden, en in haar eigen tijd. Zoals deze rustige maandagavond, als ze uiteindelijk besluit helemaal niet te gaan werken. Naast haar auto wisselt ze snel haar jurk en naaldhakken voor een broekpak met tijgerprint en sneakers. ‘Ik ga lekker feesten in de stad met een collega.’
Uit veiligheidsoverwegingen is de naam van sekswerker Monique niet haar echte naam. Haar identiteit is bekend bij de hoofdredactie van de Volkskrant.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant