Na de raketaanval op een voetbalveldje op de door Israël geannexeerde Golanhoogvlakte, waarbij 12 kinderen om het leven kwamen, zint Israël op wraak tegen Hezbollah. De internationale gemeenschap vreest dat dit kan leiden tot een oorlog die de hele regio in chaos stort.
Volgens Israël werden vanuit Libanon dertig raketten afgevuurd waarvan er in elk geval één neerkwam op Majdal Shams. Die raket sloeg in op een voetbalveldje waar op dat moment een groep kinderen speelde. Twaalf kinderen kwamen daarbij om het leven, 29 anderen raakten gewond. Het was de dodelijkste aanval op Israël sinds op 7 oktober 2023 de oorlog tegen Hamas begon. Vanuit Libanon schiet vooral de Libanese militante beweging Hezbollah raketten af op Israël.
Israël reageerde furieus op de raketaanval van zaterdag, en houdt Hezbollah ervoor verantwoordelijk. Het zwoer wraak te nemen. Daardoor dreigt de toch al precaire situatie in het grensgebied met Libanon, waar Hezbollah en Israël elkaar al maanden bestoken met raket- en droneaanvallen, te escaleren. Niet eerder was een volwaardige oorlog tussen de twee zo dichtbij.
Over de auteur
Iva Venneman is buitenlandredacteur van de Volkskrant.
De ontwikkelingen leidden dit weekend tot grote bezorgdheid in de internationale gemeenschap. Gevreesd wordt dat een oorlog in het zuiden van Libanon de hele regio in chaos zal storten. Achter de schermen werd daarom zondag met alle macht geprobeerd de situatie te de-escaleren.
De Libanese regering probeerde, in opdracht van de Verenigde Staten, Hezbollah tot kalmte te manen, terwijl de VS met Israël spraken. ‘Ik benadruk Israëls recht om zichzelf te kunnen verdedigen’, zei de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Antony Blinken tijdens een persconferentie. ‘Maar we willen ook niet dat dit conflict escaleert.’ Ook Frankrijk en Groot-Brittannië veroordeelden de aanval, al noemden zij Hezbollah niet in hun verklaringen. Iran, Israëls aartsvijand, waarschuwde Israël voor ieder ‘nieuw avontuur’ in Libanon.
Hoe Israël de vergelding voor deze aanval voor zich ziet, is nog onduidelijk. Zaterdag- op zondagnacht reageerde het land al met een serie raketaanvallen op doelen in het zuiden van Libanon, maar gevreesd wordt dat het daar niet bij blijft. De Israëlische minister van Defensie Yoav Gallant verzekerde het Israëlische volk zondag: ‘Wij zullen de vijand hard raken.’ Eerder zei buitenlandminister Israel Katz dat Hezbollah ‘alle rode lijn heeft overschreden’. ‘We naderen het moment van een volledige oorlog tegen Hezbollah.’
Premier Benjamin Netanyahu, die ten tijde van de aanval nog in de Verenigde Staten was, landde zondag in Israël en belegde meteen een spoedberaad met zijn kabinet.
Ondertussen ontkent Hezbollah achter de aanval te zitten. Maar Israël twijfelt absoluut niet: de Falaq-1-raket die werd gebruikt, wijst in de richting van de Libische beweging. Hezbollah is van alle groeperingen die in Libanon actief zijn de enige die beschikt over dit type raket van Iraanse makelij. Het Israëlische leger reconstrueerde dat de raket moet zijn afgevuurd vanuit Shebaa, vlak over de Libanese grens. De Verenigde Staten maken dezelfde analyse. Minister Blinken zei zondag dat ‘alles erop wijst’ Hezbollah de raket afvuurde.
Majdal Shams, het dorp waar de raket zaterdag neerkwam, is een door Israël geannexeerd gebied waar vooral Druzen wonen, een Arabisch sprekende minderheid. Veel van hen hebben de Israëlische annexatie nooit geaccepteerd. Israël veroverde het gebied in 1967 op Syrië, slechts een deel van de inwoners is nu Israëlisch staatsburger.
Toch benadrukten Israëlische politici dat zij zich solidair voelen met de Druzen. Minister van Defensie Yoav Gallant bezocht het dorp zondagochtend. ‘Hezbollah is hiervoor verantwoordelijk en zal de prijs ervoor betalen’, zei hij. ‘Jullie moeten weten dat het hele land en het hele leger achter jullie staat.’
Zondag vond in Majdal Shams de begrafenis van de kinderen plaats, duizenden mensen kwamen daar op af. In Israëlische media was te zien dat er naast verdriet, ook veel woede was onder de bevolking van het gebied. Hun verwijt: het Israëlische leger heeft te weinig gedaan om ons te beschermen tegen de raketten van Hezbollah, en zie waartoe het heeft geleid.
Majd Abu Saleh (45) was een van de eersten ter plekke zondag.
‘Toen ik de explosie hoorde, ben ik keihard naar het veldje gerend. Het ligt tegenover mijn huis en kantoortje. Mijn 9-jarige dochter was er aan het spelen geweest.
Wat ik zag toen ik aankwam, was echt verschrikkelijk. Benen waren van lijven gescheurd. Armen lagen los op de grond. Niet één lichaam was intact. Ik heb ze allemaal één voor één omgedraaid, om te kijken of het mijn dochter was. Ik herkende vier kinderen: het kind van mijn beste vriend, mijn buurmeisje en twee familieleden.
Iedereen van mijn familie zocht mijn dochter. Ik hielp het Israëlische leger op het veldje. Na een uur, en dat voelde echt als een jaar, kwam mijn broer om te zeggen dat ze mijn dochter hadden gevonden. Ze was weggerend. Ik heb haar pas ’s avonds laat gezien, nadat ik het bloed dat op mijn lijf zat van me had afgespoeld. Toen ik haar tegen mijn borst drukte, schreeuwde ze: ‘Papa, waar was je? Je had ons moeten beschermen.’ Ze heeft de hele nacht gehuild.
Ik kon het vandaag niet opbrengen naar de begrafenis te gaan. Woede voel ik nog niet. Daarvoor is het te vroeg. Ik ben wel bang dat een oorlog nu onvermijdelijk is geworden. En dan gaan we nog veel meer kinderen op deze manier verliezen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant