Home

In verrukking bij de openingsceremonie van de Spelen

Als het openingsspektakel van de Olympische Spelen slechts een vluchtige schittering is, wat heeft het dan voor zin? Thomas Jolly, de regisseur van de openingsceremonie, had het zich op voorhand hardop afgevraagd in de Franse krant Le Monde.

Meer dan een vluchtige schittering werd het. De eerste gouden medailles zijn in de wacht gesleept en het regent kwalificaties voor allerhande halve en hele finales, maar over het vier uur durende startschot van vrijdagavond wordt nog volop nagepraat.

Natuurlijk is er het gegrom over vermeende blasfemie rond de scène van het Laatste Avondmaal, waarvan tot in conservatief politiek Nederland de echo doorklinkt. Het nagenieten van de extase die Céline Dion bracht, met een even kwetsbaar als krachtig slotstuk van de avond dat zelfs de zangeres tot tranen toe beroerde. Of de schoonheid van Parijs, met dat schier eindeloze reservoir aan monumenten waarvan het heerlijk is de beelden terug te kijken.

‘Frankrijk bracht de planeet weer in verrukking’, klinkt het op Franse zenders. In Nederland smalen we om dat chauvinisme, hier voelt het als een welkome onderbreking van de politieke crisis waarmee het land zich tot vrijdag voornamelijk in de internationale kijker wist te spelen.

Maar de betekenis van de openingsceremonie strekt verder dan dat. Voor Jolly moest het een uitdrukking worden van ‘waar we vandaan komen, waar we staan, en waar we heen gaan’. Frankrijk in de eerste plaats, maar de wereld eveneens (ja, ambitie is een Frans woord).

Een treffend antwoord daarop was het optreden van Aya Nakamura – en dit is een bindende terugkijktip. De Frans-Malinese wereldster, opgegroeid in een Parijse banlieue, is de meest beluisterde Franstalige zangeres van dit moment. Ze verkocht miljoenen albums van haar muziek die r&b, pop en hiphop mengt. Gehuld in een gouden jurk van Dior maakte ze haar entree tussen fonteinen van vuurwerk, voor het gebouw van de Académie Française.

Let op de symboliek: de Académie is de hoeder van de Franse taal, opgericht in 1635 door Richelieu om het Frans ‘puur en eloquent’ te houden. Het optreden van Aya Nakamura, die haar teksten doorspekt met straattaal en woorden uit het Engels, Arabisch en Afrikaanse dialecten, had op voorhand een stortvloed aan racistische drek opgeleverd vanuit met name extreemrechtse hoek, voor wie de zangeres niet Frans genoeg zou zijn.

Dansend voor die Académie zong ze een bewerking van klassiekers van Charles Aznavour, de beroemde Frans-Armeense chansonnier, gemengd met eigen hits. En dat alles onder begeleiding van het koor, de koperblazers en het slagwerk van de Republikeinse Garde. Energieker, maar vooral ook Franser kun je het niet krijgen.

Vanwege de voorspelbaarheid bespaar ik u hier de walging na haar optreden, afkomstig uit dezelfde hoek, over de ‘vernieling van de Franse cultuur’. Liever sta ik nog even stil bij wat er niet gebeurde vrijdagavond, en juist daarom zo betekenisvol was. De ceremonie vond plaats onder de hoogste terreurdreiging, de kans op aanslagen was al maanden onderwerp van gesprek.

Dat het spektakel zonder problemen verliep, is een overwinning op zich. Ontroerend waren de woorden van Arthur Denouveaux, olympische fakkeldrager en overlevende van de terreuraanslag op de Bataclan in 2015. Dat Parijs de Spelen kan verwelkomen, zei hij tegen het Canadese CBC, verandert het verhaal van de stad. We kunnen nog altijd zoiets groots organiseren en open zijn naar de wereld. Dat laat zien dat er een weg vooruit is, zei Denouveaux. ‘Een boodschap van hoop.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next