Steenbergen kampte met blessures, was onzeker en overwoog zelfs te stoppen met zwemmen. Toch hervond ze het plezier. In drie jaar groeide ze uit van verlegen meisje naar volwassen wereldtopper. Ze begint in Parijs aan haar derde Spelen.
Vraag zwemcoach Patrick Pearson naar het verschil tussen Marrit Steenbergen, drie jaar geleden bij haar vorige olympische deelname, en de zwemmer nu en hij roept eerst quasi-wanhopig: ‘Poah.’ Destijds was ze in Tokio alleen actief als estafettezwemmer en moest ze met een wissel ook nog eens plaatsmaken in de finale. Nu is ze wereldkampioen op de 100 meter vrij, het koninginnennummer, en een van de boegbeelden van het nationaal zwemteam.
Het zijn haar prestaties en haar zwemtijden die vooral de buitenwacht opvallen. De coach die haar sinds 2021 begeleidt, na Tokio, wijst haar persoonlijke ontwikkeling aan als verklaring. ‘Gigantisch’, zo omschrijft hij na zijn eerste uitroep het verschil met toen. Zelf zegt Steenbergen: ‘Ik ben veel verder als mens.’
Over de auteur
Lisette van der Geest is sportverslaggever voor de Volkskrant en schrijft over olympische sporten als schaatsen, zwemmen en tennis.
Ze is pas 24, maar zaterdag, als Steenbergen op de eerste zwemdag het olympische bad in Parijs betreedt voor de 4x100 meter vrije slag, begint ze aan haar derde Olympische Spelen. In 2016, als 16-jarig supertalent in Rio, voelde haar olympische deelname in het estafetteteam een beetje alsof het haar overkwam, alles was leuk en nieuw; ze had niks te verliezen. Maar daarna verliep haar carrière moeizaam.
Steenbergen kampte in de jaren voor Tokio met langdurige blessures, werd gehinderd door onzekerheid en overwoog zelfs te stoppen met zwemmen, maar vond uiteindelijk onder de hoede van Pearson het plezier in haar sport terug. In drie jaar tijd groeide ze uit van verlegen meisje dat moeite had aanwijzingen als opbouwende kritiek te ervaren naar volwassen wereldtopper die weet wat ze wil en daar ook voor durft uit te komen. Vervolgens kwamen de prijzen.
In Doha, in februari, triomfeerde ze met de grootste prestatie uit haar carrière: WK-goud op de 100 meter vrije slag in een nationaal record met 52,26. De achtste tijd ooit op die afstand, en de snelste dit jaar. In Doha op de WK trok ze de lijn door die ze in 2022 had ingezet. In december van dat jaar domineerde ze al op de WK kortebaan, met de titel op de 100 meter wisselslag.
Ze sprak de afgelopen jaren met een psycholoog en werkte aan haar zelfbeeld. Ondertussen gaf Pearson haar zo veel mogelijk vertrouwen. ‘Door trainingsopdrachten te geven die haalbaar waren, positief te coachen en haar eigenaarschap te geven.’ Oftewel: ze moest vaker zelf beslissen wat haar goed leek voor haar lijf, in plaats van volgen wat haar verteld werd.
Ook is ze inmiddels fysiek sterker, ziet Pearson. Toen hij in 2021 met haar begon te werken, zei de coach: ‘We gaan meer doen, en ik denk dat je dat kunt.’ Dat laatste als toevoeging, omdat ze zelf in eerste instantie niet overtuigd was van een hardere trainingsaanpak. Wie lang mentaal en fysiek worstelt, levert ook durf en overtuiging in, weet hij. ‘Maar een verandering van coach geeft mogelijkheden op te bloeien.’
Bij Steenbergen was sprake van ondertraining. Haar lijf floreert bij meer arbeid, was de overtuiging van Pearson. Steenbergen doet inmiddels anderhalf keer zoveel als drie jaar geleden. In zware trainingsweken zwom ze een paar jaar terug in totaal zo’n 40 kilometer per week, nu zijn dat er 60. Ter vergelijking: de na Tokio gestopte drievoudig olympisch kampioen Ranomi Kromowidjojo legde in een pittige trainingsweek in totaal zo’n 30 zwemkilometers af. Maar ieder lijf is anders en heeft daardoor iets anders nodig.
Haar zwemtechniek behoefde niet veel aanpassingen; ze wordt al jaren geroemd om haar verfijnde slag en haar natuurlijke ligging, hoog in het water. ‘Maar ze haalt nu iets smaller door’, zegt Pearson. Oftewel: haar armen bewegen tijdens de borstcrawl dichter bij haar lichaam. Kracht leveren lukt makkelijker met de armen dicht bij het lichaam, dan wanneer de armen verder naar buiten bewegen.
Sinds haar WK-titel krijgt ze vaker opmerkingen van vreemden. ‘Wel een medaille halen’, zeggen ze dan. Gevolgd door: ‘Maar ik wil je geen druk opleggen, hoor.’ Ja, denkt Steenbergen vervolgens, maar door zo’n opmerking leg je die druk er wel op. En zo simpel is het niet. ‘Als ik in de finale sta, zijn er nog zeven anderen die hetzelfde willen.’
Ze weet ook: het WK in Doha werd ongewoon vroeg georganiseerd, in februari, voor al haar concurrenten was het een opstap naar Parijs, niet het belangrijkste evenement van het seizoen.
Tegelijkertijd volgde ze de selectiewedstrijden die in andere landen werden georganiseerd voor de Spelen en dacht: dat valt mee. ‘Het ging minder hard dan verwacht, eigenlijk. Dat is wel fijn.’
Pearson benadrukte het in aanloop naar de Spelen ook nog eens: ‘Tuurlijk, ik zie Marrit echt als een medaillekandidaat, maar het is geen vanzelfsprekendheid dat je wint, hè? Voor haar is het fijn dat ze zichzelf door haar karakter ook niet zo ziet.’ Ze is te bescheiden om zichzelf als absolute top te zien. Dat blijkt alleen al als ze gevraagd wordt naar het verschil tussen haar status nu en drie jaar geleden. ‘Ik ben nu minder bang dat ik eruit wordt gewisseld’, zegt de vrouw die inmiddels kopvrouw van de estafetteploeg is.
Waar ze in Tokio moest hopen op een plekje, verkeerde ze in aanloop naar Parijs in een luxepositie die ze zelf juist als lastig ervaarde. Ze combineert al jaren de vrije slag en de wisselslag. Ze had zich geplaatst voor vier individuele afstanden en is belangrijk voor meerdere estafettenummers. De 50 en 200 meter vrije slag besloot ze te schrappen, op advies van Pearson, die vond dat ze moest kiezen. ‘Met pijn in mijn hart. Liefst zwem ik alles. Dat heb ik altijd gedaan. Maar door deze keuze vergroot ik mijn kansen op de afstanden die ik wel zwem. Ik moet zuinig zijn met mijn energie.’
Zaterdag 4x100 meter vrije slag (21. 37u).
Woensdag 100 meter vrij (20.30 u).
Donderdag 4x200 meter vrij (21.48u)
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant