Kandidaat-eurocommissaris
Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevatmeningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groepredacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer eenhandvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.
De voordracht van CDA’er Wopke Hoekstra als Eurocommissaris maakte deze week in politiek Den Haag opmerkelijk weinig reactie los. Dat kan deels verklaard worden door vakantievierende bewindslieden en Kamerleden, maar het zegt ook dat Hoekstra niet erg geliefd is. Dat hij toch is voorgedragen door premier Dick Schoof wordt aan het Binnenhof vooral geïnterpreteerd als een pragmatisch besluit, min of meer uit nood geboren.
De coalitie van PVV, VVD, NSC en BBB kreeg namelijk al met grote moeite de bemensing van het eigen kabinet rond, en had zelf blijkbaar geen topzware kandidaten beschikbaar om naar Brussel te sturen. Hoekstra is daar sinds het najaar al actief als vervanger van Frans Timmermans en zorgt zo voor enige bestuurlijke continuïteit, wat in het voordeel van Nederland kan zijn.
Dat het nieuwe kabinet, dat zich heeft voorgenomen te breken met de oude bestuurscultuur van de jaren-Rutte, toch weer bij een ervaren CDA’er moest uitkomen heeft ook iets armoedigs. In de slotfase van de kabinetsformatie werd nauwelijks over de invulling van de post gesproken, waardoor het een haastklus middenin de zomer werd. Het laat zien dat de coalitie het belang van de EU niet goed op waarde heeft geschat.
De belangrijkste vraag is uiteraard: is Hoekstra een goede kandidaat-Eurocommissaris? De CDA’er heeft ontegenzeggelijk ruime en relevante ervaring, als voormalig minister van Financiën en Buitenlandse Zaken. Zijn erfenis in politiek Den Haag was echter weinig rooskleurig. Hoekstra gold als kleurloze partijleider, verloor drie verkiezingen op rij en liet zijn CDA vorig jaar zomer in diepe crisis achter. Zijn Europese optredens waren nogal wisselend. Als minister van Financiën kwetste hij Zuid-Europese landen door in het begin van de coronacrisis, terwijl de ziekenhuizen overliepen, te beginnen over de slechte staat van hun overheidsfinanciën. Positiever was Hoekstra’s voortrekkersrol als minister van Buitenlandse Zaken voor de Europese steun aan Oekraïne.
Hoekstra is vaak een zwabberkoers verweten, vooral als het om klimaat- en natuurbeleid gaat. Toen hij vorig jaar werd voorgedragen als Eurocommissaris Klimaat klonk protest, omdat Hoekstra als vicepremier het jaar daarvoor nog afstand had genomen van het ambitieuze Nederlandse stikstofdoel. Als Eurocommissaris onderschreef hij direct de ambitieuze EU-doelstelling rond klimaat en onderhandelde hij naar relatieve tevredenheid op de klimaattop in Dubai. Toen eerder dit jaar de Europese Natuurherstelwet onder vuur kwam, was Hoekstra juist onzichtbaar. Zo waait hij op het oog soms met alle winden mee, hoewel uit zijn opstelling ook geregeld realiteitszin en politieke lenigheid blijkt, geen overbodige luxe voor een Europese topdiplomaat.
Positief aan Hoekstra’s voordracht is dat hij geen zetbaas van de Haagse coalitie is, zoals NSC-leider Pieter Omtzigt eerder van het kabinet had geëist. Omtzigt vroeg in een Kamerdebat om een kandidaat die „op hoofdlijnen het hoofdlijnenakkoord steunt op het Europees beleid”, waarbij hij expliciet de landbouw- en asielafspraken noemde.
Wat Hoekstra van het Nederlandse coalitieakkoord denkt weten we niet, en is ook niet relevant. Hij wordt weliswaar voorgedragen door Nederland, maar moet zich als Eurocommissaris inzetten voor het Europese belang. Als hij dat straks op onafhankelijke wijze op een door premier Schoof beloofde „stevige portefeuille” doet, kan Hoekstra’s benoeming misschien toch nog iets goeds brengen.
Source: NRC