Home

Commissie geeft groen licht aan Turkse straathondenwet; tegenstanders vrezen ‘bloedbad’

De Turkse straathondenwet, waarmee de overheid een einde wil maken aan de vele zwerfhonden in het land, is een stap dichterbij gekomen. Hoewel het oorspronkelijke voorstel is afgezwakt, vrezen dierenbeschermers dat de dieren in de praktijk massaal gedood zullen worden.

Het wetsontwerp is goedgekeurd door een parlementaire commissie en gaat naar het parlement voor een finale beslissing. Dierenrechtenbeschermers maken zich zorgen. De afgelopen maanden is in Istanbul en andere Turkse steden geprotesteerd tegen het plan om een eind te maken aan de aanwezigheid van naar schatting vier miljoen straathonden in Turkije.

De tegenstanders van de wet vrezen dat de meeste met een spuitje om het leven gebracht zullen worden. De term ‘bloedbad’ dook op in veel van de uitingen van de betogers.

Over de auteur
Rob Vreeken is correspondent in Istanbul voor de Volkskrant. Hij schrijft over Turkije, Iran, Israël en de Palestijnse gebieden. Voorheen specialiseerde hij zich op de buitenlandredactie in mensenrechten en het Midden-Oosten.

Volgens de Turkse regering, die het wetsontwerp heeft opgesteld, kunnen straathonden mensen aanvallen en vormen ze een gevaar voor de volksgezondheid, bijvoorbeeld door het verspreiden van hondsdolheid. Volgens de Vereniging voor Veilige Straten en het Recht op Leven, die het wetsvoorstel steunt, werden tussen maart 2022 en december 2023 92 mensen (onder wie kinderen) gedood door straathondenbeten of door straathonden veroorzaakte verkeersongevallen.

Minder drastisch

Volgens het oorspronkelijke wetsvoorstel, dat zoveel ophef veroorzaakte, moeten alle straathonden worden gevangen en ondergebracht in asiels. Daar zouden ze dertig dagen de tijd krijgen om te worden geadopteerd. Is er dan geen baasje gevonden, dan krijgen de dieren een spuitje. Volgens de bestaande wetgeving moeten gevangen straathonden na te zijn gevaccineerd en gesteriliseerd worden teruggebracht naar de plek waar ze werden gevonden.

De omvangrijke protesten waren voor de regering aanleiding het plan enigszins minder drastisch te maken. In het gewijzigde voorstel, dat nu door de parlementscommissie is goedgekeurd, ligt de lat voor euthanasie hoger. Honden worden afgemaakt als ze pijn hebben, ziek of agressief zijn, of anderszins een gezondheidsrisico vormen voor mensen.

Tegenstanders van de wet zijn bang dat in de praktijk honden nog altijd massaal gedood zullen worden, ook omdat veel gemeenten het alternatief te duur zullen vinden. Gemeenten worden nog altijd verplicht de honden van straat te halen en ze na vaccinatie en sterilisatie onder te brengen in asiels. Dat betekent dat er veel asiels gebouwd moeten worden. Bestaande opvangplekken moeten worden verbeterd.

Druk op oppositie

De oppositiepartij CHP is bang dat de wet door de regering gebruikt zal worden om door de oppositie bestuurde gemeenten het leven zuur te maken. Bij de lokale verkiezingen dit voorjaar veroverde de CHP 35 van de 81 provincies, een winst van 15. De regerende AK-partij werd in slechts 23 provincies de grootste, een verlies van 16.

Tijdens de behandeling van het wetsvoorstel in de commissie, die drie dagen duurde, kregen activisten en kritische dierenartsen geen toegang tot de vergaderzaal, in tegenstelling tot voorstanders van de wet.

Murat Pinar, hoofd van de Vereniging voor Veilige Straten en het Recht op Leven, mocht wel het woord voeren. Zijn 9-jarige dochter Mahra werd overreden door een vrachtwagen nadat ze was gevlucht voor twee agressieve honden. Op de eerste dag van het debat zwaaide Mahra’s moeder met de schoen van haar dochter. Ze zei dat wetgevers van de oppositie prioriteit geven aan het leven van honden boven dat van kinderen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next