Home

Zwemmers in de problemen dit weekend, maar de grote trend is: steeds minder verdrinkingen in Nederland

Het aantal verdrinkingen in Nederland is in de loop der decennia spectaculair gedaald. Toch is er reden tot zorg: de laatste jaren halen steeds minder kinderen hun zwemdiploma.

Met het warme weer dit weekend zochten Nederlanders massaal verkoeling in het water. Naast veel waterpret leidde dit ook tot een aantal ongevallen, waarvan zeker één fataal.

In de IJssel bij Kampen seinden omstanders hulpdiensten in toen een man kopje-onder ging. Duikteams haalden zijn levenloze lichaam naar de kant. Ook op andere plekken kwamen zwemmers in de problemen. Bij een zwemstrandje in Friesland haalden hulpdiensten een drenkeling in kritieke toestand uit het water, bij het Groningse Hoornsemeer bracht een ambulance een man naar het ziekenhuis nadat hij in ondiep water was gedoken, bij de Nederrijn in Gelderland moest een zwemmer gereanimeerd worden.

Over de auteur
Tonie Mudde is chef van de wetenschapsredactie van de Volkskrant en presenteert onze wetenschapspodcast Ondertussen in de kosmos.

Hoewel elke zwemdode er één teveel is, laten de lange termijn statistieken een positieve trend zien. Vooral bij kinderen onder de 10 jaar is sprake van een historisch succesverhaal. Verdronk in de jaren ‘50 nog zo’n 11 kinderen op elke 100 duizend, inmiddels is in ons waterrijke land nog slechts 0,3 op de 100 duizend. De opmars van zwemlessen speelde hierbij een cruciale rol.

Zorgelijk in dit opzicht is wel dat het aantal kinderen met een zwemdiploma de laatste jaren juist weer dalende is, blijkt uit onderzoek van het Mulier Instituut. In 2018 had zes procent van de kinderen tussen de zes en zestien jaar geen zwemdiploma, in 2022 is dat aandeel al dertien procent.

Gezinsinkomen en afkomst spelen hierbij een hoofdrol. Bij kinderen uit de armste gezinnen heeft een kwart geen zwemdiploma, bij kinderen met een migratieachtergrond is dat 28 procent. Het CBS becijfert dat het verdrinkingsrisico bij in Nederland geboren kinderen onder de 10 jaar met niet-Europese herkomst van de ouders drie keer hoger is.

Herinvoering schoolzwemmen

Tot 1985 kregen kinderen verplicht zwemles via school, daarna werd het aan ouders zelf overgelaten een zwemschool te zoeken. In een poging het aantal kinderen met zwemdiploma op te krikken, stemde een kamermeerderheid dit jaar voor herinvoering van het schoolzwemmen.

De meeste verdrinkingen (74 procent) in Nederland gebeuren in open water, zoals een sloot, rivier, meer of de zee. Een woordvoerder van de Reddingsbrigade Nederland geeft als belangrijkste advies om op dit soort plekken vooral niet alleen te gaan zwemmen. ‘Vraag of iemand op de kant je in de gaten houdt, of ga met elkaar zwemmen. Want als je alleen bent en je komt in de problemen, dan sta je meteen met 1-0 achter.’

De woordvoerder ziet dat het vaak door een combinatie van risicofactoren misgaat. ‘Bijvoorbeeld iemand die niet zo goed kan zwemmen en toch iets te diep het water ingaat omdat het er zo verleidelijk uitziet, al die badgasten op een warme dag. En dan kan de stroming ineens voor nare verrassingen zorgen, of iemand schrikt wanneer het water ineens dieper of kouder wordt.’

Tot slot wijst hij op de ‘absolute pechcategorie’. ‘Als iemand op de kant onwel wordt, valt diegene op de grond en kunnen omstanders relatief makkelijk in actie komen. Word je in het water onwel, dan ga je ook naar de grond, maar is hulp een stuk ingewikkelder.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next