Home

Dankzij Ozempic werd Novo Nordisk het waardevolste bedrijf van Europa. Kan de farmaceut die groei wel aan?

Al een halve eeuw produceert de Deense farmagigant insuline voor diabetespatiënten. Door de grote vraag naar de eetlustremmende middelen Ozempic en Wegovy steeg de koers van Novo Nordisk explosief, en het einde lijkt bepaald nog niet in zicht.

‘Hier, dit is een mooie plek voor een foto. Dan zie je mooi de hijskranen op de achtergrond’, zegt Martin Damm, als hij zijn grijze Mercedes parkeert. De burgemeester van het Deense stadje Kalundborg, een dik uur rijden van Kopenhagen, is inmiddels een ervaren gids geworden. ‘Weet je hoeveel hotdogs er hier vorige maand zijn verkocht? 17 duizend! Dat geeft je een idee hoeveel bouwvakkers hier aan het werk zijn.’

Ook zonder de broodjes met worst is dat duidelijk. Wie ’s ochtends door de met klaprozen begroeide heuvels van Seeland naar Kalundborg rijdt, belandt al snel in een file van bouwverkeer. Gele pendelbussen rijden af en aan tussen parkeerplaatsen en bouwterrein, en overal klinken tot genoegen van Damm slijptollen en hamerslagen.

Over de auteur
Jeroen Visser is correspondent Scandinavië en Finland voor de Volkskrant. Hij woont in Stockholm. Hiervoor was hij correspondent Zuidoost-Azië.

‘Ik noem mezelf ook weleens burgemeester van Hijskraanstad’, zegt de lange Deen met korte hemdsmouwen, die al veertien jaar in het stadsbestuur zit.

De motor van al deze bedrijvigheid is Novo Nordisk, de Deense farmagigant. Het bedrijf produceert hier al een halve eeuw insuline voor diabetespatiënten, maar de huidige groei wordt aangewakkerd door twee recentere producten: Ozempic, ook voor diabetespatiënten, en afvalmedicijn Wegovy, bedoeld voor mensen met obesitas (deze week kwam het Zorginstituut met het verrassende advies het afslankmedicijn (nog) niet op te nemen in het basispakket – zie kader). De vraag naar deze twee middelen is zo groot dat Novo Nordisk die niet kan bijbenen. En dus is het devies: uitbreiden. De expansie in Kalundborg kost 8 miljard euro.

Waarom komt Wegovy (nog) niet in het basispakket?

Zeker, Wegovy doet wat het belooft: mensen met overgewicht en obesitas vallen ervan af, gemiddeld 15 procent van hun lichaamsgewicht. Het afslankmiddel voldoet ‘aan de stand van wetenschap en praktijk’, stelt het Zorginstituut. Toch raadde het adviesorgaan de minister van Volksgezondheid deze week aan Wegovy (nog) niet op te nemen in het basispakket – en het medicijn dus niet te laten vergoeden door de zorgverzekering.

De reden: er zijn ‘grote vraagtekens’ bij het kostenmodel dat Novo Nordisk heeft aangedragen. Vragen over de langetermijneffecten van het medicijn – hoelang het werkt, of en hoe een patiënt ermee kan stoppen, komt het verloren gewicht er later niet weer aan – zijn onvoldoende beantwoord. Daardoor is ook onduidelijk welk gevolg Wegovy heeft voor de toekomstige zorgkosten van mensen met obesitas.

Omdat mogelijk vier miljoen patiënten in Nederland in aanmerking komen voor het medicijn en de kosten per gebruiker per jaar hoog zijn (2.750 euro), is het volgens het Zorginstituut nu niet verantwoord om Wegovy vanuit publieke middelen te betalen.

Als gastheer profiteert het stadje (16 duizend inwoners) aan het Kattegat van deze situatie. Er komen meer banen, de snelweg wordt verlengd en sinds een paar jaar lopen er zelfs studenten rond in de havenstad: verschillende universiteiten openen in het kielzog van Novo Nordisk een dependance. Als kers op de taart krijgt de gemeente ook een deel van de winstbelasting die de farmaceut afdraagt. Vorig jaar stroomde er 26 miljoen euro de gemeentekas binnen. Een tevreden Damm: ‘We hebben de belastingen al een paar keer verlaagd.’

Het Novo-effect

Ook de rest van Denemarken merkt het Novo-effect. Toen het bedrijf in 2021 een studie publiceerde waaruit bleek dat gebruikers van Wegovy tot 15 procent van hun lichaamsgewicht verloren, ontstond een run op de geneesmiddelen, vooral in de Verenigde Staten. Miljardair Elon Musk liet weten zichzelf te injecteren met het goedje, Oprah Winfrey sprak van een revolutie in afvalland en een Ozempic face (een ingevallen gezicht) is inmiddels een begrip.

De jubelstemming en de grote vraag vertalen zich in de cijfers. De winst groeide vorig jaar met 37 procent naar 13 miljard euro. De koers van het aandeel steeg explosief en Novo Nordisk is nu het waardevolste bedrijf van Europa. De marktwaarde is 600 miljard euro, meer dan de gehele Deense economie (400 miljard). In Denemarken is het bedrijf de grootste private investeerder, betaalt het de meeste winstbelasting (2 miljard euro) en is het voor een groot deel verantwoordelijk voor de economische groei. ‘Dit is uniek in de Deense geschiedenis’, zegt Martin Jes Iversen van de Copenhagen Business School. ‘Het is als een feest dat geen einde kent.’

Het roept de vraag op: wat voor bedrijf is Novo Nordisk? En waar belanden de miljarden die het verdient?

Gemodelleerd naar een insulinemolecuul

Met een bezem schudt een tuinman dorre bladeren uit de olijfboom in de hoge hal van het hoofdkantoor van Novo Nordisk in Bagsværd, een voorstad van Kopenhagen. Een houten trap leidt via witte cirkelvormige balkons naar boven, richting een rond glazen dak. Vanuit dit gebouw, gemodelleerd naar een insulinemolecuul, worden de 66 duizend medewerkers aangestuurd.

De route naar boven voert langs vergaderkubussen, opvallend veel koffiehoekjes met Deense broodjes en een spelletjeshoek met een minicurlingbaan. Op de bovenste etage zitten het management en de bestuurskamer. Ook hier weinig opsmuk: aan beide zijden van de bestuurstafel staan twee klassieke flip-overs.

Grote impact op de economie

De dominantie van het bedrijf in het thuisland leidde het afgelopen jaar tot speculaties over het ‘Nokia-effect’. De Finse telefoonproducent Nokia werd in de jaren negentig zo groot en belangrijk voor de nationale economie dat toen het bedrijf vanaf 2007 – na de introductie van de iPhone – stagneerde, Finland in een fikse recessie belandde.

Volgens de directeur van Novo Nordisk, Lars Fruergaard Jørgensen, is die vergelijking niet terecht. ‘Denemarken heeft verschillende grote industrieën en sommige van de mensen die wij aannemen hadden ook elders aan de slag gekund, want er zijn genoeg bedrijven die moeite hebben personeel te vinden’, aldus de lange, slanke Jørgensen (57). ‘Daarnaast zie je nu een dubbel effect. We nemen meer mensen aan en bouwen veel, waar we ook veel mankracht voor nodig hebben. Dus ja, de impact op de economie is groot, maar Denemarken zou het zonder die groei ook overleven.’

Jørgensen benadrukt dat Novo Nordisk – meer dan Nokia destijds – een mondiaal opererend bedrijf is. ‘We hebben tachtig lokale kantoren en fabrieken in vijf landen, waaronder China en de VS. Daarnaast hebben we onderzoeks- en ontwikkelingsafdelingen op alle vijf de continenten. Dus veel van de uitbreiding gebeurt buiten Denemarken.’

Jørgensen, die elke dag ontbijt met een bak havermout en regelmatig kajakt op het meer bij zijn huis, groeide op in een boerengezin nabij Viborg, in Jutland. Zijn ouders hielden varkens en ander vee en Jørgensen en zijn drie zussen hielpen vaak mee op de boerderij. Na zijn studie bedrijfseconomie meldde hij zich in 1991 aan voor een traineeship bij Novo Nordisk. Hij ontmoette er zijn vrouw Lotte, die ook trainee was. Jørgensen werd uitgezonden naar Japan, de VS en Nederland. In 2017 werd hij directeur, pas de zesde in de 100-jarige geschiedenis van het bedrijf.

Op en top Deens

Al die directeuren waren Deens, natuurlijk. De farmareus mag dan wel wereldwijd tentakels hebben, toch is het bedrijf op en top Deens. Er werken veel Denen, zeker aan de top. Het bedrijf propageert een bedrijfscultuur waarbij transparantie en het door Denen gecultiveerde gelijkheidsideaal belangrijk zijn. Bovendien is Novo Nordisk eigendom van een Deense stichting, de Novo Nordisk Foundation. Deze bezit 28 procent van de aandelen, maar driekwart van het stemrecht.

‘Het betekent dat een ander bedrijf ons niet kan overnemen’, zegt Jørgensen. ‘In ons buurland Zweden zijn veel farmaceutische bedrijven overgenomen door grote mondiale spelers. Ook wij hebben veel bedrijven op bezoek gehad die wilden fuseren. Maar dat is onmogelijk, of beter gezegd: het kan alleen als ons voortbestaan wordt bedreigd. In dat opzicht zijn we een behoorlijk Deens bedrijf, want we zullen het land nooit verlaten.’

Patriottistisch tintje

Deze bedrijfsvorm, waarbij een stichting de lakens uitdeelt, is een typisch Deense constructie. Honderden Deense ondernemingen, waaronder bierbrouwer Carlsberg en containergigant Maersk, zijn zo opgezet. Een stichting garandeert niet alleen langetermijndenken, stelt Iversen van de Copenhagen Business School. ‘Er zit ook wel een patriottistisch tintje aan. Denen zijn trots op hun ondernemingen en willen dat ze Deens blijven.’

In het geval van Novo Nordisk was de stichting zelfs een voorwaarde voor oprichting. In 1921 ging de Deense arts en Nobelprijslaureaat August Krogh op reis naar de VS. Zijn vrouw Marie, een dokter en diabetespatiënt, spoorde hem aan om ook naar Canada te gaan, waar onderzoekers insuline hadden ontdekt. Krogh ging en vroeg de Canadezen of hij insuline in Europa mocht produceren. Dat mocht, op voorwaarde dat hij geen ‘smerige winst’ zou maken en het verdiende geld zou laten terugvloeien naar onderzoek.

Honderd jaar later gebeurt dat nog altijd, vooral in Denemarken. De stichting Novo Nordisk subsidieert honderden projecten, van onderzoeksprojecten op het terrein van obesitas en diabetes tot natuurkundelessen op Deense middelbare scholen.

Onafhankelijke weldoener

Maar met de Ozempic-groeispurt is ook de stichting opgeschud. De aandelen zijn inmiddels 110 miljard euro waard, waarmee de stichting groter is dan de Bill & Melinda Gates Foundation. De afgelopen vijf jaar doneerde de Novo Nordisk Foundation 4,5 miljard euro aan 3.500 projecten. Daar komen gestaag meer buitenlandse ontvangers bij, zoals stamcelonderzoek in Leiden en hart- en vaatziektenonderzoek aan de Canadese Queen’s-universiteit. De stichting doneerde ook aan noodhulp voor Oekraïne en traint artsen in India om de preventie en behandeling van diabetes te verbeteren.

De vraag dringt zich op in hoeverre de organisatie een onafhankelijke weldoener is. Dat Novo Nordisk het geld weggeeft, wil niet zeggen dat het er niet indirect van profiteert.

Ja en nee, zegt stichtingsvoorzitter Mads Krogsgaard Thomsen via een videoverbinding vanuit zijn kantoor in Kopenhagen. Hij heeft net als veel andere bestuurders een verleden in de bedrijfstak; hij was er jaren directeur onderzoek en ontwikkeling. Volgens hem is de stichting wel degelijk onafhankelijk, maar het gefinancierde onderzoek komt wel overeen met de focus van het bedrijf: diabetes, hart- en vaatziekten, obesitas.

‘We helpen het bedrijf niet direct, maar we zorgen er wel voor dat de Deense universiteiten op deze gebieden top zijn en veel goede wetenschappers afleveren die geschikt zijn om bij Novo Nordisk te werken. Daarmee is het ook te verantwoorden dat het bedrijf zijn onderzoekstak in Denemarken houdt.’

Druk op de overheid

Novo Nordisk heeft veel invloed in Denemarken en daar maakt het bedrijf graag gebruik van. De Deense publieke omroep onthulde dat directeur Jørgensen bij de regering had geklaagd dat het te lang duurde om werkvergunningen te regelen voor nieuw personeel. Eind vorig jaar waarschuwde hij dat fabrieken in het buitenland zijn gebouwd ‘omdat het in Denemarken simpelweg te lang duurde’.

Is zulke pressie geoorloofd? ‘Het is in het belang van Denemarken dat we hier uitbreiden, dus ik vind het een beetje een bij jezelf toegebrachte wond als dat niet lukt omdat de overheid het niet aankan’, zegt Jørgensen.

De directeur noemt de Deense regering ‘behoorlijk responsief’ en stelt dat er een plan in de maak is om industriële gebieden aan te wijzen waar het makkelijker wordt een bouwvergunning te krijgen – een beetje zoals Project Beethoven in Nederland, waarmee de Nederlandse overheid de expansie van chipmachinemaker ASML faciliteert. ‘In veel opzichten luistert de regering’, aldus Jørgensen.

Niet alleen maar halleluja

De stad Kalundborg zal dus nog wel even het toneel zijn van de fabrieken van Novo Nordisk. Fijn voor de stad, al is het niet alleen maar halleluja. ‘De huizenprijzen zijn omhooggeschoten’, zegt Dorte Olsen (46), die met pakken zuivel in haar armen door de winkelstraat loopt. De pr-medewerker woont in Kopenhagen, maar heeft hier in de buurt haar zomerhuis. ‘Ik wil op termijn hierheen verhuizen, maar ik weet niet of dat nog kan. Ik heb ook het idee dat Novo alle beschikbare woningen opkoopt. En het is heel moeilijk om werklui te vinden, die zijn allemaal bezet.’

Olsen ziet heus wel de positieve gevolgen van de expansie. Er zijn veel vacatures en om haar heen zitten de terrassen vol met lunchende bouwvakkers in overall. Ook met al die industriële activiteit is het leven in Kalundborg gemoedelijker dan in de hoofdstad, zegt ze. Maar toch ziet ze een schaduwkant aan die snelle opmars. ‘Wat als ze ooit vertrekken? Dat zou een ramp zijn.’

Diabetes en obesitas

De kans op dit rampscenario lijkt klein. Tijdens een recente onlinepresentatie voor internationale journalisten klonk steeds weer het getal ‘1 miljard’. Volgens de internationale Obesitasfederatie zijn er ruim 1 miljard mensen met obesitas. ‘Een miljard mensen hebben medicijnen zoals deze nodig. Het is een nieuwe wereld’, zei hoofd bevoorrading Henrik Wulff tijdens de presentatie. ‘Er is geen limiet.’

Wel is het de vraag of het een nastrevenswaardig doel is om een miljard mensen van een anti-obesitasmedicijn te voorzien. Volgens Jørgensen is dat ook niet de bedoeling – en niet realistisch. Het bedrijf noemt dit getal volgens hem alleen om te laten zien hoeveel mensen met obesitas leven, dat wil zeggen een BMI hebben van 30 of hoger.

Hoewel de medicijnen in trek zijn bij de Elon Musks van deze wereld, benadrukt Novo Nordisk dat ze bedoeld zijn voor specifieke aandoeningen, dus Ozempic voor diabetes type 2 en Wegovy voor obesitas.

Jørgensen: ‘De mensen die onze medicijnen gebruiken, hebben gemiddeld een BMI van 37 of 38. En de meesten van hen hebben ook andere aandoeningen zoals diabetes of hart- en vaatziekten. Dus dit zijn mensen die ernstig en chronisch ziek zijn en zonder medische hulp minder snel een rijk en lang leven zullen hebben.’

Genetische aanleg

Volgens de directeur is het belangrijk om te erkennen dat obesitas een ziekte is, waarbij genetische aanleg een rol speelt. ‘Ik dacht bij obesitas vroeger ook aan mensen die hun leven niet onder controle hadden. Nu weet ik dat veel van hen hun hele leven worstelen en toch blijven aankomen, wat ze ook proberen.’

Tegelijkertijd kan het gevecht tegen diabetes en obesitas – ziekten die vaak samengaan – ook gevoerd worden met preventie, bijvoorbeeld door te investeren in betere voeding en een betere levensstijl. Ligt daar voor de charitatieve tak van Novo Nordisk niet bij uitstek een taak?

Volgens voorzitter Thomsen financiert de stichting al verschillende projecten die moeten leiden tot meer kennis over preventie. ‘Die lessen passen we toe in Denemarken en als we concluderen dat het werkt, delen we die kennis. Niets van wat we doen is geheim.

‘Toen ik in de jaren negentig met stamcelonderzoek begon, was ons doel om diabetes type 1 te genezen. Mijn motto was: als er een uitvinding is die ervoor zorgt dat onze geneesmiddelen niet meer nodig zijn, kunnen we die het best zelf ontdekken. Maar eerlijk gezegd is het niet realistisch dat we in de komende vijftig jaar obesitas uitbannen. Als we de groeiende curve kunnen afvlakken en stabiliseren, zou dat al een grote overwinning zijn.’

De oprichtingsbelofte nakomen

Doet het bedrijf daarmee voldoende om zijn oprichtingsbelofte – om de ‘smerige winsten’ af te staan – na te komen? Ja, zegt Thomsen. ‘De winsten zijn ook nodig om nieuwe, innovatieve geneesmiddelen te ontwikkelen. En wanneer het patent op de huidige medicijnen verloopt, kunnen we die spotgoedkoop brengen naar mensen over de hele wereld. Hopelijk hebben we tegen die tijd weer een ander winstgevend product.’

Het patent op semaglutide, de eetlustremmende stof in Ozempic en Wegovy, loopt nog bijna tien jaar; het bedrijf hoopt het middel in de toekomst ook in pilvorm aan te bieden, als alternatief voor een injectie. Er is weliswaar concurrentie – het Amerikaanse bedrijf Eli Lilly heeft een afvalmedicijn klaarstaan – maar de markt lijkt groot genoeg voor twee. Daarnaast moeten veel patiënten de geneesmiddelen permanent gebruiken. Geen vervelende bijkomstigheid voor een farmaceut.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next